
Moeder zat doodsbenauwd onder de tafel
NieuwsOOSTZAAN - Langzaam trekken de onweersbuien over Nederland. Je weet nooit wanneer het onweer wordt verwacht, hoe hard het gaat donderen en waar het zal flitsen. Een grijze, steeds donker wordende lucht komt dreigend dichterbij, de wind waait steeds harder, het begint te rommelen en dan… schiet er een bliksemschicht door de lucht, gevolgd door een enorme knal.
Uit vrees voor het naderende onweer werden alle zes de kinderen ‘s nachts uit bed gehaald. Ze moesten zich aankleden en zaten met hun jassen aan in de grote woonkeuken met gapende, slaperige gezichtjes, te wachten tot het gedonder was afgelopen. Het ijzeren geldkistje met waardevolle papieren erin werd op tafel gezet, de spiegel werd omgedraaid, over de glimmende theepot werd een doek gelegd en moeder, die doodsbenauwd was, ging onder de tafel zitten. En daar bleef ze, net zolang tot het laatste geroffel was weggestorven. Alle voorzorgsmaatregelen had ze genomen en ervoor gezorgd dat er niets verschrikkelijks kon gebeuren. En mocht de bliksemschicht toch inslaan, dan was de hele familie startklaar en konden ze het kistje pakken en hard wegrennen.
Op het platteland stond men het dichtst bij de natuur en er zijn veel bijgelooftradities lang blijven bestaan, zo ook in Oostzaan. Lang geleden wisten de mensen niet wat bliksem was. Ze dachten dat de dondergod Donar oorlog voerde, met zijn bokkenwagen door de lucht raasde en zo hard met zijn hamer op zijn zwaard sloeg dat de bliksem eruit flitste.
Voor onweer en blikseminslag waren ze doodsbang. Vooral de donderslagen maakten dat ze angstig werden. Ze snapten er niks van en daarom bedachten ze zelf wat ze er tegen konden doen en hoe ze het konden tegenhouden.
In de middeleeuwen waren de mensen er van overtuigd dat ze het onweer konden verjagen en ze bedachten de gekste dingen. Als je brandnetels opstookte, kreeg je geen blikseminslag. Een klavertje vier bewaren of het ei van een zwarte kip over het dak gooien weerde de bliksem af. Een spiegel moest met een doek worden afgedekt, omdat hij anders de bliksem aan zou trekken. En als je op een kikker, een pad of een slak trapte, kwam er onweer. Om de bliksem te verjagen werd er Sint Janskruid op het dak gebonden of voor het raam gehangen. En om de stad of het dorp te beschermen tegen blikseminslag luidde men de kerkklokken als er een onweersbui in aantocht was.
Wat gebeurt er toch tijdens een onweer dat er zulke ontzagwekkende krachten vrijkomen? Onweer begint in een wolk, die ontstaat doordat koude lucht ervoor zorgt dat de vochtige, warme lucht gaat stijgen. De wolk wordt groter. Waterdruppels en ijskristallen wrijven tegen elkaar aan en door de wrijving wordt de wolk elektrisch geladen. De onweerswolk schiet dan een vonk uit naar een andere wolk of naar de aarde. De vonk wordt zo heet dat de lucht begint te gloeien. Dat is de bliksemschicht die je ziet. Daarna hoor je die enorme knal.
Omdat de snelheid van licht hoger is dan die van geluid, zie je altijd eerst de bliksemflits en hoor je daarna pas de donder. Als de donder rolt, zie je dus geen bliksem.
Onweer is een normaal natuurverschijnsel. De klappen van de donder klinken hard en de regen slaat krachtiger tegen de ramen dan bij een gewone stortbui. Als er tussen bliksemflits en donder drie tellen zitten, ben je op één kilometer afstand van het onweer. Elke drie tellen is één kilometer. Als je tot tien telt, is het onweer drie kilometer bij je vandaan en dat is een veilige afstand. Maar heb je minder dan tien seconden, dan is het tijd om naar binnen te gaan, want dan begint het gedonder pas goed. Vroeger, als er onweer kwam in Oostzaan, gingen de koeien allemaal met hun kop naar de sloot staan.
Als er dondervliegjes rondvliegen, je haar of je kleren statisch worden en huisdieren onrustig gedrag vertonen, kun je er de donder op zeggen dat het gaat onweren. Ga nooit onder een boom schuilen. Ga gehurkt zitten in het open veld, blijf uit de buurt van open water en vermijd metalen voorwerpen, zoals fietsen, tentstokken en paraplu’s.
Onweer zorgt ook voor regen en dan krijgen de plantjes weer genoeg water. De bliksem slaat niet zomaar in en de klappen van de donder kunnen geen kwaad. Maar toch… wordt het aardedonker, gaat er een hoosbui over je heen met zware windstoten en hoor je in de verte een scherp en rommelend geluid, wacht dan geen seconde, maar maak dat je wegkomt.
Sonja Duba en Jaap Taams