Vakantie-avontuur in Slovenië: twee gezinnen uit Hoorn ontsnappen aan extreem noodweer

Nieuws
Een aantal caravans na de modderstroom op de camping.
Een aantal caravans na de modderstroom op de camping. (Foto: aangeleverd)

HOORN / VARPOLJE - Modderstromen, panieksituaties en al je spullen achterlaten. Rianne Jansen (44), haar man Matthijs (48) en hun zoon Ian (13) uit Hoorn kregen in Slovenië te maken met extreem weer. Aan onze redactie vertellen ze wat ze allemaal hebben meegemaakt.  

Door: Sandra Ooms

Het begon allemaal onbezorgd. Het gezin keek uit naar de geplande vakantie richting een camping in Slovenië. Rianne vertelt: “Op zondag 24 juli vertrokken we met de auto en caravan. Ons nichtje Laura van zestien ging met ons mee, evenals onze beste vrienden. Ik wilde mijn zoon heel graag Slovenië laten zien. Ik ben daar als kind vaak geweest en heb er hele mooie herinneringen aan. Het is een prachtig land.” Een zacht, schamper lachje klinkt. “Ja, de ironie ontgaat mij niet.”

Buienradar

Anderhalve week genoten ze van hun vakantie. Leuke uitstapjes, mooie bezienswaardigheden en heerlijke momenten had de groep op camping Menina in een dorpje naast het plaatsje Varpolje. Rianne vervolgt: “Er waren af en toe wel flinke regenbuien en hier en daar waren er wat bomen omgewaaid. De buien kwamen soms ook met pittig onweer, maar dat wisselde zich af met zonnige periodes.  Afgelopen donderdag zagen we op buienradar dat het vrijdag flink zou gaan regenen. Voor de zekerheid hebben we wat extra stormbanden aan de voortent van onze caravan geplaatst. De hele dag zelf was het prachtig weer. Donderdagnacht begon het echt flink te regenen. Het was zo heftig dat ik er niet van kon slapen. Ik was doodongerust. ‘Dit gaat niet goed’ dacht ik. Matthijs zei ‘Rianne ga nou rustig slapen, het komt allemaal wel goed.’ Laura sliep in een zijtentje naast de caravan. Ik had haar gezegd dat als ze bang zou worden, dat ze dan naar de caravan moest komen.

Rond half vier zag ik door het raampje van de caravan dat Laura haar tent uitkwam. Ik liep naar de voortent en deed deze voor haar open. Links van ons op het veldje zag ik allemaal caravans vertrekken. Ik dacht nog ‘wat een rare tijd om nu weg te gaan, zonder licht’. Ik suste mijn gedachten met het idee dat ze vast weg wilden voor het slechte weer. Wij zijn weer in ons bed gaan liggen. Maar ik kon niet slapen en keek constant uit het raam. Ik hoorde gerommel, het leek op onweer. Ik wist dat het geen onweer was, maar ik kon het geluid niet plaatsen. Dit was achteraf gezien het geluid van het water dat ontsteeg uit de rivier naast ons en het meer van twintig meter verderop. Rond vier uur klopte onze vriend Eef Veldhuis bij ons aan. Hij stond schuin tegenover ons op de camping met zijn vrouw Marnieke en hun drie kinderen.”

Blinde paniek maakte zich van mij meester

Eef vertelde dat het verstandig was dat ze uit bed zouden komen om de caravan los te koppelen, want hij had er geen goed gevoel bij. “In paniek maakte ik Matthijs wakker en ben als een gek de auto vijf meter hoger gaan zetten. Op dat moment was onze campingplaats nog droog. Toen ik terugliep stond het water al tot op mijn enkels. Alles wat we konden pakken, pakten we. Onze telefoons, wat kleding en paspoorten. Ik sommeerde Ian en Laura om in de auto te gaan zitten. Matthijs en ik wilden nog wat spullen redden maar op een gegeven moment werd het te gevaarlijk. Het water stond toen al tot onze knieën. Matthijs vond dat ik terug moest gaan naar de auto om deze naar een hoger gelegen gebied bij de receptie te rijden. Hij zou volgen. In een grote file, vol met campinggangers reed ik gestaag omhoog. Er heerste complete paniek op de camping. Eenmaal bij de receptie vertelden reddingswerkers me dat ik nog verder omhoog moest. De paniek sloeg toe, want hoe moest Matthijs ons dan nog vinden? Iets verderop ben ik stil gaan staan. Matthijs kwam maar niet opdagen. Eef was al twee keer de auto uit gelopen om hem te zoeken. Tevergeefs. Blinde paniek maakte zich van mij meester. Het duurde voor mijn gevoel uren totdat ik hem eindelijk zag lopen.”

Zijn BMW dreef weg

Matthijs haakt in: “Het was onwerkelijk. Toen ik eenmaal besloot om ook naar de auto te lopen zag ik onderweg een jongen met zijn been in het gips op zijn buik liggen, in het water. Hij riep ‘Help me, I’m gonna die.’ (Help me. Ik ga dood. red.) Ik tilde hem op en zei ‘Not today’ (Niet vandaag. red.). Meters heb ik met hem in mijn armen gelopen tot ik hem kon overdragen aan de brandweer. Onderweg schreeuwde ik naar alle mensen die aan het inpakken waren dat ze daarmee moesten stoppen en moesten vluchten. Een man riep me toe dat hij bijna klaar was en zijn spullen in zijn auto zou gooien. Ik zag een auto wegdrijven. Ik schreeuwde terug: ‘Welke auto? Is die zwarte BMW van jou?’ Met open mond van verbazing zag hij zijn auto verdwijnen in de modderstroom. Toen pas drong het tot ze door en  liepen ze mee naar boven.”

Zo’n 900 mensen werden uiteindelijk opgevangen in een school. Er was een vrouw die bij het Rode Kruis werkt, zij ging meteen aan de gang met haar collega Simone, zij belden ambassades op en probeerden iets te regelen. Rianne: “Mijn grootste dankbaarheid gaat naar de lokale bevolking. Ze waren zelf ook alles verloren door de overstroming, maar ze kwamen allemaal naar de school om ons te helpen. Het  is ongelooflijk hoe lief deze mensen voor ons waren. We zaten in een hoekje met een deken over ons heen. We waren ijskoud door het bergwater. Ook maakten ze aardappelsoep voor ons en zamelden kleding in. De dag erop is de lokale bevolking een supermarkt binnengedrongen en haalde daar de schappen leeg om ons te voorzien van chips, water en brood. Ik heb diep respect voor ze.”

Illegaal campingbezoek

In de loop van de ochtend dropen er nog meer Nederlanders de school binnen. Verhalen werden uitgewisseld. Rianne: “Onze gezinnen hadden eigenlijk het meeste geluk. Wij stonden op het hoogste punt van de camping en hadden onze auto nog. Sommige mensen konden niet meer vluchten door de modderstroom vol wrakken en spullen en belandden op daken. Hier werden ze gered door helikopters. Halfnaakt en in shock kwamen ze binnen. Er was geen bereik en geen wifi dus we konden niemand bereiken. Er werd omgeroepen dat we de school de hele dag absoluut niet mochten verlaten. Omdat de weg niet vrij was en het hele gebied als rampgebied was bestempeld. In de avond sliepen de mannen in de auto en wij raapten wat kleding bij elkaar om ook te gaan slapen. Rond 23.30 kwam het leger binnen met veldbedden. Zaterdagmiddag mochten we de school verlaten om te vertrekken. De weg was vrij. Mensen vertrokken massaal. Wij niet. We dachten ‘laten we de rust behouden’ en toch nog even naar de camping gaan. Omdat we zo hoog zaten, was er wellicht wat te redden.’ Ondanks het verbod de camping te betreden slopen Matthijs en Eef illegaal de camping op.

Matthijs: “We troffen een grote ravage aan. Alles was weggespoeld. Mensen waren met stokken aan het prikken in het water, om te zoeken of er nog mensen onder water lagen. Afschuwelijk. Het meer was overgegaan naar het land. Overal lagen wrakstukken en de hele infrastructuur was verdwenen. Ik kwam aan bij onze caravan en probeerde de deur uit te graven, maar het was onbegonnen werk. We keerden weer terug naar de school.”

Na een wat rustigere nacht, waarin ze een heel schoollokaal voor zichzelf hadden, besloten de gezinnen te vertrekken. Toch nog even langs de camping waar ze als een wonder drie mountainbikes van Eef en Marnieke konden opvissen. Het zeil van de vouwwagen werd eraf gesneden en de spullen die ze nog konden vinden werden in de bak gegooid. Het zeil werd er provisorisch vastgemaakt en de rit naar huis kon beginnen. “Ach,” zegt Matthijs, “het was een grote modderbende wat we meenamen. Het was meer voor het gevoel, dat we toch nog iets van onszelf mee konden nemen.”

Oostenrijk

De gezinnen zijn op zondagavond aangekomen in Oostenrijk waar Rianne door de telefoon zingt: “We zijn bij het hotel. Eindelijk een warme douche en een echt bed. Heerlijk, wat heb ik dat gemist. En privacy, dat ook. Maar eerst gaan we wat eten. We moeten maar zien wat we vergoed krijgen van wat we zijn verloren. De ANWB heeft iemand naar de camping gestuurd en we hebben veel foto’s gemaakt. De caravan zijn we kwijt. Het is verschrikkelijk. Maar uiteindelijk zijn het maar spullen. Wij zijn in orde en dat is alles wat telt.” Zoon Ian is een spannend verhaal rijker: “Ik ben zojuist op het Jeugdjournaal geweest. Misschien word ik wel beroemd”, lacht hij. 

De mensen die hun auto zijn kwijtgeraakt worden zondagavond 6 augustus om 22.00 uur gerepatrieerd in bussen naar Nederland.

De gezinnen op veldbedjes in de school.

Laura, Rianne en Matthijs voor de school

Meer nieuws uit Hoorn?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: