Op de Pijp met... Jaap Schut

Nieuws
wekelijks artikel in Groot Westland onder de naam; Op de pijp met..
Even pauze. Even op de pijp. Bakkie doen, praatje maken. Met en over bijzondere Westlanders. Westlanders met een verhaal. Over Westlandse waarden, en over heden, verleden en toekomst.
wekelijks artikel in Groot Westland onder de naam; Op de pijp met.. Even pauze. Even op de pijp. Bakkie doen, praatje maken. Met en over bijzondere Westlanders. Westlanders met een verhaal. Over Westlandse waarden, en over heden, verleden en toekomst. (Foto: TON VAN ZEIJL)

Jaap Schut (72) was zijn leven lang loodgieter en installateur. En nu, jaren na zijn pensioen, runt hij aan de Hovenierstraat 103 in Naaldwijk een waar museum over zijn vak. “Ik weet alles wat ik heb.” Jaap is getrouwd met Ellie Boers en woont in Naaldwijk. Samen hebben ze drie kinderen en zeven kleinkinderen.

Waar kom je vandaan?

Ik ben een geboren Naallûker. Telg uit een echte loodgietersfamilie. Waarschijnlijk oefende mijn overgrootvader dat vak al uit. Mijn opa werd in 1901 vanuit Delft naar het Westland ‘geschopt’ om daar zijn eigen bestaan op te bouwen. Hij had vijf zonen, die ook allemaal het vak ingingen, waaronder dus mijn vader. Die is tijdens de Tweede Wereldoorlog in Hoek van Holland begonnen. Later is hij weer naar Naaldwijk teruggegaan. Samen met ome San zette hij vanaf 1948 het bedrijf voort.

En jij volgde weer in zijn voetspoor…

Er wordt wel gezegd dat ik ‘met lood in mijn aderen geboren ben’ Tot mijn tiende woonde ik aan de Opstalweg. Alles draaide om de zaak. Als kind groeide ik op tussen de fornuizen. Ik wist niet beter en ik wílde ook niets anders. Na de Rehobothschool en de Ambachtsschool ging ik aan het werk. Overdag doorleren was er in die tijd niet bij, dus ik heb al mijn andere papieren ‘s avonds en in deeltijd gehaald. Vanaf 1972 was ik al mede-firmant. Op mijn 23e overleed mijn vader plotseling op vakantie in Spanje. Hij was pas 57. Oom was al eerder gestopt, dus ik stond er alleen voor. Maar dat ging gelukkig vrij soepel en ik heb het 45 jaar volgehouden.

Makkelijk, want de zestiger en zeventiger jaren waren drukke jaren voor loodgieters…

Het waren jaren van verandering. Zo was er de ombouw van stadsgas naar aardgas. Stadsgas werd geproduceerd in gasfabrieken. Bij de Kleine Woerdlaan in Naaldwijk (eigenlijk Verspycklaan – EvE) staat nog een oude gashouder. Het aardgas kwam uit Slochteren. Dat betekende gasleidingen aanleggen, want de leidingen voor stadsgas, waren ongeschikt.

Waarom?

Die werden afgedicht met vlas. Stadsgas bevat vocht en daardoor sloot vlas gasdicht af. Maar aardgas is droog, het vlas droogde op en de verbindingen gingen lekken. Daarnaast werd er in die tijd veel gebouwd én gerenoveerd. Nieuwe woningen kregen badkamers (dat was voor die tijd geen algemeenheid) dus er moesten ook heel veel waterleidingen, afvoerleidingen, noem maar op, aangelegd worden. En goten en hemelwaterafvoer… Die pijpen maakten we veelal zelf. Dat leerde ik nog op de ambachtsschool. Pas in de jaren ‘80 werd dat fabrieksmatig. Metaal als koper, lood, zink… zwaar werk. En Eternit pijpen Daar zat asbest in. Dat werd ook nog volop gebruikt. Centrale verwarming. Nog zo’n nieuwigheid. Mijn vader en ik moesten daar een speciaal diploma voor halen om die ketels te mogen plaatsen. En we verkochten ook (gas)kachels, gasfornuizen en geisers.

Dat was ook nieuw?

Op aardgas, ja. Geisers bestonden al wel. Mijn opa verkocht ze al. Maar dan vooral voor herenhuizen. Die werden dan gestookt met hout of turf. Later ook wel op stadsgas en flessengas. Flessengas werd ook door tuinders veel gebruikt. Om de voorverbranders van de oliestook op te warmen. Haast elk weekend was het wel raak dat de flessen bij een of andere tuinder leeg waren. Dan werd je weer gebeld om direct nieuwe flessen te leveren, daar werd je weleens knap gek van. Met de tuinderij heb ik verder niet heel veel van doen gehad. Dat was echt wel een andere tak van sport.

Geisers heb je genoeg in je museum…

Ja, mooi hè? Ik ben altijd gek geweest op geisers. Toen de aardgasgeisers kwamen en we de oude weg moesten halen, hebben we er van elk type wel één bewaard. Dat is eigenlijk het begin van de museumcollectie geweest. Samen met bijvoorbeeld de gereedschappen van mijn opa die mijn vader al bewaarde. Weggooien zijn we nooit heel goed in geweest.

En sanitair?

In de Herenstraat hadden mijn vader en moeder daar al een showroom voor. En ik ben daarmee doorgegaan. Ook dat was een hele ontwikkeling, met bijvoorbeeld het lavet. Ouderen herinneren zich dat nog wel: een ronde kuip, vaak van graniet of een ander soort natuursteen. Er waren zelfs apparaatjes voor te krijgen zodat je er ook de was in kon doen. (De langzaamwasser – EvE).

En dat hield je allemaal 45 jaar vol…

Met gemak. Tot ik in 2017 min of meer genoodzaakt werd om te stoppen. Ik kreeg op mijn 62e een hersenbloeding. Daar kwam ik gelukkig heel goed uit hoor, maar het kantoor- en planwerk kon ik niet meer zo goed doen. Een aannemer nam de boel over. Maar die pakte het niet goed aan. En zo was een zaak die op dat moment 117 jaar bestond binnen anderhalf jaar weg.

Dat was vast niet makkelijk...

Nee. Het hele verkoopproces was al lastig genoeg en toen was alles nog naar de knoppen ook. Het was niet zomaar een bedrijfje… Het was mijn kind. En daarnaast had ik nog een stiefkind: Stichting Assistance Healtcare Albania (AHA) waarmee we via stichting Dorcas vanaf 1992 op allerlei plekken in Albanië hulp hebben verleend: voedselhulp, maar ook scholen en ziekenhuizen opknappen. Waar ook weer loodgieterswerk bij kwam kijken. Zo hielp het ene ‘kind’ het andere.
Inmiddels ben ik daar mee gestopt. En eerlijk gezegd, ik ben ook blij dat ik geen bedrijf meer heb, gezien de ontwikkelingen. Het is als loodgieter en installateur steeds lastiger geworden. De ontwikkeling naar duurzaamheid is interessant. Maar de warmtepompen van nu zijn helemaal niet meer te vergelijken met de gasinstallaties van toen.

En we moeten allemaal van het gas af…

Op zich een nobel streven. Maar ik vrees dat de consequenties ervan niet goed overdacht zijn. Ik zie ook een groot gebrek aan kennis over de techniek. Ook, of juist, bij installateurs. Verkopen en plaatsen, is geen probleem. Maar onderhoud en repareren, dat blijkt lastig. En ook het gebruik van een warmtepomp is weer heel anders dan die van een gasinstallatie. Als je het goed wilt doen moet je veel gelijkmatiger verwarmen. Je moet er dus mee leren stoken. Dat heb ik ook uit eigen ervaring gemerkt.

Jij houdt je liever met de oude dingen bezig…

Gelukkig waren bij de overname mijn panden en de museumcollectie buiten de verkoop gebleven, dus dat kon ik voortzetten. Ik heb er toen maar een stichting van gemaakt: Stichting Erfgoed De Loodgieter en Oude Technieken, oftewel, het ‘Installatiemuseum’. Inmiddels gegroeid tot een flinke collectie. Jaarlijks komen er nog nieuwe dingen bij en als ik zou willen, kan ik er nog een hal bij zetten.

Maar je bent kieskeuriger geworden?

Je kunt niet álles bewaren. Dus als ik iets aangeboden krijg, dan vraag ik om een foto zodat ik kan beoordelen over welk merk en type het gaat en of ik die al dan niet al bezit.

Je weet wat je hebt?

Ik weet alles wat ik heb. En vijftig, zestig procent van de collectie is ook gedocumenteerd.

Maar wat wil je ermee?

Het mooiste is als er ooit een echt museum van gemaakt kan worden. Maar dan moet iemand bereid zijn daar in te stappen. Dan zou de collectie in zijn geheel behouden kunnen worden.
In de oude watertoren? Dat zou mooi en historisch zijn. Maar in de praktijk richt ik me er nu meer op om delen van de collectie onder te brengen bij andere musea. Er is wel enige belangstelling voor.

Maar wat voor doel dient het museum zelf? Is het educatief? Nostalgie?

Allebei. Om te beginnen is het gewoon leuk om over het vak te vertellen. En over de oude technieken, die ik zelf soms ook alleen maar uit overlevering ken. Je praat over een ambacht. Over een vak dat eigenlijk al teruggaat tot de Romeinse tijd, maar dat nu langzaamaan aan het verdwijnen is.

Er zijn toch nog loodgieters?

Ja. En in tegenstelling tot vroeger staan ze in wat hoger aanzien en kunnen ze toptarieven rekenen. Maar de loodgieter is de loodgieter niet meer. Het kleine lekje oplossen. Je eigen pijpje maken, dat gebeurt haast niet meer en daarmee verdwijnt ook de kennis en vaardigheid.
De loodgieter als ambachtsman zal, op een paar gespecialiseerde bedrijven na, verdwijnen. De installateur blijft!

Wil jij ook Op de Pijp of ken je iemand met een mooi verhaal? Mail dan naar
redactie.westland@rodi.nl.

wekelijks artikel in Groot Westland onder de naam; Op de pijp met..
Even pauze. Even op de pijp. Bakkie doen, praatje maken. Met en over bijzondere Westlanders. Westlanders met een verhaal. Over Westlandse waarden, en over heden, verleden en toekomst.
wekelijks artikel in Groot Westland onder de naam; Op de pijp met..
Even pauze. Even op de pijp. Bakkie doen, praatje maken. Met en over bijzondere Westlanders. Westlanders met een verhaal. Over Westlandse waarden, en over heden, verleden en toekomst.

Meer nieuws uit Westland?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: