
Column Marcel van Stigt: salsalessen bij SamenMeer Landsmeer
NieuwsLANDSMEER - Wat doe je als je de gelegenheid krijgt aan een serie salsalessen voor beginners mee te doen? Redacteur van het Nieuwsblad Oostzaan/Landsmeer en zijn vriendin waagden de sprong en startten afgelopen vrijdag hun eerste les in SamenMeer onder leiding van Sandra Dusseldorp. Het glaasje water na afloop was eerder noodzakelijk dan welkom.
Door Marcel van Stigt
Salsadansen – hoe gaat dat ook alweer? Ooit heb ik me hier tijdens een vrijgezellenfuif in gestort. De organisator had voor de geselecteerde gasten een workshop salsadansen geregeld en ik meen me te herinneren dat de vereiste pasjes me aardig afgingen. Wat ik me ook kan herinneren is dat het gezicht van de danspartner die tot mij was veroordeeld uit pure opluchting openbrak toen het allemaal was afgelopen. Misschien had ik haar onbedoeld een blessure toegebracht.
Ik moet even iets wegslikken
Deze gedachten schieten door me heen als we vanaf de kant de les volgen die op dat moment nog bezig is. Het zijn gevorderden die hun niveau op peil houden. Tweetallen zwieren met sierlijke bewegingen over de vloer. Ik moet even iets wegslikken. Maar oké, zij zijn geoefend, prent ik me in; dít hoef ik allemaal nog niet te kunnen.
En dan is het moment daar: Sandra schudt de zeventien nieuwkomers de hand – ze kent iedereen al bij naam, wat ik nog best een prestatie vind – en nodigt ons uit op de dansvloer.
Bouwfoutje
Aan lange introductieverhalen doet ze niet. Nee: actie! We stellen ons in drie rijen op met het gezicht naar de spiegelwand. Ik schrik van mijn spiegelbeeld. Nog niet eens vanwege mijn gezellige buikje, maar meer vanwege mijn stramme gestalte. En wat sta ik toch ontzettend scheef! Met dit bouwfoutje ben ik bekend, ergens in mijn ruggengraat zit een rare kronkel, maar toch...
Al te lang kan ik hier niet bij blijven stilstaan. Sandra, die vooraan staat, doet de eerste pasjes voor – vooruit en achteruit - en we moeten volgen. Het gaat iedereen goed af, op één persoon na, die aan een soort tapdans lijkt te zijn begonnen. Hier gaat het binnen de minuut ernstig mis. Sandra ziet het in de spiegel en vraagt om assistentie vanaf de kant. Een gevorderde danseres neemt de hopeloos verdwaalde leerling letterlijk bij de hand en loodst hem door de oefeningen.
Die verdwaalde leerling, dat ben ik.
Probleem is niet alleen dat ik over de souplesse beschik van een staande kapstok. Daarnaast denk ik te veel na, en dat zou ik niet moeten doen. Er volgen nieuwe oefeningen – stapjes opzij en schuin naar achteren – en ik maak er samen met mijn tijdelijke danspartner het beste van. En ineens… krijg ik zowaar de slag iets te pakken; ik kan zelfs op eigen kracht verder. Maar ik moet wel goed op het voetenwerk van de docente blijven letten.
Dansen in paren
De basis is gelegd en nu gaan we in paren dansen. Ik klamp me meteen vast aan mijn vriendin; zij kan het wel hebben als ik haar onverhoopt meesleur en we samen met ineen gestrengelde benen op de vloer terechtkomen. Maar nee, er zal onherroepelijk van danspartner worden gewisseld.
Angstaanjagende beelden van vroeger doemen op. Beelden van familiefeesten en trouwpartijen, waarop werd gedanst. Met mijn twee broers zat ik aan de kant en het was een kwestie van tijd dat er ‘Varié!’ werd geroepen en argeloze gasten op de dansvloer werden getrokken. Het was onvermijdelijk dat een tante zich naar ons toedraaide en met de armen uitnodigend wijd geopend gevaarlijk dichterbij kwam. Mijn oudere broer volgde stijldanslessen en die konden we vaak mooi naar voren schuiven. Maar niet altijd. En dus hobbelde en strompelde ik in de armen van mijn tante zo goed mogelijk op de maat van de muziek. Mijn hoofd voelde aan als een vuurbal en zo zag het er volgens mij ook uit. Nachtmerries waren het.
Acceptabele moves
Maar dat is jaren geleden en... hier en nu op de dansvloer in SamenMeer blijkt dat ik mezelf een tikkie heb onderschat. Mijn lichaam weet wat het moet doen en mijn moves zijn eigenlijk best acceptabel. ‘Eén, twee, drie, vijf, zes, zeven...’ roept Sandra en in dat ritme dansen de paren op passende muziek. We dansen in een kring en de dames schuiven steeds door, zodat ik steeds een andere partner mag leiden. Ja, leiden! Als man zijnde heb ik de leidende rol – welja! - en ook nu gaat het best lekker. Maar soms duizelt het me ook wel een beetje.
Tegen negenen gooien we er nog een laatste dans uit – ik eindig met mijn vriendin, en val haar dolgelukkig in de armen – en dan is het afgelopen. Licht hijgend laat ik me op een stoel vallen en klok een glas water naar binnen. Zo’n uurtje salsa is best intensief. Ook mijn vriendin moet even bijkomen.
Eenmaal thuis genieten we nog een beetje na, want het was bijzonder leuk. Er is een filmpje onderweg, waarop Sandra en een partner alle passen nog eens voordoen. Het komt de volgende dag binnen. Mijn vriendin had toevallig wat meubels in de woonkamer verplaatst om meer ruimte te creëren. We hebben nu een flink stuk laminaat tot onze beschikking. De perfecte ondergrond om te oefenen. Daar gaan we: ‘Eén, twee, drie, vijf, zes, zeven...’