(Foto: )

Toilet

Afgelopen week heb ik fotoalbums geruimd. Planken vol met albums die wij jarenlang hebben aangelegd en eigenlijk daarna nooit meer hebben ingekeken. Zwart-witfoto's vanaf de geboorte, die zijn genomen met een rechthoekig kastje met een kijkgaatje waar zelfs een worm niet doorheen kon kijken. Ook stond je ruim een kwartier als een standbeeld naar datzelfde kleine irritante gaatje te kijken voor dat je het sein kreeg, "Oké, het is gelukt." Onzin, want pas als je het Kodak rolletje eruit moest halen omdat hij vol was en deze naar de fotograaf bracht wist je of hij gelukt was of niet. Vaak waren van de zesendertig opname's er achttien mislukt. Veel foto's van familie, vakanties, van de kinderen en soms ook van onbekende. Er zijn erbij waar van je denkt, wie is dat ook alweer. In de meeste gevallen is het zo dat de mensen lachen op een foto, ook al is de situatie die je ziet helemaal niet om te lachen. Het is de bedoeling om herinnering vast te leggen. Toch zijn er enkele waar men zeer serieus bij moet kijken omdat het belangrijk of een officiële gebeurtenis is. Maar onder de foto's die ik aan het uitzoeken ben, is er een vreemd fenomeen, de portretfoto. Deze geportretteerde kijk je altijd aan, echt waar, of je nu naar links gaat of naar rechts, die ogen blijven op jou gericht ook al ga je op je kop staan, dat maak niet. Probeer het maar eens uit. Tot ergernis heeft een kennis van me een toilet vol met foto's van lachende, chagrijnig kijkende, ernstige kijkende en overleden mensen. Ze kijken je allemaal aan en het ergste is dat men kijkt wat ik in de kleinste kamer doe. De lachende mensen zijn het ergst. Het is net of ze je uitlachen en lijken te zeggen:"Ik weet wat je ga doen?'' Ik schaam me nergens voor maar er zijn dingen die ik graag alleen doe en heb dan geen behoefte aan pottenkijkers.

Co Backer,

jalbacker741@telfort.nl

Meer berichten