
Leve de koning. Toch?
Koningsdag. Nog even en we vieren en masse de verjaardag van onze koning Willem. Driewerf hoezee! Tenminste als je het mij vraagt. Vraag je het aan de zus, dan is het een ander verhaal.
Die start in maart aan de lunchtafel bij Pand Raak al haar campagne tegen de Oranjes. Trouwe rakers kennen haar betoog inmiddels, nieuwkomers zijn een en al oor. Het levert mooie gesprekken en rake discussies op.
Zus laat namelijk geen kans onbenut om luid en duidelijk te verkondigen hoe belachelijk zij de schijnvertoning, genaamd het koningshuis, vindt.
Ze is inmiddels officieel republikein geworden en verschijnt op 27 april strak in het wit. Geen oranje in haar kledingkast.
Geldverspilling, achterhaald en volstrekt onnodig. Een poppenkast. En kijkt mij vervolgens aan alsof ik persoonlijk de hofhouding financier.
Want ik ben dol op tradities. Op dingen die blijven, juist in een wereld waarin alles voortdurend verandert, vernieuwt, versnelt en zichzelf opnieuw uitvindt.
Geef mij maar een ritueel dat elk jaar terugkeert, een vlag in top, een lintje op de juiste jas en een balkonmoment waarop iedereen even naar boven kijkt. En het geld dat dit allemaal kost? Een president is ook niet gratis. Dan liever pracht en praal.
Bovendien: ga er maar aanstaan. Geboren worden met een toekomst die al voor je vastligt. Terwijl wij mogen kiezen uit banen, twijfelen over liefdes en gaan voor tussenjaren, weet jij vanaf dag één dat ooit de hele Hollandse natie en daarbuiten meekijkt.
Geen misstap zonder camera, geen jurk zonder commentaar, geen spontane carrièreswitch naar een strandtent in Portugal. Ook dat hoort bij de erfenis van een kroon. Vrijheid is soms juist iets wat ‘gewone mensen’ rijker bezitten dan royals.
En toch snap ik de zus ook wel een beetje. Natuurlijk mag je vragen stellen over kosten, nut en tijdgeest. Tradities zijn geen museumstukken. Ze moeten betekenis houden, anders worden ze slechts decor. Maar misschien zit precies dáár de waarde van het koningshuis. Niet in macht, niet in perfectie, maar in symboliek. In continuïteit. In het gevoel dat sommige dingen groter zijn dan de waan van de dag.
Dus laat mijn zus gerust republikein zijn. Ik knik ondertussen koninklijk terug vanaf mijn denkbeeldige balkon. Met een oranje tompouce in de ene en een oranjebittertje in de andere hand. Tradities hoef je niet kritiekloos te omarmen. Maar je mag ze best koesteren.