Ira de Vries uit Hoorn droomt van eigen kerstversiering-museum

HOORN - Wie het huis van Ira de Vries (51) uit Hoorn binnenstapt, voelt het meteen: hier woont een échte kerstliefhebber.
In elke hoek schitteren glazen kerstballen, ornamenten en figuren van watten, stuk voor stuk met een eigen verhaal. Ira verhuisde tweeënhalf jaar geleden vanuit Frankfurt naar Hoorn, voor de liefde. Haar man deelt haar passie voor kerstversiering en een groot deel van haar uitgebreide verzameling reisde mee naar Nederland.
Haar uitgebreide collectie bestaat grotendeels uit oude Lauscha-ballen. “Wat deze versieringen en vormen zo bijzonder maakt, zie je eigenlijk meteen”, vertelt Ira, terwijl ze voorzichtig een ornament uit de doos haalt. “Het glas is papierdun, bijna breekbaar. De hals is lang en smal, en geen twee exemplaren zijn exact hetzelfde. Alles is puur handwerk.”
Hét centrum van de kerstbal
De oorsprong van glazen kerstversiering ligt in Lauscha, een kleine stad in Thüringen. Al sinds de zeventiende eeuw wordt daar glas geblazen, maar rond 1870 ontstond iets nieuws: filigraan, mondgeblazen kerstornamenten. Dat werd een enorm succes. Lauscha groeide uit tot hét centrum van de kerstbal en is tot op de dag van vandaag een soort bedevaartsoord voor liefhebbers uit de hele wereld. “Ook nu zie je daar nog glasblazers aan het werk, vaak in kleine familiebedrijven, waar alles nog met de hand wordt gemaakt.”
De productie is arbeidsintensief: de glazen vorm wordt geblazen en afgesloten met een dun buisje. Daarna wordt de binnenkant verzilverd met een zilveroplossing, zodat het glas mooi gaat glanzen. Vervolgens krijgt de buitenkant kleur, vaak door het ornament kort in een bad met gekleurde lak te dompelen. Daarna wordt het soms nog verder versierd met glitter, draad, stof of kunstsneeuw. Juist die ambachtelijke precisie fascineert Ira. “Elke kerstbal vertelt iets over de tijd waarin hij is gemaakt. Mensen maakten deze ornamenten zogezegd aan de keukentafel, vaak met de hele familie.” Ze laat een oude foto zien: mannen blazen het glas, vrouwen en kinderen beschilderen en versieren de ballen. Tegenwoordig nemen moderne geautomatiseerde technieken steeds meer werk over, maar de oude vormen blijven levend. “De ballen verbinden verleden en heden op een wonderbaarlijke manier”, zegt Ira.
Begin van een passie
Ira’s eigen collectie begon heel bescheiden. “Ik studeerde aan de Universiteit van Heidelberg en werkte naast mijn studie op een kerstmarkt in Frankfurt am Main. Daar zag ik zoveel prachtige dingen”, herinnert ze zich. Op haar laatste werkdag kreeg ze een klein cadeau: een kerstversiering in de vorm van een vogeltje op een nestje. Ze lacht: “Die heb ik nog steeds. Dat was eigenlijk het begin.”
Aanvankelijk bleef het bij losse vondsten, maar vijf jaar later ontdekte Ira op antiekmarkten en in brocantewinkels steeds nieuwe schatten. “Elke keer nam ik een paar items mee. Zo groeide de collectie stukje bij beetje.” Die bestaat inmiddels niet alleen uit Lauscha-ornamenten. Ira heeft bijvoorbeeld ook uitzonderlijke, antieke kerstversiering uit Gablonz, een Boheemse glasstad in Noord-Tsjechië. “Dat glas daar is dikker en daardoor ook zwaarder. Glasparels en -staafjes werden op draad geregen om versieringen te vormen. Heel anders, maar net zo mooi.”
Herinneringen en dromen
Ira’s kerstboom is elk jaar uniek. “Meestal staan er zelfs twee bomen en soms verander ik tussendoor nog iets”, zegt ze lachend. Eén ornament mag echter nooit ontbreken: weer een vogeltje op een nest. “Het herinnert me aan mijn kindertijd en aan het samen kerst vieren met de familie. Dit collectieve geheugen zit in deze ornamenten.” Ira heeft nog wel één grote droom. “Ik droom van een eigen klein museum, een privémuseum alleen voor kerstversiering.” Inspiratie biedt het Museum in de Zevende Hemel in Apeldoorn, dat zich richt op een vaste collectie oude ‘curiosa’ rond Sinterklaas, Kerstmis en Pasen. “Zoiets dus. Klein en persoonlijk. Geen commercieel project, maar een plek om mensen blij te maken en de verhalen achter deze ornamenten en kerstversiering uit de hele wereld te vertellen.” Thuis ontbreekt nog de ruimte, maar verhuisplannen zijn er al. “Wie weet wat de toekomst brengt” zegt Ira. “De Lauscha-traditie blijft in ieder geval altijd bij mij en ik vertel er graag over. Als mensen items uit mijn verzameling zien, merk ik dat ze blij worden. En dat is precies het gevoel dat ik over wil brengen. Een stukje positiviteit dat veel mensen wel kunnen gebruiken.”






Meer nieuws uit Hoorn?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie