Paul Vlaar: van ‘jochie achter het orgel’ tot kermislegende

Nieuws
Paul Vlaar achter zijn oude orgel.
Paul Vlaar achter zijn oude orgel. (Foto: Rodi Media)

REGIO - Wie in Noord-Holland weleens op een kermis, bedrijfsfeest of verjaardag heeft gestaan, kent hem gegarandeerd: Paul Vlaar. Al tientallen jaren zorgt hij voor de sfeer: met orgel, keyboard en die onmiskenbare brede lach. "Geen feest als Paul niet is geweest!"

Door Martijn van der Staaij

Aan de rand van ‘t Veld staat het huis van Paul Vlaar, bij menig feestganger bekend. Met een brede lach doet hij de deur open: “Het kermisseizoen is bijna af, de winter zit eraan te komen, dus weer wat rustiger voor mij!” In de woonkamer van Paul staan in twee verschillende hoeken vier grote geluidsversterkers. “Mijn vrouw was daar eerst niet zo blij mee, maar ze kunnen ook zachtjes”, lacht hij. Verder staat er ook nog een piano, een keyboard en een orgel. “Dat heb je met een muzikant, hè.”

Kermisseizoen

Het kermisseizoen is bijna af, en dat betekent dat er teruggeblikt kan worden. “Deze zomer was echt súper, superleuk,” vertelt de zanger. “Het was een mooie warme zomer, en ik heb weer hele mooie kermissen gedaan.” Tijdens het kermisseizoen, dat in het voorjaar van start gaat, is Paul zo goed als volgeboekt.

“Een van de eerste kermissen die ik doe is die in De Goorn. Dat is wel een hele speciale kermis, hoor. Omdat het een van de eerste is waar ik sta, heb ik er weer extra veel zin in, en denk ik: yes, het begint weer!”

Tijdens kermis De Goorn stond hij afgelopen jaar op de maandagochtend. Dan hebben de meeste feestvierders er al een paar dagen opzitten, vertelt Paul. “Haha, je snapt hoe dat gaat, die zijn dan allemaal nog een beetje brak. Maar wel allemaal verkleed, en dat maakt het feest extra leuk. Het gaat meteen vol gas van start!”

Klein jongetje

Als klein jongetje trad hij al op, toen nog op een orgel. “Ik was rond de dertien en had mijn eerste optreden. Dat was met een heel zwaar orgel. Maar mensen vonden het echt fantastisch en grappig dat ik als klein jochie daar zo zat te spelen.

Ik vond het al snel zelf ook heel leuk. Ik kwam dan op een feestje of verjaardag spelen, en iedereen ging dan dansen of meezingen.” Een van de eerste liedjes die hij speelde was ‘Oh When the Saints Go Marching In’. Paul vond dat toen zo leuk, dat hij enthousiast nieuwe liedjes ging leren, en zo groeide zijn repertoire. “Het is echt een kinder- en jeugddroom die uitkwam. En ondertussen doe ik het al dertig jaar fulltime.”

Vol gas

In die dertig jaar heeft de toetsenist van alles meegemaakt. Van kermissen tot bedrijfsfeestjes en van kerstborrels tot jubilea. Corona was een dieptepunt voor hem, omdat veel kermissen en evenementen niet door mochten gaan. Toen de eerste kermis weer doorging, was dat een nieuw gevoel voor Paul: “Het was heel bijzonder, maar ook wel spannend. Ik vroeg me af: zou ik het gevoel nog wel hebben, zou ik het publiek nog aanvoelen, zouden mensen mij nog leuk vinden? Het was een daverend succes, die eerste kermis. Het was alsof die coronajaren er nooit waren geweest, en vanaf die tijd zijn we weer vol gas gegaan.”

Paul Vlaar op de kermis in Warmenhuizen.
Paul Vlaar op de kermis in Warmenhuizen. (Foto: aangeleverd)

Vol gas betekent niet dat hij het hele land doorkruist naar allerlei feestjes en evenementen. Iets wat hij vroeger meer deed, maar de laatste jaren blijft hij het liefst in de Kop van Noord-Holland en Westfriesland. “Ik heb weleens aanvragen in Noord-Brabant gehad, en soms zelfs uit het buitenland, België bijvoorbeeld.”

“Vroeger zou ik dat eerder gedaan hebben, maar nu doe ik dat niet meer. Je bent dan toch al snel twee dagen weg, omdat je er ook moet overnachten, en nu met een vrouw en kinderen doe ik dat niet meer.”

Opvolger

Paul Vlaar is getrouwd en heeft drie kinderen: een zoon en twee dochters. Allemaal zijn ze muzikaal, maar zijn jongste dochter vindt pianospelen en zingen ook enorm leuk. “Ze speelt veel piano en zit ook op zangles. Ze is heel enthousiast. Op de kermis in Zijdewind gaf ze een optreden, dus dat is wel echt heel leuk om te zien, en daar ben ik trots op, net zoals op de andere twee.” Als hij zichzelf in één zin zou moeten omschrijven, zou dat ‘gezinsman en entertainer’ zijn: “Ik vind mijn gezin heel belangrijk, en ik vind muziek heel leuk. Maar vooral om met muziek gezelligheid en vermaak te bereiken.”

Capuchon over hoofd

Niet alleen op kermissen herkennen mensen hem, maar ook op straat en in de supermarkt. “Super toch, ik ga echt niet met een capuchon over mijn hoofd door het dorp naar de supermarkt,” lacht hij. “Het is nooit lastig, mensen zeggen dan: ‘Hoi Paul!’ of ‘wanneer kom je weer bij ons optreden?’ of ‘het was wel een mooi feestje, hè!’ Het zijn vaak jongeren, maar ook oudere mensen bij wie ik een keer heb gespeeld, bijvoorbeeld op een jubileum.” De zanger werkt niet met een vast management, omdat hij het zelf leuk vindt om met mensen in contact te zijn. “Het leukste vind ik als ze me gewoon zelf bellen en zeggen: ‘Hé Paul, kun je bij ons komen spelen?’”

Zelf schrijven

Zelf liedjes schrijven doet de muzikant niet. “Ik vind het veel leuker om te improviseren. Als er iets gebeurt in de zaal of tent, dat ik daar dan de tekst op aanpas. En mensen vinden dat ook reuze prachtig.”

Het geheime recept van Paul is volgens hemzelf een mix van een aantal ingrediënten. “Lees de zaal, pas je muziekkeuze aan op de mensen die er zijn en de sfeer die er is, en uiteindelijk is mijn enthousiasme ook enorm aanstekelijk en zorgt dát voor een hele leuke sfeer.” Aan stoppen denkt hij nog lang niet: “Wat ik nu doe vind ik zo leuk: dat wil ik echt nog jaren blijven doen!”

Meer nieuws uit Medemblik?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: