Oud-chirurg Jan Lamoré schrijft over Reinier de Graaf en Antoni van Leeuwenhoek

Zijn belangstelling voor Antoni van Leeuwenhoek begon in 2010, op een historische dag in Delft. Die dag stond Naaldwijker en gepensioneerd chirurg Jan Lamoré (85 jaar) bij het monument voor Van Leeuwenhoek in de Oude Kerk om een voordracht te houden over zijn leven, gestoken in kleding van de geleerden uit die tijd. “Vanaf dat moment heeft de studie over Antoni van Leeuwenhoek mij niet meer losgelaten.”
Door Debbie Valstar
Dit jaar is het precies driehonderd jaar geleden dat de grondlegger van de microbiologie stierf. Een mooie gelegenheid om alle tientallen lezingen die Lamoré sinds 2010 over hem heeft gegeven, te gieten in boekvorm. Voor de volledigheid heeft hij daarnaast ook een boek geschreven over een tijdgenoot van Van Leeuwenhoek, die net zo’n belangrijke rol in de geschiedenis van de medische wetenschap heeft gespeeld: de eveneens Delftse Reinier de Graaf.
Beroemd maar verguisd
Antoni van Leeuwenhoek (1632-1723) was wereldberoemd, maar in Nederland verguisd vanwege zijn afwijkende opvattingen. Puur door zelfscholing, waarbij hij zijn onbevooroordeelde blik juist in zijn voordeel liet werken, ging hij de geschiedenisboeken in als de grondlegger van de microbiologie. Daarnaast ontdekte hij de zaadcellen, bracht hij bacteriën in beeld én de bloedsomloop. Over die zaadcellen gesproken: dat was nog wel een ding in de 17e eeuw. Tot op dat moment geloofden mensen in spontane generatie; bijvoorbeeld dat mosselen uit modder en Zeeuwse damp zouden ontstaan. “Van Leeuwenhoeks brief over de ontdekte zaadcellen liet hij bewust niet door geestelijken naar het Latijn vertalen, want hij was bang dat die censuur zouden plegen,” vertelt Lamoré.
Microscoop
In tegenstelling tot wat veel mensen denken, heeft Antoni van Leeuwenhoek niet de microscoop uitgevonden. Wél heeft hij, met een door hemzelf ontworpen apparaat een menigte aan micro-organismen, waaronder ook de bacteriën, zichtbaar gemaakt.
Met een passie die vergelijkbaar moet zijn aan wat Van Leeuwenhoek daarbij voelde, vertelt Lamoré: “Kijken door een microscoop is eigenlijk kijken naar een andere wereld; de microwereld, die totaal anders is.”
Zelf was de gepensioneerde chirurg in zijn jeugd al geboeid door de biologie. “Van mijn ouders kreeg ik een loep waarmee ik de plantjes bekeek, de meeldraden en de stampers. Een vorstelijk cadeau.”
Reinier de Graaf
Waar Van Leeuwenhoek bij uitstek een microbioloog was, was Reinier de Graaf (1641 - 1673) meer een specialist op het gebied van de anatomie en de fysiologie. Bovendien beschikte De Graaf, in tegenstelling tot Van Leeuwenhoek, wél over de juiste papieren. Toch is hij minder beroemd geworden dan zijn oudere tijdgenoot. “Ik gaf laatst een lezing over hem in Schoonhoven, waar hij geboren is. Er is daar zelfs een plantsoen naar hem vernoemd, maar geen van de honderd aanwezigen in het publiek wist iets over hem.” Dat gold ook voor de bezoekers van het Reinier de Graaf Gasthuis in Delft, waar hij bij de ingang eens onderzocht hoeveel mensen er wisten wie hij was.
De levens van De Graaf en Van Leeuwenhoek zijn met elkaar verbonden: het was De Graaf die de oudere Van Leeuwenhoek bij de Royal Society in Londen aanbeval, in een brief, vanwege zijn “opmerkelijke microscopisch werk”. Het antwoord heeft hij niet in ontvangst kunnen nemen. De Graaf overleed vrij jong, door een infectie vanuit een lijk dat hij onderzocht.
Gróte voorgangers
Met zijn boeken hoopt Lamoré nu meer bekendheid geven aan de levens van deze twee belangrijke historische figuren: “We staan bij alles wat we nu doen op de schouders van onze voorgangers. Daarin zijn Reinier de Graaf en Antoni van Leeuwenhoek gróte voorgangers geweest”.
De Graaf beschreef niet alleen als eerste de vorm en functie van de ovariële follikel, maar realiseerde zich ook dat deze de eicel bevatte. Verder stond hij bekend om zijn baanbrekende experimenten. Die niet altijd diervriendelijk waren, trouwens. “Hij voerde het eerste geslaagde fysiologische experiment uit bij een levend wezen: een hond.” Dat gebeurde zonder verdoving. “Om te voorkomen dat hij ging blaffen, werd de luchtpijp van de hond opengesneden.”
Lezingen
De wetenschappelijke waarde van zijn boeken is beperkt, benadrukt Lamoré: “Het is meer een boeiende vertelling, die echter wel berust op een gedegen studie.” Zo bestudeerde Lamoré meer dan 260 brieven van Antoni van Leeuwenhoek, geschreven in het Vroegnieuwnederlands.
Al zijn bevindingen deelde Jan Lamoré de afgelopen jaren in tientallen lezingen. Dat blijft hij doen; voor 2024 staan er alweer enkele op de planning. Maar wie gewoon thuis op de bank in de levens van De Graaf en Van Leeuwenhoek wil duiken, heeft daar nu ook de mogelijkheid toe. De boeken, die elk 15 euro kosten, zijn verkrijgbaar bij Boekhandel de Omslag aan de Wijnhaven 16 in Delft.
De schrijver
Jan Lamoré (85) werkte 27 jaar als chirurg bij het Reinier de Graaf Ziekenhuis. Regelmatig hield hij ook spreekuren in Monster en ‘s-Gravenzande, en aan het eind van zijn carrière bij behandelcentrum Westland. In 2001 ging hij met pensioen. Tegenwoordig woont hij in Naaldwijk, na dertig jaar in ‘s-Gravenzande te hebben gewoond. Hij is al 58 jaar getrouwd met Pieta. Samen hebben zij een dochter en een zoon en twee kleinkinderen.






Meer nieuws uit Westland?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie