'Beter duizend dagen praten dan één dag oorlog' - Schrijversdebuut als tiener gevluchte Mustafa o

  Nieuws
Mustafa met zijn debuutboek. (Foto: Daan Ruijter/Rodi Media)
Mustafa met zijn debuutboek. (Foto: Daan Ruijter/Rodi Media) (rodi.nl)

ZAANDAM - Twee dagen om samen met familie en geliefden te zijn. Kerst, het feest van gezelligheid dat we al ruim 73 jaar in vrijheid kunnen vieren, komt steeds dichterbij. Een vrijheid die Bosnië Herzegovina ook lange tijd kende, als deelrepubliek van het nu uit elkaar gevallen Joegoslavië. Mustafa Hadziibrahimovic (40) herinnert zich dat zijn jeugd een fijne tijd was. "Ik had een superleuke kindertijd. Het leek wel een sprookje", aldus de Zaandammer. Tot 30 april 1992, de dag die veel in één klap kapotmaakt. De Joegoslavische oorlog bereikt de Bosnische grensstad Brcko van de toen pas dertienjarige Mustafa. In korte tijd maakt hij veel dingen mee die een kind niet zou moeten meemaken. Vijfentwintig jaar kost het Mustafa om de moed te verzamelen zijn huiveringwekkende verhaal van het conflict in zijn land op te schrijven. Het recent verschenen boek 'De oorlog in mij' is een extra statement om welke vorm van oorlog dan ook uit te bannen.


door Daan Ruijter
In 'De oorlog in mij' beschrijft Mustafa dat hij aanvankelijk een mooi kinderleven leidt. Zijn ouders zijn gegoede middenklassers en het gezin gaat regelmatig op vakantie. Mustafa heeft veel vrienden, is een uitstekende leerling op school en heeft er erg naar zin. Het gezin voelt de oorlogsdreiging vanuit Servië, maar vader denkt met vele ouderen dat het wel aan hen voorbij zal gaan. Waar velen al vluchten, blijven zij in hun woonplaats Brcko.

Die 30 april 1992 wordt Brcko opgeschrikt door twee daverende knallen. De brug over de rivier Sava, die de stad met Kroatië verbindt, is opgeblazen door de Servische paramilitairen. De oorlog heeft de stad toch bereikt. Niet lang na dit startschot trekken Servische militairen de wijken in, waar veel Bosnische moslims wonen. Ze halen onschuldige burgers stuk voor stuk uit hun huizen. In een van angst doodsstille bus worden ze naar kamp Luka vervoerd, verderop in de stad.

Ook Mustafa, zijn ouders, zijn oom en zijn buren ontkomen niet aan dit lot. "Ik wist niet waar ik was, maar ik rook en voelde het kwaad. Ik hoorde mensen schreeuwen die gemarteld werden. Er klonken schoten. Je bent in een horrorfilm beland die je niet kunt stoppen. Het was de ergste nacht in mijn leven en ik was in één klap volwassen. Ik ging me afvragen wie om mij zou rouwen, wie me zou missen. Ik kon er geen berusting in vinden dat ik zou overlijden. Ik had toch niets gedaan?! Ik nam me voor dat, als ik hieruit kwam, ik bekend zou maken wat hier gebeurde."

Dappere actie


Dankzij een dappere actie van zijn moeder weten Mustafa en zijn familie uit het kamp te ontsnappen. "Ze heeft de commandant aangesproken, gevraagd wat ze hier met haar man en haar jongste kind doet en verteld dat haar dochter met een Serviër getrouwd was." Het gezin komt vrij, maar naar huis gaan, is lange tijd geen optie, te gevaarlijk. Ze zoeken in eerste instantie onderdak bij familie en vrienden.

Mustafa kan niet meer tegen de oorlog en besluit 9 november 1993 te vluchten. Vader kan niet mee omdat hij zijn zieke vrouw moet verzorgen. Het is een angstige, lange reis voor de altijd nog maar vijftienjarige, islamitische Bosniër. Via Servië, Hongarije, Oostenrijk en Duitsland bereikt hij na vele hachelijke momenten, hindernissen en met hulp van al gevluchte familie en vrienden Rijswijk. Daar wordt hij herenigd met zijn broer.

Rijswijk


Mustafa schreef zich al snel in bij een volleybalvereniging. "Sport hielp mij om het trauma enigszins te verzachten." Mustafa leerde met veel inspanning Nederlands en ontpopte zich (opnieuw) tot een uitstekende student. Hij kon vwo doen, maar koos voor de havo om een jaar te winnen. Hij ging journalistiek studeren in Utrecht, werkte bij onder meer regionale omroepen, Netwerk, Pauw & Witteman, maakte documentaires, maar mede door hoge werkdruk, het oorlogsverleden en stressvolle life-events in 2014 en 2015 belandde hij in een burn-out en depressie. "Ik denk dat het een samenloop van omstandigheden was", vermoedt Mustafa. Vanuit de situatie richtte hij zich op en vond hij de kracht om het boek te schrijven. "Het heeft 25 jaar geduurd. Het lukte niet. Ik was te emotioneel, had geen tijd, geen moed. Ik redde het nu wel, door met afstand naar mezelf te kijken. Ik kroop weer in de huid van dat kind dat wilde overleven."

Oorlog afsluiten


Vrijdagmiddag 9 november, tijdens de tachtigste herdenking van de Kristallnacht, in kamp Westerbork, Drenthe, presenteerde Mustafa zijn boek. Daarmee wil hij de oorlog in hem verleden tijd laten zijn. "Ik wil nu mooie dingen maken en de oorlog afsluiten. Bosnië is een schitterend land en ik wil de mooie kanten daarvan laten zien. Misschien ga ik wel een reisgids maken over de plekken die mensen gezien moeten hebben. Ik wil ook films maken over gelukkige dingen. Een oorlog is heel veel kwaad en het brengt niets goeds. Als mens moet je niet de intentie hebben om geweld te plegen. Ik hoop dat dit boek vooral door jongeren gelezen wordt, omdat ze er dan achterkomen wat het met mensen doet. Het mooiste zou eigenlijk nog zijn als ik dit boek niet zou hebben geschreven omdat de oorlog nooit zou hebben plaatsgevonden."

'De oorlog in mij', ISBN: 978-94-6374-046-3 is te koop via bol.com.

Meer berichten