Op de pijp met... Steef van Adrichem

Algemeen
'Als je je te goed voelt voor kritiek heb je een probleem.'
'Als je je te goed voelt voor kritiek heb je een probleem.' (Foto: Ton van Zeijl)

Even pauze. Even op de pijp. Bakkie doen, praatje maken. Met en over bijzondere Westlanders. Westlanders met een verhaal. Over Westlandse waarden, en over heden, verleden en toekomst. Deze keer praten we met: Steef van Adrichem.

Tekst: Esdor van Elten / Foto’s: Ton van Zeijl

Steef van Adrichem (56) wist Vanda’s zo goed te marketen dat zijn ANCO-orchideeën (tegenwoordig ANSU) haast een soort op zich werden. En nog steeds vindt hij niks mooiers dan nieuwe concepten bedenken. “Ondernemen is het tegenovergestelde van zekerheid.” Steef is getrouwd met Joanna en heeft vier kinderen. Ze wonen in Wateringen.

Waar kom je vandaan? 

Ik ben geboren in Den Hoorn waar mijn vader rozen kweekte. Ik groeide op op die kleine tuin, samen met mijn broer en zus. In de tijd dat geluk nog heel gewoon was. Nu denk ik vaak: wat hadden we het fijn.

Wilde jij ook tuinder worden? 

Ja, maar geen tuinder tuinder. Hard werken en vieze klauwen, dat leek me niks. En ik wil graag weten waar ik iets voor maak. Focussen op wat een ander niet heeft en iets maken op het moment dat mensen het ook hebben willen. Mijn vader zette een deel van zijn oogst in de planning voor Valentijnsdag. Ik deed álles.

Je ging werken bij je vader… 

Na de Mariaschool en de havo ging ik naar de middelbare tuinbouwschool. Ik kon toen misschien al meer, maar ik zag het nut er niet van in. Een 5,6 voor Frans was voldoende. Prima toch. Tot ik later Frans echt nodig had. Dan heb je er even spijt van. Maar uiteindelijk is het allemaal goed gekomen. Toen ik na de opleiding bij mijn vader ging werken nam ik al gauw het roer over. We waren een goede combinatie: ik wist wat ik wilde en ging ervoor en hij gaf die vrijheid, al was hij zelf veel voorzichtiger. Toen ik begon met orchideeën was dat best een waagstuk. Het was in Nederland al heel wat keren mislukt. Maar hij liet het toe hoe we paadje voor paadje Vanda’s plantten en tegen de tijd dat we helemaal overgingen was hij ook helemaal overtuigd.

Hoe kwam je bij Vanda’s? 

Orchideeën waren al een hobby van me. Fascinerende planten. Ik hou van mooie dingen. Ik kwam in Thailand de Magic Blue tegen en ik was er meteen verliefd op. Zo bijzonder! De mooiste orchidee die er is. De kleurenpracht en de patronen zijn ongeëvenaard. Een Vanda groeit in de top van een boom en om bestoven te worden moet ie mooier zijn dan alles wat eronder zit. Dat moeten meer mensen mooi vinden, dacht ik. En de plant is nog goed houdbaar ook. Wat kan er dan mis gaan?

Genoeg, gezien die 30 eerdere pogingen… 

Ondernemen is nu eenmaal het tegenovergestelde van zekerheid. Ik geloofde erin. Er waren in die tijd al wel wat orchideeën op de markt, maar nog nauwelijks professioneel. In de familie Suphachadiwong in Thailand vond ik een geschikte partner voor de planten. Ze zijn net zo gek als ik. Als je zaken doet in Azië, dan wordt je familie van elkaar. En familie, dat is altijd narigheid, maar het komt altijd goed, want je bent familie.

Hoe werkt dat, Westlandse directheid in Azië? 

Prima. Van een collega leerde ik wat je wel en niet kunt maken daar. Maar ik blijf in de eerste plaats mezelf. Het belangrijkste is dat je iedereen gelijkwaardig behandelt. Je moet niet gaan doen of jij meer bent dan zij.

Was het lastig om Vanda’s te kweken? 

Het is niet voor niets dat er maar één Vandakweker in Europa is. Het is zeker een lastig product. Ook in huis is het best een lastige plant. Maar niet voor mij want ik weet hoe het werkt. Dat heb ik door de jaren heen allemaal zelf ontdekt. Alles onderzocht. Talloze mislukkingen gezien maar zo wel uitgevonden hoe het wèl moet. Gelukkig heb ik wel een beetje groene vingers. Ik heb altijd gedaan wat mijn drive me ingaf en luisterde niet teveel naar de bezwaren van anderen. Ik denk niet in problemen maar in oplossingen.

En je kreeg gelijk… 

Je moet ook wat geluk hebben. Iets kan ook zomaar een trend worden en dat gebeurde op een gegeven moment ook met de Vanda. Ja, dat is mazzel, maar omdat ik het risico had durven nemen stond ik er wel op het moment dát het een trend was. Ik loop vaak ver vooruit. Dat is in mijn ogen ook de kern van ondernemerschap: de beste willen zijn. Creativiteit. Flexibiliteit. En ook: samenwerking. In mijn eentje wordt het een puinzooi.

En dus zocht je partners… 

Ik heb mijn succes lang voor mezelf gehouden. De deur dicht. Want als we één ding goed kunnen in de tuinbouw Nadat we in Den Hoorn waren weggekocht begonnen we hier in Wateringen, met zo’n 11.000 meter. Groot zat, dacht ik. Grootte is nooit mijn ambitie geweest. In tegenstelling tot mijn Thaise familie. Die zijn van Chinese afkomst en voor Chinezen is groot niet groot genoeg. Maar de klanten vroegen om meer. Dus kocht ik de buurman erbij. Maar groei kan maar tot een bepaald punt voor je je tekortkomingen gaat zien. Het bedrijf liep geweldig maar was organisatorisch een zootje. Daarom ging in Bedrijfskunde doen aan de Hogeschool van Rotterdam. En heel goed dat ik dat deed want zo leerde ik dat je beter kunt samenwerken dan kunt opkopen.

Waarom? 

Je werkt altijd samen met mensen met andere eigenschappen. Die dingen zien die jij niet ziet. Die je ook feedback kunnen geven. Ik heb met partners een Belbin test gedaan. Dat was echt een eyeopener! Die test vertelde precies wie ik was. Ed Helderman, de eerste met wie ik samenging, is in alle opzichten het tegenovergestelde van mij. Ik ben de creatieve chaoot met de vernieuwde geest, hij de gestructureerde organisator.

Kun jij als einzelgänger kritiek hebben? 

Als je je te goed voelt voor kritiek heb je een probleem. Ik ben altijd beter geworden van opbouwende kritiek. Ja. Ik heb een paar hele succesvolle ideeën gehad. Maar ik heb ook zat briljante ideeën gehad die alleen maar geld hebben gekost. Maar dat is het mooie van samenwerken, je deelt niet alleen succes, maar ook je mislukking. En gedeelde smart is halve smart.

Je ging ook samen met je Thaise ‘familie’… 

Ja. Dat idee kwam van hun uit en ze vonden het zwaar om te vragen. Maar ik had al na een paar minuten iets van ‘waarom eigenlijk niet’? Het was op allerlei manieren voordelig. Het vroeg van mij wel om de naam te veranderen en dat heeft een slapeloos nachie gekost. Anco was inmiddels zo’n merk dat mensen niet vroegen naar Vanda’s, maar naar de ANCO-orchidee. Daar begonnen ze in Thailand moeilijk over te doen. Het is hun plant. Een kwestie van eer. Dat geldt ook voor de naam. Daarom is het ANSU geworden. In 2019 hebben we dat met een groot feest gelanceerd; kleurenpalet, logo, alles. En het is echt naadloos in elkaar over gegaan. In 2020 is Arjo van der Wel erbij gekomen. Een tomatenkweker, en dat zijn de beste kwekers.

Waar had je een kweker voor nodig? 

Omdat we meer andere teelten erbij wilden. Tillandsia. De Aglaonema ‘Painted Celebration’ waarmee we in 2023 de Glazen Tulp Award wonnen, Adeniums, Caudex. Noem maar op. Andere planten dan anderen.

Wat is jouw rol nu? 

Ik hou me nu vooral met marketingconcepten bezig. Er zijn altijd wel weer nieuwe ideeën. Een van mijn mooiste projecten vind ik toch wel de transparante catwalk met Vanda’s die we maakten voor Versace. Maar ik ben bijna net zo blij met een klein cadeauontwerp dat ik gemaakt heb. Inmiddels heb ik ANSU echt doorgrond en kan ik producten vertalen in de look en feel van ons bedrijf. Je ziet meteen dat het ANSU is. En je bent pas echt een merk als je zonder label herkend wordt.

En daar ga je mee door? 

Het zou een grote straf wezen als ik dit niet meer kon doen. Sommige mensen denken dat ze het ‘gemaakt’ hebben met succes, en geld en auto’s. Maar dat is voor mij nooit de drijfveer geweest. Ik doe wat ik leuk vind. Ik zeg altijd: ik ben niet aan het werk, maar ik ben gewoon lekker bezig hier!

Wil jij ook Op de Pijp of ken je iemand met een mooi verhaal? Mail dan naar redactie.westland@rodi.nl.

Meer nieuws uit Westland?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: