Taalvrijwilligers en nieuwkomers leren veel van elkaar: ‘Je krijgt er zoveel meer voor terug dan je denkt’

REGIO - Tijdens de Week van lezen en schrijven, elk jaar van 8 tot en met 15 september, vragen we vanuit het Taalhuis van Bibliotheek Rijn en Venen extra aandacht voor volwassenen die moeite hebben met lezen, schrijven en/of rekenen. In het Taalhuis helpen vrijwilligers de hele week mensen met diverse achtergronden met het oefenen van Nederlands. Vrijwilliger Daniëlle Roodbol en Liesbeth Naaborgh zien hoeveel impact hun werk heeft. “Je ziet mensen echt veranderen”, vertelt Daniëlle.
Elke donderdagavond komen twintig tot dertig mensen naar de Bibliotheek in Alphen aan den Rijn. Sommigen zijn vluchtelingen, anderen zijn naar Nederland gekomen voor werk of voor de liefde. Maar allemaal delen ze hetzelfde doel: beter Nederlands leren spreken. Dat oefenen ze bij het TaalCafé onder begeleiding van enthousiaste vrijwilligers. In groepjes van drie tot zes personen praten ze over wie ze zijn, hun hobby’s, het nieuws of elkaars cultuur. “Nederlands is best een lastige taal, zeker voor volwassenen”, valt Daniëlle op. Zes jaar geleden begon ze als vrijwilliger, inmiddels coördineert ze het TaalCafé. “Wat de deelnemers vaak nodig hebben is veel oefentijd”, vertelt Daniëlle. “Ze hebben niet altijd genoeg momenten of plekken waar ze Nederlands kunnen spreken.” In het TaalCafé leren deelnemers om in het Nederlands alledaagse dingen te zeggen: hoe je iets bestelt, hoe je de huisarts uitlegt waar je last van hebt of hoe je vraagt hoe een zorgverzekering of uitkering in Nederland werkt.
Voor de deelnemers zijn dit belangrijke zaken. “Ze proberen hier een nieuw leven op te bouwen”, ziet Daniëlle. Het oefenen kan veel betekenen voor hun zelfvertrouwen, ziet de coördinator. “Ze gaan zich zekerder voelen op de plek waar ze nu staan.”
Culturele uitwisseling
Ook Liesbeth Naaborgh is sinds vorig jaar actief bij de Bibliotheek, maar dan als Taalmaatje. Nadat ze met pensioen ging, leek het haar leuk om vrijwilligerswerk te doen met mensen die nog niet zo lang in Nederland wonen en de samenleving nog moeten leren kennen.
Nu spreekt ze wekelijks anderhalf uur één-op-één af met een vrouw uit Gambia om Nederlands te oefenen. ‘We kletsen over dagelijkse dingen en oefenen met tekstjes en klanken’, vertelt Liesbeth, die de gesprekken ‘hartstikke gezellig’ noemt. ‘Ze is supergemotiveerd om dingen te leren.’ Maar ook Liesbeth leert ‘ontzettend veel’ over Gambia van haar gesprekspartner. ‘Zo hebben we begrafenisgewoontes in Gambia besproken. Die culturele uitwisseling is wat er zo ontzettend leuk aan is.’
Een hoogtepunt voor Liesbeth was toen ze door haar taalleerder gevraagd werd om mee te gaan naar de naturalisatieceremonie: het officiële moment waarop iemand de Nederlandse nationaliteit krijgt. Daar moest haar taalleerder een eed afleggen in het Nederlands, wat toch voor de nodige stress zorgde. “Dat hebben we hier samen zitten oefenen.” En met succes, vindt Liesbeth. “Ze deed het heel goed.”
‘Met mensen kletsen’
Het zijn dit soort momenten die ervoor zorgen dat Liesbeth na haar wekelijkse gesprek vaak heel tevreden naar huis gaat. Het vrijwilligerswerk vindt ze ‘supernuttig, overzichtelijk en laagdrempelig’. “Wat is nou anderhalf uur per week?”
Het Taalhuis geeft aan hard op zoek te zijn naar nieuwe taalvrijwilligers. Aanmelden kan via taal@bibliotheekrijnenvenen.nl. Meer informatie staat op de website van Bibliotheek Rijn en Venen. Daniëlle benadrukt dat je als vrijwilliger geen achtergrond in het onderwijs hoeft te hebben. “Als je het leuk vindt om te kletsen, zou ik het doen. Je krijgt er zoveel meer voor terug dan je van tevoren had gedacht.”






Meer nieuws uit Alphen aan den Rijn?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie