PWN over wateroverlast: ‘We zijn niet de wegbeheerder’

Nieuws
De Zeeweg bij de kruising naar de parkeerplaats aan de Uilevangersweg
De Zeeweg bij de kruising naar de parkeerplaats aan de Uilevangersweg (Foto: Ed Bausch)

BERGEN AAN ZEE-De laatste tijd zou je het dorp en de omgeving ook wel Dalen aan Zee kunnen noemen. Want waar je ook kijkt, op allelei plekken die in hun gebiedje het laagst zijn gelegen zijn meertjes ontstaan, soms echt zelfs serieus water. Het Vredeskerkje spiegelt zich nu al ruim twee maanden in een flinke plas water er om heen. Sinds een paar weken komt er ook al steeds water de Zeeweg op, uit het gebied dat te boek staat als de Verbrande Pan. De provincie zag zich, als de wegbeheerder, daar bij de kruising met de Uilevangersweg, stoplichten te plaatsen en een weghelft af te sluiten. Want een auto komt er niet meer doorheen, weg en duin zijn een meertje geworden.

door Ed Bausch

Droogte en overstromingen wisselen elkaar snel af

Het is een vreemde tijd. Nog maar een jaar geleden waren er zorgen over de lage waterstand onder woningen op houten palen. Die gaan achteruit als ze teveel en te vaak niet onder water staan. En nog maar even geleden was droogte een enorm probleem. Nu is er het water. Niet eens door een te vrezen zeespiegelstijging, maar gewoon anaf het land, aangevoerd door de rivieren of gewoon, zoals in Bergen aan Zee uit de lucht, vallend op zandgrond die metersdiep verzadigd moet zijn. Hoeveel dieren hebben hun zwemdiploma? Hoe lang kunnen bomen in water staan? Hoeveel bekeuringen kunnen worden uitgereikt als wandelaars en harddravers van het pad af moeten wijken en door het duinstruweel moeten banjeren om droog over te komen?

Roepen tegen de wind in

‘Het water komt’, schreef Rutger Bregman, de schrijver van ‘Alle mensen deugen’. In een klein boekje ter herinnering aan Johan van Veen, de klokkenluider van het eerste uur, al decennia vóór de watersnood van 1953. Groninger Van Veen riep en riep, als medewerker van Rijkswaterstaat. Maar zijn woorden werden in de wind geslagen. Tot die wind uiteindelijk toch kwam. Nergens staat er beeld voor hem, is er een stukje weg vernoemd, terwijl hij toch al vroeg kwam met plannen voor Deltawerkenachtige constructies. Zijn de klimaatactivisten de Johan van Veen van deze tijd?

Niet uit zee maar van boven

Nu is er de wateroverlast door water uit de rivieren, niet uit zee. Water uit de hemel, bij windstil weer. De palen onder de houten huizen van Amsterdam voelen zich vast weer gelukkig. Toch bijzonder dat het nu vooral de duinen zijn waar je de verandering van deze jaren ziet, water wat niet weg kan, niet de grond in. In een polder kan het nog worden weggemalen, door antieke of moderne molens. In de duinen zijn geen molens.

Stads stoplicht

Grappig, je belt PWN, het waterbedrijf en dan krijg je te horen: ‘Wij zijn niet de wegbeheerder. Dus wij kunnen niet iets zeggen over die plas daar op de weg.’ Nee, maar de vraag ging over het water, dat komt het duingebied. De vraag was niet om de duinbeheerder van iets te beschuldigen, veel meer om wat te horen over de staat van het duingebied in deze natte periode. Angst stond kennelijk in de weg om iets te zeggen. Hoe dan ook. De Zeeweg naar Bergen aan Zee heeft nu een stoplicht. Het staat niet de hele tijd op rood, maar toch. Vrij naar cabaretier Herman Finkers: In Bergen aan Zee is altijd wat te doen, dan staat het stoplicht op rood en dan weer op groen. Onder dijkgraven van Holland was er ooit een mooi gezegde: “Geef ons heden ons dagelijks brood en af en toe een watersnood.” Om bij de les te blijven. Evengoed is het erg mooi, al die meertjes in de duinen. Mijmeren bij het stoplicht, de bomen gespiegeld in het water.