Carel Kraaijenhof is de bekendste bandoneonspeler van Nederland.
Carel Kraaijenhof is de bekendste bandoneonspeler van Nederland. (Foto: Casper Rila)

Carel Kraayenhof en Leoni Jansen vonden elkaar tijdens corona

Cultuur

BEEMSTER/ De RIJP - Ze zijn een corona-creatie. Toen ze opeens geen werk hadden in de eerste lockdown, werden Carel Kraayenhof en Leoni Jansen heel chagrijnig omdat ze niet konden spelen. Ze wonen allebei in de Beemster en zijn toen, gewapend met gitaar en bandoneon, samen in het weiland gaan zitten waar ze elkaar bestookten met mooie muziek. Een muzikale vriendschap was het gevolg. Carel Kraayenhof en Leoni Jansen stonden afgelopen weekend met hun voorstelling in De Rijp. 

Al hadden de Beemsterlingen aanvankelijk helemaal geen plannen om voor publiek op te treden. Recht uit hun harten ontstond een bonte mix van muziekstijlen, uiteenlopend van Argentijnse volksmuziek tot Schotse traditionals en van Randy Newman tot Bob Dylan. Een diversiteit die je met je hoofd nooit zou bedenken. Inmiddels denken ze dat in die vrijblijvendheid een deel van hun succes schuilt, want het enige wat ze deden was spelen wat ze mooi vonden. Het programma ‘Melancholie in de polder’ werd een groot succes.

Tekst gaat verder onder de video


Waarin zit de melancholie?

Leoni: “Een goede vriend filosofeerde ooit: “Melancholie is het verlangen naar heelheid: je weet dat het ergens is en je kunt je het herinneren, maar je kunt het niet vinden.” Dat ervaren wij ook met deze muziek en we raken daarbij ook onze persoonlijke verhalen aan. Ik heb bijvoorbeeld als kind ervaren dat als ik alleen in de natuur liep, het er eenzaam was en toch voelde het als een feest. Of bijvoorbeeld tijdens de rouw nadat Onno, mijn man, was overleden. Ik kon heel verdrietig zijn en toch met grote liefde terugdenken aan wat we samen hadden. Muziek herinnert mij dan aan het goede, het brengt me naar heelheid en zacht verdriet zonder dat het te pijnlijk wordt en het vertelt ook dat het uiteindelijk goed komt. Wanneer ik bijvoorbeeld ‘Klaverveld’ zing, dat over Onno en mij gaat, dan deel ik mijn verdriet met het publiek en ik voel op hetzelfde moment troost.”

Carel: “Op het toneel schetsen we een wereld zoals we die zelf graag zien, met strijdbaarheid, uitdagingen die het leven vraagt, maar zeker ook met hoop - voor onszelf en voor wie ernaar luistert. Daarom spelen we ook veel volksmuziek, want dat is muziek die eeuwenoude wijsheden in zich draagt; oerkrachten uit Argentinië en bijvoorbeeld Ierland. Argentijnse muziek heeft een sterke verbinding met Moeder Aarde, er zitten ritmes in van Afrikanen die in Argentinië hun nieuwe vaderland vonden en via de ritmes hun roots voelden. Die muziek draagt de gevoelens van heel veel generaties en het geeft een gemeenschapsgevoel. Bijvoorbeeld in het lied “Los Hermanos” met deze (vertaalde) zinnen: “Ik heb zoveel broers dat ik ze niet kan tellen en een prachtige zus die vrijheid heet / En zo gaan we voort, gehuld in eenzaamheid, en in ons en met ons onze doden zodat niemand achterblijft”.”

Tekst gaat verder onder de video


Leoni: “Ik speel daar ook het ritme onder, de milonga. Ik ben nu nog aan het oefenen, maar wanneer dat even lukt voelt het alsof er iets heel ouds door me heen stroomt, alsof iets het overneemt van mij. In de eigentijdse muziek die we spelen zoeken we ook altijd de diepgewortelde wijsheden ervan op, waardoor je even het gevoel hebt dat je samen bent en dat alles klopt. Een lied van Billy Joel in een vertaling van Paul van Vliet dat we gaan spelen gaat er ook over dat je altijd verlangt naar dat ene moment waarop alles even klopt. “In elke man en elke vrouw zit een verlangen groot of klein / om in dit leven als het kan een keer gewichtloos vrij te zijn.”

Hoe is het om samen op het toneel te staan?

Carel: “Soms is het alsof we op een groene weide in het zonnetje liggen, soms voelt het alsof we met onze nagels aan een klif hangen en weer een andere keer gaan we heel moe het podium op en komen we er blakend van energie weer af.”

Leoni: “Never a dull moment dus. Meestal gebruiken we de eerste twee nummers om af te tasten hoe we erbij zitten en hoe we het beste het publiek kunnen bereiken, want dat is iedere keer anders. En dan is er altijd een heel concreet moment waarop iedereen in de zaal zichzelf vergeten is en dat we samen met het publiek zijn, alsof iedereen tien centimeter boven zijn stoel zweeft. Dáár doen we het voor.”

Leoni Jansen heeft ooit gezongen voor Nelson Mandela.