Bramen verwijderen. Ook hierdoor ontstaat ruimte.
Bramen verwijderen. Ook hierdoor ontstaat ruimte. (Foto: Rodi Media/MvS)

Aan de slag met Werkgroep Kwadijkse Vlot en waken voor het Donald Duck-effect

Nieuws

OOSTZAAN – Al vanaf 1982 trekt een groep vrijwilligers onder de naam Werkgroep Kwadijkse Vlot met grote regelmaat de laarzen aan om natuurgebieden van Staatsbosbeheer en van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier te onderhouden die anders niet worden beheerd. Het operationele gebied omvat een ruime kring rond Purmerend. Afgelopen zaterdag was een veenmosrietland in Achterdichting Oostzaan, grenzend aan het Oostzanerveld, aan de beurt. Het Nieuwsblad Landsmeer/Oostzaan was erbij en harkte twee uurtjes mee. 

door Marcel van Stigt

De redacteur van het Nieuwsblad Landsmeer/Oostzaan wacht een nieuw avontuur. Even niet in de warme huiskamer tikken op zijn laptop, maar ergens buiten in de kou riet wegharken, en dat in een achteraf gelegen, voor hem onbekend gebied. De locatie vinden is al een avontuur op zichzelf. De doorgebelde routebeschrijving ging het ene oor in en het andere in één moeite door weer uit. Een slordige, snelle krabbel op de achterkant van een visitekaartje moet hem naar het afgesproken punt brengen.  

Het komt wonderwel goed. Een slingerend traject door Wijdewormer komt uit bij een smalle weg en die leidt dan weer naar een lang, nog smaller fietspad, dat aan de ene kant langs de spoorbaan en aan de andere kant langs een stuk ruige, ongerepte natuur loopt. Er staan al wat auto’s in de berm. Enkele mannen en vrouwen wisselen schoenen voor laarzen. Bestemming bereikt. Missie al grotendeels geslaagd. 

Ben Brugge zorgt voor een warm welkom. De voormalige veldbioloog is er al vanaf het begin bij. “Je moet jong beginnen, dan hou je het langer vol”, stelt hij. Er zijn nog enkele leden die zich al jaren aan de werkgroep hebben verbonden. In de meeste gevallen zijn ze daar via-via terechtgekomen. Om nooit meer weg te gaan. Zo is een hechte groep gelijkgestemden ontstaan, die er genoegen in schept buiten in de natuur te werken. Het is voor hen een nuttige tijdsbesteding, maar ook een aangename. Zeker als ze het mogen meemaken dat in het vroege ochtenduur de mistflarden optrekken, de zon doorbreekt en de verschillende weidevogels onbekommerd beginnen te tjilpen en te kwetteren. 

In principe draaien de werkzaamheden om ruimte scheppen. Maaien, riet en onkruid weghalen en zo planten en bloemen de kans geven op te komen en het voor dieren aantrekkelijk maken zich hier te vestigen.  

De leden zijn in groepjes aan het werk en verdwijnen soms geheel in het riet. Op één dame na. In haar uppie zit ze op een kniekussen en verwijdert, met handschoenen aan, bramen. “Heerlijk, zo in mijn eentje”, zegt ze. “Ik zag deze groep ooit ergens aan het werk. Uit nieuwsgierigheid heb ik gevraagd wat ze aan het doen waren. Ik heb me meteen aangemeld. In deze groep maakt het niet uit wie of wat je bent. Dat spreekt me erg aan.” 

‘Van wie is die hark?’

De dame gaat op de kiek en daarvoor moet de hark even terzijde worden gelegd. Fout! “Van wie is die hark?”, klinkt het twintig meter verderop. De vrijwilliger die deze vraag heeft gesteld wijst naar de hark die doelloos op de grond ligt. 

“Van mij. Ik moet even een foto maken.” 

Ben Brugge ziet en hoort het allemaal aan en komt dichterbij. Er volgt een vriendelijke terechtwijzing. “Altijd je hark rechtop in de grond steken. Nooit neerleggen. Anders krijg je het Donald Duck-effect: dan trap je op de tanden en knalt de stok tegen je hoofd.” 

Een wijze les. Zoals het ook verstandig is veiligheidslaarzen te dragen in plaats van de reguliere rubberen exemplaren. In het ergste geval gaat die hark er gewoon doorheen. Brugge is verplicht om nieuwkomers hierop te attenderen. 

Verruiging ligt op de loer

De groep werkt stevig door en maakt de klus af die op het programma stond. Meer echt klaar is het hier nooit. Het gebied, voorheen een vlietland, vraagt om blijvende aandacht. Maar de inspanningen hebben wel effect. Verruiging ligt hier altijd op de loer, maar zover gaat het niet komen. Dankzij het beheer van de groep zijn de Sint Jansvlinder en de Noordse woelmuis teruggekeerd. En er groeit nu een grote diversiteit aan planten. “Waar jij hebt geharkt komen over enige tijd vijftig orchideeën te staan”, belooft Ben Brugge.  

Dat geeft een goed gevoel. Reden genoeg om hier in het voorjaar maar weer eens een kijkje te nemen. En misschien weer eens mee te helpen. Het is aangenaam werk, zo op de zaterdagochtend, het is een gezellige groep en nieuwe vrijwilligers zijn altijd welkom. 

Interesse? Bel of mail met Ben Brugge (0299-463309/06-22056916; bbrugge@xs4all.nl). 

Mede-initiatiefnemer Ben Brugge was er in 1982 al bij.