Column: ‘Zoek maar niet, RABObank!’

Column
Alphons de Wit.
Alphons de Wit. (Foto: Mabel Böhms Media)

De Rabobank is op zoek naar een nieuw onderkomen. Het prachtige gebouw bij de ingang van het Westland, ooit tot de laatste plaats bezet, past niet meer bij het handjevol medewerkers dat resteert nadat de bank zijn sociale masker aflegde en zich ontwikkelde tot een instelling waar de cijfers de boventoon voeren. 

Je kunt zeggen van RABO wat je wilt, maar het was een prachtige instelling die kinderen leerde sparen. In drommen lieten ze in de spaarweek de spaarpotten legen voor een cadeautje van die aardige juffrouw van de bank. Ik mocht menig veiling voor een goed doel leiden. Altijd was of Wim Smit, of Aad van der Valk of Evert van Malkenhorst of Herman Kerssies aanwezig om, met hand opsteken, de opbrengst een zetje in de goede richting te geven.

Had je een hypotheek nodig, dan werd je vriendelijk ontvangen en, heel belangrijk in het Westland, de koffie stond altijd klaar.

De bank die zich erop voor liet staan dat hij zo dichtbij mensen stond koos een andere koers en verwijderde zich in recordtijd van de geachte clientèle. Met de opwaardering van de opstallen van tuinbouwbedrijven werd florerende bedrijven van hondstrouwe klanten, de nek opgedraaid.

Vanuit een megalomane toren aan de Utrechtse Croeselaan wordt de zaak inmiddels bestierd. Mensen die nu een hypotheek willen afsluiten worden niet gastvrij meer ontvangen, maar worden telefonisch doorverbonden met een medewerker ergens in het land. En die eens zo sympathieke bank laat nu eindelijk zijn ware aard zien. Het vriendelijke toegankelijke bankgebouw wordt afgestoten en ergens in het Westland wordt voor de vorm een nieuw onderdakje gekozen. Doe dat maar niet. Regel in het vervolg alles maar vanuit die ivoren Utrechtse toren dan hoeven we ons niet meer te ergeren aan het logo van de tuinder op zijn laatste cent staat.

Alphons de Wit