
‘Komt er nog wat van?’
NieuwsOOSTZAAN - Het was de tijd dat er alleen een paard en wagen over de weg reed en als kind ging je hoepelend naar school. Vaders verdienden het geld, moeders deden het huishouden en waren er voor het gezin. Daarnaast verzorgden ze de beesten en hielpen mee in het ‘nerinkie’ van hun man om de inkomsten te verhogen.
Vader was een kleine zelfstandige. Hij had een petroleumzaak en ging met zijn brandstof uit venten langs de deuren. Er werd toen veel op oliestellen gekookt. Als de olie op was, kwamen de mensen uit de buurt ook wel met een kruikje achterom, om twee of vier liter af te halen. Daar zorgde moeder voor. Zij goot de petroleum in die ouderwetse zinken of emaillen oliekannen met zo n tuutje eraan. Dan konden ze weer koken en stoven en water opzetten voor de thee of de afwas.
Er liepen wel driehonderd kippen bij ons achter. Moeder had als taak de waterpannen in de hokken te vullen met emmers vers water. Dat was een heel gesjouw en het moest dagelijks gebeuren.
Ook moesten de eieren geraapt worden. Als die te lang bleven liggen, gingen ze kapot. Met al die kippen was dat toch best een hele klus voor moeder. Maar zo ging dat nu eenmaal zo’n honderd jaar geleden.
En dan was er die grote haan. Eigenlijk was moeder bang voor hem. Als je het hok binnenkwam, deed hij je niks, maar zodra je aanstalten maakte om het hok weer uit te gaan, kwam hij als een bezetene achter je aanrennen en deed een aanval op je benen. Zo verdedigde hij zijn boeltje. Het liefst wilde hij je van het erf afjagen.
Het was een groot erf met wel vijfentwintig fruitbomen en veel kippenhokken. De kippen waren voor hobby en de eieren werden verkocht voor één of twee cent, of per kilo. Dat was makkelijk, want er gingen er zoveel in een kilo.
Mijn moeder Trien Vonk was altijd bezig en ze liep steeds in een jasschort. Dat was de werkkleding voor vrouwen in die tijd. Je had ze gestreept, geruit en met bloemetjes en zonder mouwen. Zo kon ze haar jurk beschermen. Een schort was ook makkelijker te wassen dan een jurk. Moeder droeg de eieren in haar schort. In de herfst werd het schort gebruikt om de appels op te rapen, die onder de bomen lagen.
Maar soms trok ze haar goeie goed aan en dat was op een late zomerse dag, toen ze in haar zondagse, witte jurk op de foto ging , samen met de poes en de hond. Het is een mooi plaatje geworden.
Poes vindt het maar zozo. Het interesseert haar eigenlijk geen bal en ze kijkt gewoon de andere kant op. Maar de hond blaft enthousiast. Hij vindt het wel leuk om op de foto te gaan en moeder slaat een arm om hem heen. Alleen dat geposeer duurt hem een beetje te lang. Het is alsof hij zeggen wil: “Schiet es een beetje op met die foto. Ik zit hier niet voor niks? Komt er nog wat van?”
Sonja Duba en Goos Vonk