Nieuwe hoop in strijd tegen rivierkreeftenplaag dankzij praktijkproef

Duurzaamheid
Tijdens perioden van negentien weken werden met 800 fuiken en korven gericht exotische rivierkreeften weggevangen, met goede resultaten.
Tijdens perioden van negentien weken werden met 800 fuiken en korven gericht exotische rivierkreeften weggevangen, met goede resultaten. (Foto: HSSK)

Exotische rivierkreeften zijn nog steeds een groot probleem in Westland en de regio, gaf WOS vorige week aan. Ze veroorzaken schade aan waterkanten door hun snelle voortplanting en het ontbreken van natuurlijke vijanden. Bestrijding is lastig. Maar er is hoop: het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard bericht vandaag over de hoopgevende resultaten van een driejarige praktijkproef met het gericht vangen van de dieren. Dat moet wel grootschalig worden gedaan.

De vraatzucht van exotische rivierkreeften leidt ook in Westland en omgeving tot het verzwakken van doeken achter houten beschoeiingen, waardoor grond wegspoelt en structurele schade ontstaat. Ondanks vangstinitiatieven blijft de populatie exponentieel groeien, met één kreeft die tot vijfhonderd jongen kan krijgen, waardoor het probleem blijft toenemen. 

Herstel

Uit een driejarige praktijkproef van het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard en de provincie Zuid-Holland blijkt dat gericht uitheemse rivierkreeften wegvangen echter een effectieve manier is om de kreeftenplaag in te dammen. Bij de proef is in de eerste twee jaar het aantal kreeften sterk verlaagd, waarna weer waterplanten gingen groeien in het testgebied. Dit herstel zette zich voort in 2023. In dit laatste onderzoeksjaar is getest wat het effect is van minder intensief wegvangen.

Ministerie aan zet

Het gericht wegvangen is zinvol en effectief, stelt het hoogheemraadschap op basis van de praktijkproef. Hierdoor kan de natuurlijke balans in de kaal- en leeggevreten wateren weer worden hersteld. Maar makkelijk is het niet: “Wel vraagt deze aanpak een grootschalige, langdurige inzet, die de nodige menskracht en geld kost”, is de boodschap die hoogheemraad Josien van Cappelle afgeeft aan het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Dit ministerie is verantwoordelijk voor de aanpak van uitheemse rivierkreeften in Nederland. “Het is onzeker of en wanneer het ministerie met concrete stappen komt.”

Wettelijk gezien mogen op dit moment alleen beroepsvissers de uitheemse kreeften vangen. 

Het onderzoek

In een polder bij Berkenwoude in de Krimpenerwaard heeft het hoogheemraadschap de afgelopen drie jaar onderzoek gedaan naar de mogelijkheden, effectiviteit en haalbaarheid van het intensief wegvangen van Amerikaanse rivierkreeften. Hierbij is in 2021 en 2022 vooral ingezet op het verlagen van het aantal kreeften en in 2023 op het laaghouden van het kreeftenaantal. Uit het onderzoek komt naar voren dat waterplanten kunnen teruggroeien als er minder dan 0,7 kreeft is per vierkante meter. Om daarvoor te zorgen zijn er 800 fuiken en korven ingezet gedurende lange vangperioden van negentien weken.

Resultaten hoopgevend

Na twee jaar intensief kreeften wegvangen keerden enkele waterplanten terug. Dit aantal nam toe in het opvolgende jaar. In 2023 is getest of dit effect standhoudt bij tweederde van de eerdere vangstinspanning. Dat blijkt het geval. In het groeiseizoen van 2023 nam de bedekking waterplanten flink toe.

De onderzoeksresultaten geven aan, dat herstel van de watervegetatie mogelijk is met een voldoende grote vangstinspanning en dat het herstel kan worden behouden met een lagere inspanning. In 2024 gaat het hoogheemraadschap na of het bereikte resultaat blijft zonder dat er gericht kreeften worden weggevangen.