In Schiedam bloeit badminton op

Nieuws
Stefan de Graaff, Yela van der Linden, Steven de Grunt, Jessica Wesselius en Sven Lakerveld voeren in de vijfde divisie de ranglijst aan. (Foto: RWM)
Stefan de Graaff, Yela van der Linden, Steven de Grunt, Jessica Wesselius en Sven Lakerveld voeren in de vijfde divisie de ranglijst aan. (Foto: RWM) (Foto: )

Het is alweer even geleden dat het hoogste team van The Smashing Fellows (TSF) bereikten. Daarna zakten de badmintonners stapsgewijs vanuit de derde divisie terug naar de zesde. Maar het tij is gekeerd.

De succesreeks van het eerste team, dat de weg omhoog weer heeft gewonnen en vorig jaar landskampioen zesde divisie werd en nu in de vijfde divisie op weg is naar de vierde, staat niet op zichzelf. De hele club bloeit en groeit. Dat is niet alleen merkbaar op de uren, dat jeugd de banen in de Margriethal vult. Ook daarna, wanneer 18-plussers de banen bezetten, is het spitsuur. Dat is bij nogal wat andere clubs, waar de baanbezetting door een leegloop zorgelijk is, wel even anders. “Het gaat bij ons geweldig”, weet voormalig voorzitter en nu eerste-teamspeler Steven de Grunt. “Vooral de verhuizing naar de sporthal Margriet zal daar mede een rol in spelen. Die ligt centraal in de stad en is makkelijk te bereiken. Op de fiets, maar ook met de metro en de bus.”

Maar niet alleen de omvang van de vereniging dijt uit, ook de hoofdmacht zit weer in de lift. Na het succes in de zesde divisie, zet het nu de weg omhoog voort in de vijfde divisie, waar de twrr dames en drie heren koploper zijn. “We hebben er van buitenaf een stel goede spelers bijgekregen en worden geleid door door goede trainers. Bovendien worden de trainingen goed bezocht wordt. Allemaal pluspunten dus.” Het grootste pluspunt is de nummer één positie op de ranglijst. “Maar er is nog een lange weg te gaan”, maakt De Grunt een voorbehoud. “We zijn halverwege de competitie en hebben nog een lange weg te gaan. Bovendien is promotie geen must. We zitten in de vijfde divisie op een goed niveau. Een niveau, dat we goed aankunnen. Mochten we promoveren dan gaan we de uitdaging aan maar weten vooraf dat het dan veel op de tenen moeten gaan lopen.”