De advocatuur moet stoppen met bang zijn voor vernieuwing

Partnerbijdrage
Evert Hoekstra.
Evert Hoekstra. (Foto: aangeleverd)

Er zijn weinig beroepsgroepen die zo goed zijn in het juridisch begeleiden van verandering, en tegelijk zo slecht in het ondergaan ervan, als de advocatuur.

Wij adviseren ondernemers over groei, fusies, overnames, schaalvergroting, governance, investeringen, herstructureringen, professionalisering en strategische keuzes. Wij leggen uit dat stilstand achteruitgang is. Dat kapitaal nodig is om te vernieuwen. Dat een goed bedrijf niet alleen draait op vakmanschap, maar ook op systemen, mensen, technologie, marketing, data, opleiding en organisatiekracht. Maar zodra iemand dan zegt: “Misschien moet dat óók eens voor advocatenkantoren gelden”, schiet de beroepsgroep collectief in de toga-reflex.

Het recente WODC-rapport over modernisering van de advocatuur heeft daarom flink wat discussie losgemaakt in toga-land. Nauwelijks was het rapport verschenen of de bekende reactie diende zich alweer aan: angst voor private equity, angst voor commerciële invloeden, angst voor verandering. Alsof de rechtstaat maandagochtend om 9.00 uur bij de Kamer van Koophandel wordt uitgeschreven zodra iemand met een spreadsheet en een investeringsfonds een advocatenkantoor binnenloopt. Maar laten we even rustig ademhalen, geen paniek. De reflex van de traditionele advocatuur is voorspelbaar: “onafhankelijkheid in gevaar”, “Amerikaanse toestanden”, “de advocatuur wordt een McDonald’s-keten”. Alsof iedere vorm van ondernemerschap automatisch leidt tot juridische fastfoodmenu’s met een gratis cassatieberoep bij een Happy Meal. Maar misschien moeten we eens ophouden met doen alsof advocatenkantoren geen bedrijven zijn. Want dat zijn ze wel degelijk. Bedrijven met personeel, huurcontracten, ICT-problemen, marketingbudgetten, concurrentie, groeiplannen, cashflow-uitdagingen en cliënten die steeds meer verwachten voor steeds minder geld. Alleen noemen we het in de advocatuur liever “praktijkvoering”, omdat dat chiquer klinkt.

De werkelijkheid is dat veel kantoren al jaren worstelen met dezelfde problemen: te weinig innovatie, hoge kosten, inefficiënte processen en moeite om jong talent vast te houden. Ze kijken naar de markt alsof het nog steeds 1998 is. Ondertussen verandert de wereld razendsnel. AI ontwikkelt zich in maanden waar de advocatuur soms tien jaar over doet. En toch reageren delen van de beroepsgroep nog steeds alsof modernisering een besmettelijke ziekte is. Terwijl andere sectoren allang laten zien dat externe investeringen juist kunnen leiden tot professionalisering, schaalvoordelen, betere systemen en betere dienstverlening. Ook in het buitenland bestaat private equity in de advocatuur al jaren. De hemel is daar niet naar beneden gekomen. Sterker nog: sommige kantoren zijn innovatiever, toegankelijker en commercieel sterker geworden. En juist cliënten kunnen hiervan profiteren. Een goed gekapitaliseerd kantoor kan immers investeren in technologie, kennismanagement, opleiding, procesoptimalisatie, juridische platforms en betere bereikbaarheid. Het kan

specialismen combineren. Het kan vaste prijsmodellen ontwikkelen. Het kan jonge advocaten beter begeleiden. Het kan repetitief werk slimmer organiseren, zodat de advocaat zich richt op waar hij werkelijk waarde toevoegt: strategie, oordeel, creativiteit en procederen wanneer het moet.

Dat is niet minder kwaliteit. Dat is méér kwaliteit.

Dat betekent niet dat alle zorgen onzin zijn. Natuurlijk moet onafhankelijkheid bewaakt worden. Natuurlijk moeten er duidelijke regels komen. Maar risico’s beheersen is iets anders dan uit angst stil blijven staan.

Want stilstand ís achteruitgang. Ondernemen betekent vooruitkijken. Durven investeren. Durven vernieuwen. Durven fouten maken. Durven groeien. Kansen zien. Niet blijven hangen in nostalgie omdat “het altijd zo gegaan is”. De advocatuur hoeft geen McDonald’s te worden. Maar het zou wel helpen als sommige kantoren eindelijk eens leren dat professionalisering geen vies woord is. Alsof iedere sector waarin extern kapitaal wordt toegelaten automatisch verandert in een fastfoodketen met tl-verlichting en standaardmenu’s. Daarom moeten we deze discussie volwassen voeren. Niet vanuit angst. Niet vanuit nostalgie. En zeker niet vanuit het misplaatste idee dat de advocatuur zo bijzonder is dat normale economische wetten voor ons niet gelden.

De advocaat van de toekomst is onafhankelijk én ondernemend. Juridisch scherp én technologisch vaardig. Professioneel én commercieel bewust. Niet bang voor kapitaal, maar in staat om kapitaal dienstbaar te maken aan kwaliteit. De cliënt van vandaag verwacht immers snelheid, bereikbaarheid, technologie, specialisatie en duidelijkheid over kosten. Daarvoor is kapitaal nodig. Visie. Lef. Ondernemerschap.

En misschien wringt daar precies de schoen. Want uiteindelijk gaat deze discussie niet alleen over private equity. Ze gaat over mentaliteit. Over de vraag of de advocatuur bereid is zichzelf opnieuw uit te vinden voordat anderen dat voor haar doen. Ik geloof dat de advocatuur veel meer gebaat is bij visie, lef en ondernemerschap dan bij nostalgie naar een tijd die definitief voorbij is. De grootste bedreiging voor de advocatuur is namelijk niet private equity. Het is angst. Angst voor verandering.

www.ckh-advocaten.nl

Meer nieuws uit Schagen?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: