Otte heeft al 90.000 vogelfoto’s: ‘Ik hoor ze eerder dan dat ik ze zie’

Nieuws
Zijn liefde voor vogels ontstond al op jonge leeftijd.
Zijn liefde voor vogels ontstond al op jonge leeftijd. (Foto: aangeleverd)
Sandra Ooms

NIEUWE NIEDORP - Vogelaar en natuurfotograaf Otte Zijlstra (77) heeft inmiddels 90.000 vogelfoto’s: "Ik hoor ze vaak eerder dan dat ik ze zie"

Wie door Nieuwe Niedorp fietst, ziet waarschijnlijk bomen, huizen en een rustig dorpsbeeld. Otte Zijlstra hoort er ondertussen een heel andere wereld. "Als ik in mei door de Dorpsstraat fiets, hoor ik zo vier of vijf boomkruipers", vertelt de vogelaar. "Die zitten ergens in een boom, zijn klein, hebben een goede schutkleur en je ziet ze bijna niet. Maar ze maken een heel helder geluid. Geen mens heeft dat volgens mij in de gaten."

Het begon op de boerderij

Zijn liefde voor vogels ontstond al op jonge leeftijd, op de boerderij in de omgeving van Workum waar hij opgroeide. Een herinnering is hem altijd bijgebleven. Voor het raam zag hij kemphanen baltsen. "Pas later besefte ik hoe bijzonder dat eigenlijk was. De kemphaan is hier nu bijna verdwenen."

De fascinatie groeide verder toen Zijlstra biologie ging studeren. Hij leerde vogelgeluiden herkennen en begon beter te begrijpen wat hij buiten zag. In 1973 werd de belangstelling serieus. Na zijn huwelijk trok hij in de weekenden regelmatig met zijn vrouw Akkie en familieleden de natuur in. Boeken en vogelgidsen gingen mee. Wat was die vogel? Waar leefde hij? Wat deed hij?

"Zo groeide de passie langzaam. En toen ben ik ook gaan fotograferen. Dan kun je het vastleggen en er later nog eens van genieten."

Eerst horen, dan zien

Vogels kijken begint voor Zijlstra niet met zijn verrekijker, maar met zijn oren. "In het voorjaar, als de vogels zingen, is dat heel belangrijk. Ze zingen om een partner te lokken en om andere mannetjes duidelijk te maken: hier woon ik. Als je eenmaal de geluiden kent, begint het eigenlijk al zodra je de deur uitgaat."

Hij gebruikt graag de uitspraak van Johan Cruijff: "Je ziet ’t pas als je het weet." Wie een vogel niet kent, loopt er gemakkelijk aan voorbij. Zijlstra hoort hem juist.

De camera gaat mee

Zijn fotoarchief is inmiddels enorm. Waar hij in 2018 al ongeveer 60.000 vogelfoto’s bezat, staat de teller inmiddels rond de 90.000. "Als je op vakantie bent, maak je foto’s", zegt hij lachend. Tegenwoordig beschikt hij over twee camera’s en twee telelenzen. In een hut, vanuit de auto of tijdens een wandeling: de camera gaat mee. Het digitale tijdperk heeft het fotograferen bovendien een stuk eenvoudiger gemaakt. "Vroeger had je fotorolletjes met 36 opnames. Ik ben eens naar Zuid-Afrika geweest met 75 rolletjes. Dat was raak of niet raak." Nu kan hij duizenden foto’s maken. Tijdens zijn meest recente reis door Scandinavië kwamen er zo’n 20.000 beelden bij. Daarna begint het selecteren.

Een goede vogelfoto hoeft volgens Zijlstra niet alleen een mooi plaatje van een vogel op een tak te zijn. Juist gedrag maakt een foto interessant. Een kleine zilverreiger die met zijn poten door het water trappelt om visjes los te maken bijvoorbeeld. Of een slangenarend in de Pyreneeën, met een slang in zijn poot, terwijl een zwarte wouw probeert de prooi af te pakken. "Dat had ik nog nooit gezien en ik heb het op beeld. Dat is prachtig. Daar kun je in een lezing ook echt iets over vertellen."

Van Zuid-Afrika tot Spitsbergen

Die lezingen vormen een belangrijk onderdeel van zijn leven als vogelaar. Zo’n tien keer per jaar vertelt hij over zijn reizen en de vogels die hij onderweg heeft gezien. Hongarije, Polen, Lesbos en Zuid-Afrika kwamen voorbij. Ook Spitsbergen bezocht hij, ver in de Noordelijke IJszee. Toch is het vooral Zuid-Afrika dat hem bijblijft. Daar zag hij de secretarisvogel, een grote roofvogel met lange poten. "Hij heeft zo’n kwastje op zijn hoofd. Dan lijkt het net een ouderwetse Engelse secretaris met een potlood achter zijn oor." De vogel jaagt onder meer op slangen en hagedissen en oogt volgens Zijlstra "prachtig en statig".

Een andere onvergetelijke ontmoeting had hij in Hongarije, op de Poesta. Vanuit een hut zag hij plotseling een draaihals. Een merkwaardige vogel, verwant aan de spechten, die met zijn lange tong mieren uit de grond haalt. "Die wilde ik graag fotograferen. Dat is gelukt. Voor het eerst op de foto. Heel bijzonder."

Ook dichtbij is bijzonder

Voor bijzondere vogels hoeft een vogelaar niet altijd ver weg. Ook rond Nieuwe Niedorp valt genoeg te beleven. Zelf komt Zijlstra graag bij de Langereis en in het park. Tegelijkertijd ziet hij in zijn eigen omgeving dat sommige vogelsoorten het moeilijk hebben.

"De weidevogels en akkerrandvogels zijn sterk afgenomen. De patrijs, de kwartel, de veldleeuwerik. Dat vind ik toch wel jammer." Intensieve landbouw, een lagere grondwaterstand en stikstof spelen volgens hem een rol.

Andere soorten doen het juist beter. De groene specht en grote bonte specht ziet hij vaker. "Er komen meer oudere bomen en dikkere bomen waarin ze kunnen broeden."

Zijlstra werkte ook mee aan de Vogelatlas en onderzocht daarvoor een gebied van enkele vierkante kilometers rond zijn woonomgeving. Nieuwe tellingen staan alweer voor de deur: tussen 2026 en 2030 wordt opnieuw veel informatie verzameld over de Nederlandse vogelstand door Sovon.

Nog altijd op pad

Sinds zijn pensioen in 2011 heeft Zijlstra meer vrijheid om eropuit te trekken. Al betekent dat niet dat hij rustig achteroverzit. Hij is vrijwilliger bij Staatsbosbeheer, begeleidt groepjes, fietst met drie fietsgroepen, zit bij een fotoclub en geeft zijn lezingen.

En ondertussen blijft hij luisteren.

Zijn mooiste ervaring? Niet één zeldzame vogel, maar een massale vogeltrek in Zuid-Zweden bij Falsterbo. Op een dag trokken daar meer dan tienduizend roofvogels over. Vooral deze roofvogels maakten gebruik van opstijgende warme lucht (thermiek) om hoogte te winnen voordat ze over de zee richting Denemarken overstaken.

"Dat was een gigantisch gezicht. Ik ben er wel tien keer geweest, maar zoiets heb ik nooit meer meegemaakt. Die trek van buizerds blijft me altijd bij."

Voor wie zelf wil beginnen met vogels kijken, heeft Zijlstra een eenvoudig advies: "Koop een verrekijker en leer ermee omgaan. En vooral: gebruik je oren." En samen op pad is natuurlijk dubbel genieten en dan met name iemand die er iets meer van weet.

Want wie eenmaal weet waar hij naar moet luisteren, ziet ineens veel meer.

"Je ziet ’t pas als je het weet."

De baltsende Roodkeelduikers op een meertje op IJsland 2023.
Een Slangenarend, die een slang als prooi heeft, die achterna wordt gezeten door een Zwarte Wouw; uiteindelijk lukte het de wouw om de slang de Slangenarend te ontfutselen. Spaanse Pyreneeën 2014.

Meer nieuws uit Hollands Kroon?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: