Arjan Ouwehand.
Arjan Ouwehand. ((Foto: Pep))

"Arm in arm het café uit, babbeltje maken en de boel sussen"

MONNICKENDAM - Voor inmiddels, oud-wijkagent Ouwehand, ook wel bromsnor genoemd, zal het de komende tijd even wennen zijn. Na 40 trouwe dienstjaren als wijkagent in Monnickendam "Ik ken de straten op mijn duim en iedereen bij naam- en toenaam" gaat hij met pensioen. "Het is mooi geweest, het boek is dicht", zegt hij lachend. Al heeft hij bijzonder veel goede herinneringen aan zijn dienstjaren.

"Met 'ome Piet' arm in arm het café uit om te babbelen en zo escalatie van een vechtpartij te voorkomen bijvoorbeeld. Of die 'jonge jongens' die na het kattenkwaad (of erger) uithalen erachter kwamen dat ik wel erg veel wist. "Jeetje die Ouwehand weet ook echt alles!", zeiden ze dan. "Dat is de kracht van de wijkagent. Weet je, vroeger, toen ik in 1982 begon, was iedereen wijkagent. Als agent was je gewoon op straat, daar gebeurde het!" Dagelijks had Ouwehand te maken met burenruzies, (auto)inbraken en aanrijdingen. Hij kon dan ook niet rustig in zijn vrije tijd naar de markt met zijn vrouw zonder meerdere keren aangesproken te worden, dat hoorde er gewoon bij en dat zal voorlopig wel blijven!", aldus Ouwehand. Zijn eerste tijd als agent reed hij rond met een stratenboekje op schoot om de stad te leren kennen. "In een kleine Fiat met een mobiele telefoon zo groot als een iPad", lacht hij. Later reed hij op de motor, en zat hij op de politieboot. "Prachtig was dat."

Pastoor, coach en handhaver

"En denk maar niet dat de kleine gemeente-kernen zoals Monnickendam minder interessant waren voor agenten als de grote stad. De kernen (zoals Marken bijvoorbeeld) lieten je meer improviseren. In de stad had je meteen versterking om je heen en ging het veel meer om direct handelen en optreden, daar was alles meer anoniem. Bij ons in Waterland kende je iedereen, dat bood kansen om te babbelen, in gesprek te gaan met de mensen en te zorgen dat herhaling van crimineel gedrag op de lange termijn werd voorkomen. Hiervoor was je op een dag aan de gang als pastoor, psycholoog, handhaver, coach…en zo kan ik nog wel even doorgaan…"

Er zijn tijden geweest van vele woning-inbraken, auto-inbraken en dan zwakte het soms weer af, dat gaat altijd in golven. Momenteel zien we natuurlijk steeds meer cybercriminaliteit, zoals phishing, alles waar je snel geld mee kan verdienen en een beetje in de grijze gebieden zit. Een uitdaging om dat aan te pakken. En lachgas is natuurlijk ook een probleem…"

Escalatie voorkomen

"Natuurlijk moest je soms streng zijn en erboven op zitten en arrestaties verrichten, maar liever probeerde je escalatie van problemen te voorkomen. Hoe ik dat deed?...Ik ging de straat op en maakte met iedereen een praatje; op de markt, bij sportevenementen, noem maar op. Dat kwam mij in andere situaties weer van pas. Ik praatte bijvoorbeeld over koetjes en kalfjes, over hobby's, gewoon interesse tonen in de mensen. Als er dan een keer wat aan de hand was op zaterdagavond in bijvoorbeeld het café, dan liep ik gewoon arm in arm het café uit met ome Piet, babbeltje maken, de boel sussen. Heel effectief en ik was blij als ik dat lukte!"

Heftige gebeurtenissen

"Ik ga niet zeggen dat ik alles heb meegemaakt als wijkagent, want dat kan niemand zeggen vind ik, maar er is wel veel gebeurd, ook heftige dingen jawel." Zo heeft Ouwehand de heftige gebeurtenissen in de regio zoals de grote brand op 't Gouw in Zuiderwoude en de brand in Volendam van dichtbij meegemaakt. Ook zijn er een aantal moorden geweest. "Dat gaat je natuurlijk niet in de koude kleren zitten ", vertelt hij.

Kattenkwaad

"Gelukkig zijn er dan ook weer de luchtigere herinneringen. Bijvoorbeeld aan de jongen die ik geknield in het plantsoen zag zitten, dat vol met narcissen stond. Alleen was er een groot gat waar heel veel narcissen uit de grond waren getrokken…De jongen was ze een voor een aan het terug planten. Ik vroeg: 'Heb je de narcissen gepikt jongen en moest je ze terugbrengen van je moeder?' 'Nee, hoor. Ik heb ze mee naar huis genomen om water te geven en nu weer terug te zetten', zei de knaap, heel serieus. Nou dan kan je toch niet boos worden?", glundert Ouwehand. Vaak kwam ik die jongens later weer tegen in de stad, met vrouw en kind, achter de kinderwagen. "Wat was ik een boef hé, meneer Ouwehand", werd er dan gezegd. "Jazeker, dat was jij", zei ik dan lachend.

Jeugd

"Met veel jongeren komt het goed. Je gaat met ze in gesprek, kent ze. Sommigen belden gewoon bij me aan, terwijl ik thuis was…ja, ze wisten me wel te vinden. Je verwijst ze indien nodig naar de ketenpartners waarmee je als wijkagent veel samenwerkt, bijvoorbeeld maatschappelijk werk of de kerk. Bovendien ben je met ketenpartners zoals brandweer, politie, GGZ en gemeente continu in gesprek. Daar heb ik ook altijd ontzettend fijn mee samen gewerkt, die wil ik dan ook ontzettend bedanken. Hoe kunnen we herhaling van incidenten voorkomen? Daar waren we altijd mee bezig. Je ziet inderdaad, dat is een tendens, en al een aantal jaren gaande, een verharding van de samenleving. De laatste jaren hadden we dan ook veel werk aan mensen met psychische problemen, vanwege bezuinigingen. Wij zijn als politie helaas vaak het laatste vangnet...Onze maatschappij is veranderd van een wij-cultuur naar een ik-cultuur. Dat is jammer. Toch was er voor ons al agenten wel respect vind ik, alleen moet je dat natuurlijk ook verdienen. Dat kan onder andere door te doen wat je zegt en te zeggen wat je doet. Dat werkt goed. Tijdens voorlichting op scholen probeerde ik altijd naar de langere termijn te kijken met ze. Waar wil je zijn over tien jaar? Wat zijn je doelen? Kom in een kleine stad maar eens van je slechte reputatie af. Dat duurt jaren. De sociale controle in Monnickendam is groot, zeker met alle oma's en tantes die van achter de gordijnen alles in de gaten houden. En dat is goed!"

Meer berichten