Wordt ZVVS in De Kulk kampioen?

Sport
De mannen van ZVVS kunnen zondag met winst op Oceanus voor eigen publiek het kampioenschap en terugkeer naar de tweede divisie zeker stellen. (Foto: RWM)
De mannen van ZVVS kunnen zondag met winst op Oceanus voor eigen publiek het kampioenschap en terugkeer naar de tweede divisie zeker stellen. (Foto: RWM) (Foto: )

De titel kan de waterpoloërs van ZVVS eigenlijk al niet meer ontgaan, De suprematie is zo groot, dat kampioen worden gaandeweg een kwestie van tijd werd. Komend weekend is het zover 

Zondag kan voor eigen publiek het feestje gevierd worden. Om het kampioenschap over de streep te trekken moet er zaterdag in Amsterdam (nota bene pas om 21.30 uur)  echter wel eerst van DJK/ZAR gewonnen worden en vervolgens na een paar uurtjes nachtrust op zondag om 16.00 uur in De Kulk van Oceanus. Beide tegenstanders zijn middenmoter. De één heeft op de ranglijst 25 punten en de ander 31 punten minder dan de mannen van de coaches Sander Verschoor en Erik van Schie. “Kat in het bakkie”, heet zoiets dan. In het Vlaardingse zwembad zijn ze echter op de hoede. Verslappen is een slechte eigenschap, zo hebben ze in Delft ervaren waar d’Elft, de enig overgebleven belager, ZVVS de eerste en tot dusverre enige nederlaag toebracht. En wakker schudde. 

Met een “Ho, ho. We moeten eerst zaterdag in Amsterdam maar eens zien te winnen”, probeert Van Schie mogelijk aanwezige euforie in te dammen. “We hebben destijds de thuiswedstrijd met slechts één doelpunt verschil (11-10, red) ternauwernood gewonnen. Nu leven we met gezonde spanning naar die wedstrijd toe. De sfeer binnen de groep is in ieder geval opperbest en het zelfvertrouwen groot. Ik heb niet het gevoel, dat ze tegen die wedstrijd opzien.” Mocht het komend weekend niet lukken, dan zijn er nog twee wedstrijden om die ‘misstap’ recht te zetten. Dat kampioenschap zien ze in De Kulk als de kers op de taart na een onverwacht puik seizoen. “We waren na de degradatie uit de tweede divisie niet van plan om meteen voor de titel te gaan. Bovenin meedraaien was voldoende. De mannen hebben er keihard voor gewerkt en worden daar nu voor beloond.”