Ine van Brenk bewaart mooie herinneringen aan Ajax.
Ine van Brenk bewaart mooie herinneringen aan Ajax. (Foto: Rodi Media/MvS)

“In de trein kroop ik onder een bank als Ajax tegen Feyenoord moest spelen”; Ine van Brenk blikt in podcast terug op haar jaren bij Ajax

Nieuws

LANDSMEER – Ajax en Amsterdam kun je niet los van elkaar zien. Dus nu ze allebei jubileren – de een bestaat 125 jaar, de ander 750 jaar – wordt dat samen gevierd: met een tentoonstelling in het Stadsarchief Amsterdam, aan de Vijzelstraat 32, tot september 2025. Voor Ine van Brenk, lid van verdienste van Ajax, een mooie gelegenheid om terug te blikken op haar periode als contactpersoon tussen F-side en de politie, en later de gemeente. Samen met Ronald Pieloor, toenmalige contactpersoon van de F-side, diept ze in een doorlopende podcastserie herinneringen op. 

Door Marcel van Stigt  

De 73-jarige Landsmeerse is al jaren niet meer actief voor Ajax, maar ze komt nog altijd in de Johan Cruyff Arena. Ze heeft haar seizoenkaart verlengd en is er op 10 augustus bij als Ajax tegen nieuwkomer Telstar zijn eerste competitiewedstrijd van het nieuwe seizoen speelt. Ze is er ingegroeid en kan datgene wat zich beneden tussen de witte lijnen afspeelt veel beter doorgronden dan vroeger. Afkomstig uit een turnfamilie heeft ze het spelletje van huis uit niet meegekregen. Maar eenmaal getrouwd met Peter werd dat allemaal anders. Hij was Ajax-fan en nam haar mee naar de Europa Cup-wedstrijden die Ajax in het Olympisch Stadion speelde. Ze kon toen onmogelijk bevroeden dat ze een bijzonder nauwe band met Ajax zou krijgen; specifieker gesteld: met de F-side.  

Stenen door de ruiten

Ine werkte bij de Amsterdamse politie, en later bij de gemeente Amsterdam, en is de verbindende factor tussen de vermaarde F-side en de politie geworden. Het initiatief was afkomstig van Ronald Peiloor namens deze supportersgroep. Ine: “De supporters van de F-side vonden dat ze tijdens uitduels slecht werden behandeld. Met zijn allen gepropt in een bus, in een tribunevak gegooid, geen drinken voorradig en geen WC. Ik ben meegereisd om te kijken wat er gebeurde. Dat heb ik vier jaar gegaan. Ik moest vaak rennen voor mijn veiligheid. En in de trein kroop ik onder een bank als Ajax tegen Feyenoord moest spelen. Dan vlogen de stenen door de ruiten. Heel heftig allemaal. Maar blijkbaar was dat heel normaal.” 

Regelaar

Van Brenk ontpopte zich als specialist in voetbalvandalisme en een regelaar die vooral de communicatie zocht. De-escaleren was voor haar het sleutelwoord. En ze kwam tot goede daden. Zo is op haar initiatief een supportershonk gebouwd onder het vak van de F-side. Ine was een vrouw in een mannenwereld, maar daar had ze geen enkele moeite mee. 

Het is alweer jaren geleden dat Ine een dikke punt achter haar rol zette, maar de herinneringen blijven. Zoals het regelen van de rondvaarttocht nadat Ajax in 1995 de Champions League had gewonnen. Ine: “Ik stond in 1994 in de bestuurskamer van Ajax en Louis van Gaal kwam naar me toe. Hij zei: ‘Ik heb gehoord dat ik bij u moet zijn als ik een rondvaarttocht wil’. Ik had de rondvaarttocht in 1988 georganiseerd nadat Oranje Europees Kampioen was geworden. Ik antwoordde: ‘Landskampioen worden is niet voldoende, minimaal de Champions League winnen’. Ik meldde het aan burgemeester Schelto Patijn, en die zei: ‘Dit kun je zó beloven, hij redt het toch niet, dus zeg maar toe’. Maar hij redde het wel. Op de finaledag mocht ik niet naar Wenen toe. Ajax won en ik moest de huldiging regelen.” 

Niet vergeten

Gebeurtenissen die je nooit vergeet. Maar Ine van Brenk is ook niet vergeten. Dat bleek toen ze drie weken geleden in café De Ster aan de Martelaarsgracht in Amsterdam zat. “Er kwam een man naar me toe en die zei: ‘Ik zat in de zeventiger jaren met u in de trein met de F-side. Ik weet het zéker’. Zóveel jaren later.” 

En nu levert ze dan haar bijdrage aan de expositie over de historie van Ajax. Een podcast samen met Ronald Pieloor. “We vonden het leuk om elkaar weer te zien en te vertellen over vroeger. Leuk, na zoveel jaren. We hadden veel respect voor elkaar.” 

De tentoonstelling gaat terug tot de oprichting van Ajax.