
Honderd jaar Brandweer Limmen: van beknelde slachtoffers tot paarden in de sloot
Zodra de pieper gaat, telt elke seconde. Binnen enkele ogenblikken staan de vrijwilligers van brandweerkorps Limmen paraat om uit te rukken. Al honderd jaar staan zij dag en nacht klaar voor mens en dier.
LIMMEN - Van brand tot ongeval: de inzet is vaak groot, de tijd om te handelen klein. Het jubileum van het korps is voor postcommandant Roeland Eijpe (51) een moment om stil te staan bij een eeuw aan inzet, saamhorigheid en verandering.
Als brandweerman maak je heel wat mee. Het ene incident is ingrijpender dan het andere. ‘‘Incidenten waarbij familie of bekenden van ons betrokken zijn maken het meeste indruk. In een dorp is die kans zeker aanwezig. Bij ingrijpende situaties praten we altijd na en vinden we steun bij elkaar.’’
In de frontlinie
Brandweerlieden hebben natuurlijk ook hun familie thuis terwijl zij aan de frontlinie staan bij soms gevaarlijke incidenten. Hier kan Roeland zelf gelukkig goed mee omgaan. ‘‘Mijn eerste hulpverleningsincident met een dodelijk slachtoffer vergeet ik nooit meer’’, vertelt Roeland. ‘‘Maar ik heb gelukkig nooit slapeloze nachten overgehouden aan iets wat gebeurde tijdens mijn werk. Soms denk ik wel eens terug aan bepaalde acties of handeling. Dan slaat de twijfel toe: ‘Heb ik het wel goed gedaan?’ Gelukkig is er bij de brandweer genoeg steun om hierover te praten. En als wij het thuisfront goed meenemen in ons werk en als zij zien hoe wij trainen en geoefend blijven én we risico’s altijd aanvaardbaar houden, ben ik van mening dat onze dierbaren veel geruster zijn. Betrokkenheid is belangrijk. We organiseren diverse sociale activiteiten waarbij partners aanwezig mogen zijn. Zo kunnen zij ook met elkaar praten over wat wij doen en een luisterend oor voor elkaar zijn.’’
Uitdagende hobby
‘‘Ik zocht een uitdagende hobby met enthousiaste gelijkgestemden in een bijzondere en actieve werkomgeving.’’ Dat is hoe Roeland in 2002 bij de brandweer terechtkwam. Roeland is 27 jaar als hij van defensie naar de regionale brandweer overstapt. Nu, 24 jaar later, is hij postcommandant bij Brandweer Limmen. Het korps viert dit jaar haar 100-jarig bestaan. De kazerne heeft op meerdere plekken gestaan. Van de Burgemeester Nieuwenhuijsenstraat, verhuisde het naar de Schoolweg. Nu staat het pand aan de Rijksweg.
Dag en nacht stand-by
De brandweer staat dag en nacht stand-by om uit te rukken wanneer dit nodig is. ‘‘We komen in actie zodra er een melding binnenkomt. Naast de brandweer hebben we ons eigen werk, maar we staan altijd paraat.’’ Om toch goed te functioneren als team wordt er volop geoefend door het korps. ‘‘Elke week oefenen we met de hele ploeg om vakbekwaam te blijven. We houden onze kennis en kunde op orde. Denk bijvoorbeeld aan het werken met hydraulisch gereedschap om voertuigen open te knippen als een slachtoffer van een verkeersongeluk bekneld zit.’’
Brandweervrijwilliger word je niet zomaar. Roeland legt uit: ‘‘Een beetje actie hoort erbij, maar het draait niet alléén om spanning en adrenaline. We helpen ook collega’s van de ambulance als een patiënt uit huis gehesen moet worden, bijvoorbeeld vanaf de eerste verdieping van een woning. We redden ook dieren. Stel dat een paard in de sloot terechtkomt en er zelf niet meer uit kan, dan komen wij vaak in actie. Als er een storm is waarbij veel bomen omgewaaid zijn en er gevaarlijke situaties ontstaan, helpen wij met opruimen van takken om de omgeving weer veilig te maken. Om bij de brandweer te passen, is het vooral belangrijk dat je de omgeving wilt helpen. Je moet klaar willen staan voor mensen en dieren.’’
Vier minuten van melding tot uitruk
Na een melding is het belangrijk dat de brandweer zo snel mogelijk ter plaatse is. Binnen enkele minuten moet een eenheid uitgerukt zijn. ‘‘Nadat de melding binnenkomt, heb je ongeveer vier minuten om bij de kazerne te zijn. Mensen kunnen vlakbij wonen, maar het kan ook zijn dat je in Limmen werkt maar ergens anders woont. In die situatie ben je dus overdag, tijdens je werkdag, beschikbaar als brandweervrijwilliger. Dit noemen we opstappers.’’
Van ouderwetse alarmbel tot moderne pieper
‘‘100 jaar is écht een mijlpaal waar we met trots op terugkijken’’, vervolgt Roeland. ‘‘Los van de geslaagde middag met demonstraties, hebben we later dit jaar een feestmoment met oud-leden. Samen gaan we terugkijken op de laatste 40 jaar.’’ Het vak van de brandweer is de afgelopen jaren behoorlijk gemoderniseerd. Volgens Roeland was de grootste modernisering het onderbrengen van de 52 gemeentelijke korpsen onder de vleugels van Veiligheidsregio Noord-Holland Noord. ‘‘Hierdoor kan er wel meer gemeenschappelijk worden aangekocht en afgestemd. De hele regio beschikt daardoor over hetzelfde materieel, moderne communicatiemiddelen en alarmpagers. Hierdoor lijkt de alarmbel in de kazerne echt héél lang geleden!’’
Er zijn ook dingen die in de afgelopen 100 jaar nauwelijks veranderd zijn binnen Brandweerkorps Limmen. De oefenavonden worden goed bezocht en de uitstroom is minimaal. ‘‘We hebben genoeg leden die 25 tot 35 jaar trouwe dienst halen. Wat ook niet is veranderd, is dat veel kinderen van oud-brandweerleden het stokje over hebben genomen. In het algemeen is het enthousiasme na 100 jaar dus nog steeds erg hoog. Wat ook belangrijk is, is dat we bij de brandweer altijd als één team werken: één team, één taak. Ik kan met trots zeggen dat niemand belangrijker is dan het team. We doen het écht samen, waarbij elk lid zijn eigen specifieke waarde toevoegt en ons korps krachtig maakt.’’
Tankautospuit met eigen motorspuitaanhanger én nieuwe kleding
Er is jaren geleden flink geïnvesteerd in het brandweerkorps van Limmen. Roeland legt uit: ‘‘Midden jaren ‘50 kwam men tot de ontdekking dat een losse aanhangerspuit, die verplaatst moest worden met een vrijgespeelde taxi, geen stand kon houden. Het korps kreeg toen een eigen kazerne, een nieuwe tankautospuit mét eigen motorspuitaanhanger, eigen ademlucht én nieuwe brandweerkleding.’’
24 brandweerlieden beschermen dorp en 7.700 inwoners
Brandweer Limmen kende het afgelopen jaar ook wat uitdagingen. ‘‘Begin dit jaar moesten we vier nieuwe leden werven, omdat vier huidige leden vanwege hun leeftijd de post zullen verlaten. Een gemiddeld brandweerkorps beschikt over 24 personen, die voor diverse functies zijn opgeleid: manschap, chauffeur of bevelvoerder.’’ Geschikte kandidaten zoeken in een klein dorp met 7.700 inwoners gaat moeizamer dan in een grote stad met bijvoorbeeld 35.000 inwoners. ‘‘Dankzij onze inspanningen, onder andere via sociale media, de oefenavonden en een wervingscampagne is het toch gelukt. Dit jaar starten twee nieuwe leden aan de opleiding tot manschap. Volgend jaar starten er weer twee. Zo kunnen we de post goed op sterkte houden!’’
Roeland legt uit dat het heel belangrijk is dat een klein dorp zoals Limmen een eigen brandweerpost heeft. ‘‘Als veiligheidsregio zijn wij een uitgestrekt gebied. De aanrijtijden kunnen daardoor snel oplopen. Bij elke melding wordt de dichtstbijzijnde kazerne opgeroepen, zodat er zo snel mogelijk hulp kan worden verleend.’’


