Hoe rechts is het Westland? (2) De rechts-autoritaire ‘verleiding’ tijdens de jaren dertig

Nieuws
Verkiezingsposter Zwart Front.
Verkiezingsposter Zwart Front. (Foto: Nationaal Oorlogs- en Verzetsmuseum Overloon)


Hoe rechts is het Westland?

Het Westland staat in de landelijke media bekend als een politiek rechts bolwerk. Of het nu gaat om de huisvesting van arbeidsmigranten, de komst van een asielzoekerscentrum of de kleur van de hulp van Sinterklaas: het Westland laat zich horen. In deze reeks artikelen gaat historicus Philip van den Berg in op de vraag: ‘Hoe rechts is het Westland?’ Deze keer: de strijd tussen rechts-autoritaire partijen in de jaren dertig om de stem van de Westlandse kiezer. 

Door Philip van den Berg

In de jaren dertig kwam het rechts-autoritaire gedachtegoed — vertegenwoordigd door partijen als de Algemeene Nederlandsche Fascisten Bond (ANFB), de Nationaal Socialistische Beweging (NSB) en het Zwart Front (ZF) — niet zomaar uit de lucht vallen. Tijdens de jaren twintig deden diverse kleine en weinig invloedrijke groeperingen pogingen om politiek voet aan de grond te krijgen. Denk hierbij aan de Nationale Unie, het Verbond van Actualisten en het Vaderlandsch Verbond.

De ‘vijver’ van onvrede

Deze partijen deelden vaak een aantal gemeenschappelijke overtuigingen: behoudend conservatisme en liberalisme, een sterk gevoel voor nationale identiteit, afkeer van socialisme en communisme, wantrouwen jegens de democratie en de gevestigde politiek, én een hunkering naar daadkracht, leiderschap en visie. Deze ideologische ‘vijver’ vormde de voedingsbodem waarin het rechts-autoritaire gedachtegoed kon groeien.


Verkiezingsposter Zwart Front. - (Foto: Nationaal Oorlogs- en Verzetsmuseum Overloon)

Minder bekende spelers

Behalve de ANFB, NSB en het Zwart Front, probeerden ook andere, minder bekende groeperingen de Westlandse kiezer te overtuigen. Partijen als het Verbond van Nationalisten, het Nationaal Verbond Plicht, Orde en Recht (NVPOR) en het Verbond Nationaal Herstel (VNH) konden eveneens rekenen op enige sympathie vanuit de Glazen Stad.

Daarnaast waren er partijen aan de rechterkant van het politieke spectrum die het rechts-autoritaire gedachtegoed deels omarmden of ermee flirtten. Denk hierbij aan zogeheten ‘one-issuepartijen’ of belangenpartijen voor specifieke beroepsgroepen, zoals middenstanders, boeren en tuinders. Ook binnen de protestants-christelijke stroming kwamen dergelijke geluiden voor, zoals bij de Hervormd Gereformeerde Staatspartij (HGSP) en de Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP).

Grenzen in het Westland

Toch wisten niet alle extreemrechtse partijen voet aan de grond te krijgen in het Westland. Zo kregen de NSNAP van majoor Kruyt en die van Von Rappard, ondanks meerdere pogingen, geen voet aan de grond te krijgen in het Westland. Von Rappard pleitte openlijk voor aansluiting van Nederland bij nazi-Duitsland op basis van ‘stamverwantschap’. Beide partijen spraken hun waardering uit voor Hitlers NSDAP, met nadruk op zijn rassenleer en anti-Joodse maatregelen — standpunten die blijkbaar ook in het Westland op weerstand stuitten.

Katholiek fascisme in de Glazen Stad

Binnen het katholieke volksdeel bestond in de jaren twintig en dertig een uiterst conservatieve stroming, die veel sympathie had voor het fascisme en die de democratie afwees. Een partij als Zwart Front vertegenwoordigde deze vorm van katholiek fascisme onder leiding van Arnold Meijer.

Gezien het grote aantal katholieken in het Westland, met name de dorpen Poeldijk, Wateringen en Schipluiden, is het niet vreemd dat een katholieke rechts-autoritaire partij als Zwart Front de nodige stemmen behaalde. Ook hield deze partij meerdere vergaderingen en bijeenkomsten in de Glazen Stad. Daarbij correspondeerden meerdere Westlanders met Arnold Meijer, waaronder sympathisanten uit ’s-Gravenzande en Naaldwijk.


Katholieken en fascisme (boekomslag) - Foto: PR

De strijd om de kiezer

Verschillende rechts-autoritaire partijen probeerden hun positie te versterken in het Westland. Hoewel conservatief-christelijke partijen de boventoon voerden, konden ook fascistische en nationalistische partijen op enige steun rekenen.

Bij de Tweede Kamerverkiezingen van 1933 kwam in het Westland de ANFB als grootste rechts-autoritaire partij uit de bus, met name in Monster. Bij de Provinciale Statenverkiezingen van 1935 wist de NSB van Mussert die positie over te nemen. Opvallend was ’s-Gravenzande, waar bijna 7% van de kiezers stemde op een rechts-autoritaire partij. Monster en Schipluiden volgden met elk meer dan 5%.

In 1937 vonden opnieuw Tweede Kamerverkiezingen plaats. De gemeente ‘s-Gravenzande behield in het Westland haar koppositie en Naaldwijk nam de derde plek over van Schipluiden. Bij de laatste verkiezingen van 1939, de Provinciale verkiezingen, kort voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, was Monster de gemeente waar de meeste stemmen naar rechts-autoritaire partijen gingen. Ook in de gemeenten ‘s-Gravenzande en De Lier waren deze partijen relatief sterk.

Mussert wint

Het zal weinigen verbazen dat in het Westland de NSB van Anton Mussert uiteindelijk het meeste succes boekte onder de rechts-autoritaire partijen. Hoewel de partij van Jan Baars in de beginjaren kon rekenen op een trouwe, zij het beperkte, achterban in het Westland — en ook andere kleine partijen enige steun kregen — wist de NSB de onderlinge strijd te winnen. Mussert slaagde erin steeds meer mensen aan zich te binden, ook in de Glazen Stad, mede dankzij zijn meer gestructureerde organisatie, landelijke zichtbaarheid en bredere aantrekkingskracht.

Hoe verder?

Een boeiende vraag blijft: kreeg het rechts-autoritaire gedachtegoed na de bezetting opnieuw de kans om een plek te veroveren binnen het Nederlandse staatsbestel? En wist het opnieuw de harten van Westlandse kiezers te raken? Daarover meer in het volgende artikel. 

Meer nieuws uit Lokaal nieuws?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: