Woningbouw De Molenhoek in Uitgeest: vleermuizen bepalen wanneer sloop kan beginnen

UITGEEST - Gemeente Uitgeest wil nieuwe woningen realiseren op de locatie van de voormalige school De Molenhoek aan de Meidoornstraat. Voordat de sloopwerkzaamheden kunnen beginnen, moeten er eerst ecologen aan te pas komen.
Met warmtebeeldcamera’s en speciale meetapparatuur onderzoeken ecologen of beschermde diersoorten gebruikmaken van het gebouw. Vooral één dier krijgt de komende maanden vele aandacht: de vleermuis.
Wettelijk verplicht
Ecoloog Melissa Keijsper uit Uitgeest gaat het ecologisch onderzoek uitvoeren. Net als bodemonderzoek, archeologisch onderzoek en asbestonderzoek hoort ook ecologisch onderzoek tegenwoordig bij bouwprojecten. Het is zelfs wettelijk verplicht. ‘‘Nieuwe woningen realiseren én rekening houden met de natuur kan prima samengaan’’, vertelt Melissa. ‘‘Het is vooral belangrijk om te weten welke dieren gebruikmaken van een plek voordat je gaat slopen of bouwen.’’
‘Genoeg aan een klein kiertje’
Dat er specifiek onderzoek wordt gedaan naar vleermuizen, is niet toevallig. Eerder liet de gemeente al een flora en fauna quickscan uitvoeren: een eerste inventarisatie naar beschermde soorten die mogelijk aanwezig zijn. Bij gebouwen wordt dan standaard gekeken naar bijvoorbeeld huismussen, gierzwaluwen en vleermuizen. Iedere soort heeft eigen voorkeuren voor verblijfplaatsen. ‘‘Huismussen nestelen vaak onder dakpannen en gierzwaluwen zitten vooral bij kantpannen en gebruiken kleine openingen onder dakranden’’, legt Melissa uit. ‘‘Voor De Molenhoek zagen we daar weinig potentie voor. Het gebouw heeft een plat dak en biedt voor deze vogels weinig geschikte nestplekken.’’ Voor vleermuizen ligt dat anders. ‘‘Die hebben soms genoeg aan een klein kiertje. De gewone dwergvleermuis, de soort die in Nederland het meeste voorkomt, weegt maar vijf gram en past in een luciferdoosje. Daarom kunnen we vooraf niet uitsluiten dat ze aanwezig zijn.’’ Of er daadwerkelijk vleermuizen wonen, moet het onderzoek dus nog uitsluiten.
Onderzoek tijdens vliegseizoen
Het onderzoek van Melissa loopt van mei tot oktober, het vliegseizoen van vleermuizen, en bestaat uit meerdere observatierondes. Soms starten die observaties rond zonsondergang, soms pas midden in de nacht. ‘‘Een ochtendronde kan om 03.00 uur beginnen en doorgaan tot zonsopkomst’’, vertelt Melissa. ‘‘Dat zijn niet per se mijn favoriete diensten, maar wel de mooiste omdat je dan de invliegende vleermuizen kunt waarnemen.’’ Tijdens de rondes wordt gekeken wanneer dieren uitvliegen of juist terugkeren naar hun verblijfplaats. Ook brengen onderzoekers vliegroutes en voedselgebieden in kaart. Daarvoor gebruiken ze speciale apparatuur. ‘‘We hebben warmtebeeldcamera’s en apparatuur waarmee wel ultrasone geluiden van vleermuizen hoorbaar maken. Iedere soort heeft namelijk een eigen frequentie en gedragspatroon.’’ Bij De Molenhoek worden meerdere meetrondes uitgevoerd en staan onderzoekers op verschillende plekken rond het gebouw. ‘‘Vleermuizen zijn ontzettend snel. Je mist ze makkelijk, dus je hebt meerdere mensen nodig om alles goed te observeren.’’
Nieuwe verblijfplaatsen
Melissa’s onderzoek draait niet alleen om de vraag óf er vleermuizen aanwezig zijn, maar vooral ook hoe ze de locatie gebruiken. Gaat het om een enkele verblijfplaats of om een grotere groep? Dat bepaalt welke maatregelen nodig zijn. Wanneer beschermde verblijfplaatsen worden aangetroffen, volgt een vaste aanpak. Eerst inventariseren, daarna tijdelijk compenseren tijdens sloop- en bouwwerkzaamheden en uiteindelijk zorgen voor een permanente oplossing. Dat kan bijvoorbeeld met speciale vleermuiskasten of ingebouwde verblijfplaatsen in nieuwe gebouwen. ‘‘Vleermuizen hebben tijd nodig om nieuwe plekken te ontdekken’’, legt Melissa uit. ‘‘Daarom worden kasten soms al vroeg geplaatst. Ze hebben een gewenningsperiode van drie maanden nodig voordat werkzaamheden kunnen starten.’’ Timing is dus belangrijk.
Zorgvuldig plannen
Ecologisch onderzoek wordt soms gezien als een factor die de woningbouw vertraagt. Volgens Melissa ontstaat vertraging vooral wanneer onderzoek te laat wordt gestart en er te weinig rekening wordt gehouden met seizoenen: de planning van de natuur. ‘‘Het onderzoek zelf hoeft geen probleem te zijn als je er op tijd rekening mee houdt. Dan kun je natuur en planning goed combineren.’’ Voor De Molenhoek is de gemeente hier tijdig mee begonnen en het ecologisch onderzoek loopt parallel aan andere voorbereidingen voor de woningbouwontwikkeling. ‘‘Dat is een handige aanpak, want zo wordt voorkomen dat beschermde soorten én bouwplannen elkaar onverwacht in de weg zitten.’’
‘We kunnen niet zonder natuur’
Als geboren Uitgeester werkt Melissa regelmatig in de regio. Wat haar opvalt, is dat Uitgeest relatief veel soortenrijkdom kent. ‘‘We hebben hier veel groen en afwisseling tussen bebouwing, water en natuur. Vergeleken met sommige andere gemeenten kom ik hier veel verschillende soorten tegen.’’ Dat is volgens haar iets om zuinig én trots op te zijn. ‘‘In sommige gebieden zie je bijna geen leven meer. Dan besef je hoe bijzonder het is als natuur nog zo verweven is met de omgeving waarin mensen wonen.’’ Juist daarom vindt Melissa het mooi om mee te werken aan projecten waarbij ontwikkeling en natuur samenkomen. ‘‘We kunnen niet zonder natuur. Dat vergeten we soms. Daarom vind ik het bijzonder om eraan bij te dragen dat er ruimte blijft voor allebei.’’ Dat vleermuizen beschermd worden, heeft volgens haar dan ook een duidelijke reden. ‘‘Veel mensen weten niet dat vleermuizen enorme aantallen insecten eten. Ze spelen dus een belangrijke rol in het ecosysteem.’’
Wil je meer weten over de woningbouw op deze locatie? Kijk op www.uitgeest.nl.







Meer nieuws uit Uitgeest?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie