Wederzijds gesprekspartner

Mooi koffie-lunchmomentje hier in Het Heerenhuis in Wijdewormer waar we als wederzijdse gesprekspartners anderhalf uur op een houten stoel en aan een houten tafel zitten. Zelf heb ik nauwelijks oog voor wat erom mij heen gebeurt.

Ja, de zaak loopt langzamerhand enigszins vol. En er wordt iets gevierd. Ze zingen achter in de zaak het “Lang zal ze leven”. Ikzelf zit aan een dampende cappuccino. Een hartje met melkschuim gemaakt op de koffie. Liefde van de zaak. Dat is weer es wat anders dan een rekening van de zaak, die ongetwijfeld nog zal komen. Wie er ook komt is mijn gesprekspartner. En wel nu. Ik weet niet of het oneerbiedig gezegd is: gesprekspartner. Klinkt wel zakelijk, maar dat is het zeker niet. Informele vriendschap, misschien? Na de relaxte begroeting, gaat de charmante en in elegantie geklede vrouw tegenover mij zitten en opent het gesprek. Een jongedame van de bediening komt bij het tafeltje staan en vraagt wat zij wil drinken. ‘Ook maar een cappuccino, alstublieft’. ‘Komt eraan mevrouw.’ Die wordt later gebracht, maar helaas zonder hartje. Andere bediening, andere tijden. De gevraagde lunchkaart komt pas als de keuken open is. Liggen vast in de keuken, denk ik. Terug naar de echte aandacht voor de ander: de vrouw. Ik luister actief. Stel vragen, zonodig. Later wordt het gesprek evenwichtiger, in de zin van nog meer interactie en uitwisseling van details, waar gewenst. We bestellen ondertussen nog iets te drinken. ‘Een jus ‘d oranje, graag,’ zegt ze. Ik bestel nog een cappuccino. Lekker. Wederom zonder hartje of een ander figuurtje. We spreken openhartig, wisselen actief gedachtes uit en laten elkaar vrij spreken. Zo hoort het ook. Geen oordelen. We vragen elkaar hoe het gaat - met de gezondheid bijvoorbeeld. Als we diep in gesprek zijn, komt de jongedame, een ander dit keer, de lunchkaart brengen. Keuken open en de kok klaar met de mis en place. We bestellen een carpaccio. En ook nog iets te drinken. Dan gaat het gesprek verder. Gemoedelijk. Vriendelijk. Intens, soms. We laten het achterwege elkaar vragen te stellen als de ander net een hap carpaccio neemt. Met een volle mond praten is not done. Later, als de houten stoelen te warm zijn geworden, staan we op en verlaten we deze ambiance. Het momentje is voorbij.