
Gelieve
Laatst zat ik met mijn dochter in de bus. We stonden nog stil bij busstation Medemblik toen mijn blik viel op een bordje dat was gemonteerd op de onderkant van een klapstoel aan de overzijde van het middenpad. Er stond: ‘Gelieve deze plaats af te staan aan een rolstoelgebruiker’. Ik werd ter plekke helemaal gelukkig. Gelieve! Er stond ‘gelieve’! En dat zomaar in een Connexxion-bus.
Dit vraagt misschien om wat uitleg. Net zoals een liedje, een geur, een smaak of een geluid een bepaalde herinnering kan oproepen, slingert het woord ‘gelieve’ mij in één klap terug naar mijn jeugd in Drenthe. In mijn oude lagere school in Norg hing bij de kleedkamers van de gymzaal een bord met de tekst: ‘Gelieve de klompen in den hal te laten staan’. Als we moesten wachten voor de gymles las ik als tien- of elfjarige altijd dat bord. Ik vond ‘gelieve’ 45 jaar geleden al een ouderwets woord. Ik begreep wat het betekende maar vond het vooral iets uit vervlogen tijden, toen kinderen nog op klompen naar school kwamen.
Aanvoegende wijs
‘Gelieve’ is grammaticaal de aanvoegende wijs van het werkwoord ‘gelieven’ en betekent zoveel als ‘wilt u zo goed zijn’. De aanvoegende wijs wordt in het Nederlands nog maar weinig gebruikt en dan vooral in vaste uitdrukkingen, zoals ‘leve de Koning’ of ‘het ga je goed’. ‘Gelieve’ schijnt - en deze wijsheid heb ik ook van internet - in Vlaanderen een meer gangbaar woord te zijn dan hier. Dat verbaast me niet: onze zuiderburen lijken me sowieso beleefder en bloemrijker in hun taalgebruik.
Heropleving van ouderwets woord
In het begin van de coronaperiode leek ‘gelieve’ met een heropleving bezig. Bij winkels vooral, waar met dit woord werd verzocht ons aan bepaalde (nieuwe) regels te houden. In de Nieuwstraat telde ik vier voorbeelden. Telkens als ik in de Spar ‘Gelieve de broodjes niet met uw handen te pakken’ las, waande ik me weer even terug in het Drenthe van 1980. Tijdens corona begon ik met het maken van foto’s van bordjes met ‘gelieve’.
‘Je bent een nerd of niet..”
Ik stootte mijn dochter aan ten teken dat ik iets raars ging doen.
‘Ik ga even een foto maken,’ zei ik en viste mijn mobiel uit mijn tas.
‘Wat? Waarvan? Nee!’ Ze greep me bij mijn mouw.
Te laat. Ik zat al gehurkt in het middenpad en maakte een foto van het bordje. Beschaamd keek mijn dochter de andere kant op, uit het raam. Ze nam zich waarschijnlijk voor om nooit meer met mij in een bus te gaan zitten. Het kon me niet schelen. Je bent een nerd of niet.
Reacties naar maurahuig@hotmail.com.