Op de Pijp met... Joyce van Haaster

Nieuws
Afbeelding
(Foto: TON VAN ZEIJL)

Joyce van Haaster (48) stond mede aan de wieg van het rolstoelhandbal in Nederland en staat (of zit?) in het doel van het Nederlandse team. Daarnaast staat ze in de apotheek en deels in haar eigen kinesiologiepraktijk in ‘s-Gravenzande. “Je gaat toch niet voor je lol in een rolstoel zitten?” Joyce woont in Loosduinen.

Waar kom je vandaan?

Ik ben geboren en getogen in ‘s-Gravenzande. Daar heb ik tot mijn 24e gewoond. Toen verhuisde ik naar Friesland. Pas sinds een paar jaar ben ik weer terug in Westland. Ik was de jongste in een gezin met drie kinderen. Mijn vader was timmerman en maakt (nog steeds) kunst. Mijn moeder werkte als verpleegkundige en later ook als kinesioloog. Zelf had ik niet echt idee wat ik wilde. Na de Johannesschool en de mavo in Poeldijk was ik zoekend. Uiteindelijk is het de opleiding apothekersassistente geworden. Dat ben ik blijven doen en nog steeds werk ik twee dagen in de week in apotheken in een apotheek in Den Haag.

Leuk werk dus?

Het werk op zich is leuk. Maar de wereld erachter: de verzekeraars en de farmaceutische industrie, vaak niet. En de werkdruk is door de jaren heen steeds hoger geworden. Er is ook heel moeilijk personeel te vinden.

Je bent ook een echte sportvrouw…

Op mijn tiende begon ik met handbal. Bij Westlandia. Later HC Westland en eredivisie bij Quintus. Van mijn veertiende tot mijn twintigste speelde ik bij Jong Oranje. Na de verhuizing naar Friesland heb ik daar nog een jaar gespeeld, maar het hoogste wat ze daar hadden was tweede divisie. Het handballen daar kwam ten einde toen ik ziek werd.

Wat had je?

Aan het eind van het seizoen, in 2002, kreeg ik een bal tegen mijn been. Het werd heel hard. Na verschillende onderzoeken bleek dat ik een sarcoom had ter grootte van een pakje boter. Een sarcoom is een tumor van de weke delen en de prognose was niet goed. Ze gaven me een overlevingskans van 10 á 20%.

Dat is niet niks… hoe reageerde je daarop?

Ik heb die kansberekening meteen van me afgegooid en besloot meteen: dit is mijn belangrijkste wedstrijd ooit en die ga ik winnen ook. Ik heb zelf nooit het idee gehad dat ik dood zou gaan. Maar natuurlijk heb je heel wat te verwerken en soms zit je wel eens in zak en as. Dat stond ik mezelf drie dagen toe. Daarna was het: doorgaan. Gelukkig zit die positieve inslag ook wel in me.

Maar het was een pittige wedstrijd…

Ja. Eerst een half jaar chemo. Toen de spier met tumor eruit. Een paar weken later brak ik mijn bovenbeen en dat gebeurde later nog een paar keer. Een transplantatie van kuitbeen naar bovenbeen hielp niet dus uiteindelijk is er een kunstbot in mijn bovenbeen gezet. En daarna nog een keer chemo en bestraling. Maar uiteindelijk ben ik er dus heel goed doorheen gekomen, mede ook dankzij mijn moeder en haar kinesiologie.

Wat is dat eigenlijk, kinesiologie?

Letterlijk betekent het ‘bewegingsleer’. Maar het gaat om meer dan fysieke beweging. Het is een holistische therapie die erop gericht is om het zelfgenezende vermogen van het lichaam te stimuleren. Kinesiologie berust op vier pijlers: fysiek, voeding, emoties en energetisch; dat laatste is bijvoorbeeld weer gelinkt aan chakra’s en meridianen. Op https://balance-of-joy.nl leg ik daar meer over uit. De balans herstellen kan op verschillende manieren; denk aan werken aan mentale saboteurs, acupressuur, edelstenen, geluid, maar bijvoorbeeld ook kleuren.

Kleuren?

Dat heb ik zelf ervaren. Mijn moeder testte me tijdens mijn ziekte en revalidatie regelmatig en hielp me om dingen als de chemo fysiek en mentaal te verwerken. Bij bestralingen loop je bijvoorbeeld het gevaar dat je huid kapot gaat. Met de spiertest testte we uit dat donkergroen daar tegen zou helpen. Mijn moeder naaide een broekje in die kleur voor mij dat ik vlak voor en na de bestraling moest dragen. Na dertig bestralingen was mijn huid nog helemaal gaaf. In het ziekenhuis waren ze verbaasd.

Hoe verklaar je dat dan?

Kleuren werken met frequenties, net als geluid, licht en dergelijke. Dat zie ik ook bij edelsteentherapie, bij klankschalen, etc.

Het heeft gewerkt…

Ik kan eigenlijk alles behalve rennen. Buiten loop ik met een stok en als ik ga wandelen neem ik krukken mee. Dat gaat prima. Vlak voordat ik weer terugkwam naar het Westland heb ik een half jaar door Zuid-Amerika gereisd met mijn rugzak en mijn krukken.

Geen rolstoel nodig dus?

Alleen voor de sport! Na het revalideren wilde ik graag weer een sport doen. Een vriendin raadde rolstoeltennis aan, maar dat leek me niks. Je gaat toch niet voor je lol in een rolstoel zitten? Pas een jaar later probeerde ik het en het was meteen goed; het is immers niet meer dan een hulpmiddel.

Tennis is geen handbal…

Nee. Maar rolstoelhandbal bestond in Nederland toen nog niet. Ik heb dus acht jaar getennist, Toen hoorde ik dat Ada Stam, een handbalster die een been moest missen, bezig was met een groep om rolstoelhandbal op te zetten. Daar wil ik bij zijn! Inmiddels zijn we ruim tien jaar verder en zijn er in Nederland twee competities en faciliteren 14 verenigingen onze sport, waaronder Quintus, Foreholte in Voorhout en Ventura in Schiedam. Inmiddels zit ik ook weer in het Nederlands team.

Hoe gaat het in zijn werk op het veld?

In het Nederlands team spelen we vier tegen vier. Het doel is iets kleiner dan bij validenhandbal. Je moet flexibel zijn in je lijf en wendbaar in je stoel. We spelen met een ‘vliegende keep’, dus ik sta niet alleen maar in het doel. Dat was best uitdagend in het begin, maar wel leuk om weer nieuwe skills te ontwikkelen.

Je speelt dus ook interlands…

Ja. We begonnen in 2015 met vier landenteams. Inmiddels zijn dat er negen in Europa en Duitsland komt er nog aan. In november is het EK in Litouwen. Daarnaast is er een WK, volgend jaar is dat in Brazilië. Maar dan moeten we wel de finale van EK halen om ons te kunnen plaatsen. Paralympisch is onze sport nog niet, maar daar werken we aan. De Europese Handbalfederatie heeft dit jaar vier rolmodellen uitgezocht om de sport meer bekend te maken: ‘Her Playground’ heet dat. Naast drie valide topspeelsters ben ik de vertegenwoordiger van het rolstoelhandbal. Een hele eer en mooi om zo vrouwen in de sport en de gehandicaptensport meer zichtbaar te maken.

Je bent 48. Hoe lang kun je met deze sport door?

Zolang je de snelheid op het veld bij kunt houden. Een vriendin van mij is onlangs gestopt op haar 59e. Dus ik heb nog wel een paar jaar. Wel is het zo dat we in de sport en bij het Nederlands team wat verjonging nodig hebben.

Ondertussen ben jij ook kinesioloog geworden…

Ja. Toen ik uit Zuid-Amerika terugkwam had ik wel zin om weer te gaan studeren. Na een basisjaar Chinese geneeskunde beviel dat zo goed dat ik de driejarige opleiding kinesiologie ben gaan doen. Daar ben ik nu mee klaar en heb ik mijn eigen praktijk Balance of Joy.

En zo komen dingen samen…

Kinesiologie vind ik net zo leuk als handbal. Het voelt helemaal niet als werken. Het zijn inderdaad twee passies die samenkomen; perfect in balans!

Afbeelding
Afbeelding

Meer nieuws uit Westland?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: