‘Voedselbos wordt een plek voor mens, plant en dier’

Nieuws
Voedselbos Groene Hart in aanleg, vlnr John, Rosali, Marcel en Irene.
Voedselbos Groene Hart in aanleg, vlnr John, Rosali, Marcel en Irene. (Foto: Morvenna Goudkade)

HAZERSWOUDE – Het wordt een plek voor mens, plant en dier. De bedenkers van Voedselbos Groene Hart willen een kwekerijperceel omtoveren tot ‘natuur om met elkaar te delen’. Ilexkweker Rosali de Jong (44) doet dat samen met medestanders.

Door Morvenna Goudkade

Ze hebben net een naambord langs de weg gezet. Het maakt het weer een stukje ‘echter’ vindt het voedselbosteam. Behalve De Jong zijn dat ook haar partner Marcel Vis (45) en het echtpaar Irene en John van Es (51 en 54). Het viertal blaakt van enthousiasme. 

‘We willen een zelfvoorzienend gebiedje’

Een perceel kwekerijgrond van 1,5 hectare wordt hier geleidelijk aan omgevormd tot voedselbos. Een diepe wens van Rosali de Jong, zo blijkt. De Boskoopse komt uit een echte kwekersfamilie en groeide op met het kwekersvak. Ze kocht samen met partner Marcel een huis met kwekerij aan de Burgemeester den Hollanderweg in Hazerswoude, op de grens van het sierteeltgebied. Daar worden nog steeds Ilex-planten geteeld, maar een stukje van de kwekerij is nu bestemd voor voedselbos. “Ik wilde het sowieso al anders doen”, vertelt De Jong. “Op een natuurlijke manier. Het liefst wil ik de natuur zelf balans laten vinden. Onkruid, ook zoiets. Wij schoffelen op de kwekerij maar in het voedselbos mogen alle planten er zijn, net als alle dieren. En alle mensen, want mensen zijn onderdeel van de natuur, dat vergeten we weleens.”

Dat een kweker een voedselbos begint is best bijzonder. Vriend Marcel was timmerman, maar koos ook voor de kwekerij én voor het voedselbos. Het bevriende echtpaar Irene en John van Es is al net zo gemotiveerd. “Het spreekt me heel erg aan”, zegt Irene. Ze heeft een natuurgeneeskundige praktijk in Hazerswoude en werkt met de geneeskracht van planten via zogeheten bloesemremedies. “Ik zoek altijd naar samenhang. Ik geloof dat alles met elkaar verbonden is en dat er een natuurlijk evenwicht kan zijn.” John werkte voorheen als zelfstandig hovenier en was later projectleider bij een groot hoveniersbedrijf. Zijn kennis van groen wil hij nu inzetten voor het voedselbos. 

Bij een rondleiding over het terrein wordt enthousiast uitleg gegeven. Zoals over de wilgentempel, een beschut plekje waar je even kunt rusten van het werk in het voedselbos. De Jong schenkt bekers berkenbladthee. “Je kan er thee van zetten, maar je kan de jonge berkenblaadjes ook gebruiken in een salade”, weet ze. Vriend Marcel roept intussen de loopeenden. Hij hoeft maar in zijn handen te klappen en er klinkt van achter op het terrein al meteen gekwaak. Daarna komt de hele koppel aangewaggeld. “Indische loopeenden zijn fantastische hulpjes. Ze eten slakken.” Er wordt ook een kijkje genomen bij het lavendel labyrint. Een plek met smalle paadjes waar je een moment van rust en bezinning kunt vinden. Met de kwakende loopeenden erbij is het wat minder rustig, maar wel heel vrolijk. 

Het idee voor een voedselbos nam de afgelopen jaren steeds vastere vormen aan en een jaar geleden werd de knoop doorgehakt: we gaan het doen, een voedselbos aanleggen. Het terrein wordt geleidelijk aan ontwikkeld. “Sindsdien hebben we al zoveel plezier gehad”, glundert De Jong. Ze hebben met veel partijen overleg en contact: de buren, de gemeente, het waterschap. Er zijn bestaande voedselbossen bezocht, er wordt veel gelezen en geleerd. “We willen hier een zelfvoorzienend gebiedje, voor mens, plant en dier”, zegt het viertal. “Elke vrijdagmiddag zijn bezoekers welkom. We hebben heel veel plannen, voor educatie, voor natuurlijke oevers, voor een openbare pluktuin. Het zou mooi zijn mensen te inspireren hier als vrijwilliger aan mee te werken.” Ze hopen op het terrein enkele natuurhuisjes te kunnen bouwen. “Maar we doen het heel geleidelijk aan.”