
‘Mijn broer trok hem aan zijn haren uit het water’
Vervolg voorpagina
Wapens die verstopt werden, werden met magneten opgespoord door de bezetter. ‘‘Mijn oom vertelde de soldaten: ‘Als er ooit iemand binnenkomt met een magneet hebben we een probleem. Laat ik het niet merken, want dan maak maak ik ze af!’. Er is nooit iemand met een magneet komen zoeken naar wapens.’’
‘Nooit honger gehad’
‘‘We hebben nooit honger gehad in die tijd’’, vervolgt Tilly. ‘‘Er was allemaal landbouw en we woonden naast een bakker. Die bracht elke ochtend brood bij ons. Ik weet nog steeds niet hoe hij dat elke keer ongezien voor elkaar kreeg. Mijn moeder kookte tussen de middag iets en ‘s avonds kregen we een warme maaltijd van mijn oom en tante. Soms haalden mensen uit de buurt eten in de gaarkeuken en dan namen ze ook voor ons mee. We kregen drie keer per dag heerlijk te eten.’’
In juli 1945 kon het gezin terugkeren naar Uitgeest. Dit deden ze met dezelfde boot waarmee ze tien maanden eerder naar Schermerhorn vluchtten. ‘‘Alles moest weer mee op de boot. Dat was nog een hele uitdaging, maar het lukte. De boot was maar twaalf meter lang, dus het was puzzelen.’’
Waar op de heenreis niemand in het water belandde, gebeurde dit op de vaartocht terug naar Uitgeest wel. ‘‘Eén van mijn broers stapte mis en viel letterlijk tussen wal en schip. Mijn oudste broer zat al in de boot en trok hem aan zijn haren uit het water. Mijn moeder was boos, want ze had net alles netjes ingeladen en nu was hij kleddernat. ‘Hoe kun je nou in het water vallen?!’ riep ze. Mijn moeder vond het vooral vervelend dat net alle spullen, dus ook de kleren, opgeborgen waren. De jongen moest natuurlijk wel droge kleding aan, dus alles moest er uitgeladen worden.’’
Vrienden voor het leven
Na de oorlog bleven de oom en tante van Tilly nog altijd in Schermerhorn wonen. ‘‘We kwamen er nog steeds als gezin. Ik heb daar vrienden voor het leven gemaakt, in oorlogstijd. Als kind heb ik er nog vaak gelogeerd en veel verhalen gehoord over wat er zich heeft afgespeeld. Ik at die verhalen op. Ik vond het zó spannend.’’
Reis herbeleeft
Jaren later, in 1965, heeft Tilly de vaartocht samen met haar man nog een keer gemaakt. ‘‘We voeren precies dezelfde route, samen met de oudste zoon van de schipper destijds.’’

