Patrick van Bronswijk kan heel slecht tegen onrecht

NOORD - In onze serie markante Noordelingen ditmaal Patrick van Bronswijk (43), buurtvader van Floradorp, oprichter van Flora4Life en gangmaker van een netwerk van burenhulp.
Door John Jansen van Galen
,,Ik ben op de keet, koffie staat aan,’’ appt Patrick van Bronswijk. De vroegere directiekeet in een hoek van sportpark Buiksloterbanne is de uitvalsbasis van zijn stichting Flora4Life, die jaarlijks 700 klussen opknapt voor wie dat zelf niet (meer) kan. Hij werkt zelf volop mee, want: ,,Ik ben niet van het sturen en aanwijzen, dus je komt thuis met het zand tussen de tanden en de billen.’’ Het gaat meest om tuintjes, maar: ,,Het is heus geen troetelen en truttelen, er moeten bomen uitgespit, tegels gelegd en schuttingen gezet worden.’’
Van Bronswijk (43) is Floradorper, maar geboren in het toenmalige Burgerziekenhuis in Oost. Want, wat je niet aan hem ziet: ,,Ik was een heel ziek kindje: astma, bronchitis, huidaandoeningen, van alles.’’ Hij groeide op in het ‘toen nog heel mooie groene Noord’, op de kruising van de Distelbloemstraat met de Campanulastraat, waar jaarlijks het Nieuwjaarsvuur brandde. ,,Dakgoten en lantaarnpalen smolten. Ik kreeg een brandblaar toen ik mijn hand tegen het raam hield.’’
,,Van origine ben ik elektrotechnicus,’’ zegt hij. ,,Ik was praktijkleraar, chef monteur, uitvoerder, had grote bouwputten overal in de wereld.’’ Zes jaar geleden keerde hij terug in wat zijn ouderlijk huis was. Maar hij kijkt niet terug op een prettige jeugd en probeert het huis voor zijn zoontje ‘te vullen met mooie herinneringen.’’
Hij had toen een ‘turbulent leven’ achter de rug. ,,Zonder mijn vrouw en kind was ik er nu niet meer geweest. Ik werd huispapa en was zoekende naar een dagbesteding.’’ ‘Het dorp’ zoals hij Floradorp noemt klaagde over wat men miste van vroeger, gezamenlijke uitjes naar de dierentuin, op elkaars kinderen passen. ,,Ik zei: we kunnen wel mopperen maar laten we er iets aan doen.’’ Toen zijn zoontje naar de voorschool ging meldde hij zich als vrijwilliger bij de stichting SPIN, Speeltuinen in Noord opknappen, het groen onderhouden.
Met acht buurtbewoners samen stortte hij ‘maandelijks 50 euro in een potje’, ‘alleen nog voor ideeën en brainstormen’, totdat ze de oude fietsenstalling van het politiebureau Klimopweg konden huren. ,,Toen hebben we deze directiekeet aangeschaft - het transport was duurder dan de keet, want er zat geen dak meer op.’’
Van Bronswijk stapte naar welzijnsorganisatie Doras om tuintjes op te knappen, kreeg gezelschap van andere Floradorpers en richtte in juli 2019 de buurtorganisatie Flora4Life op. “Als bewonersplatform kom je niet ver bij de overheid en subsidieverstrekkers, dus een formele stichting leek ons beter.”
Door het grote succes van Flora4Life moet de stichting nu zelf beoordelen wie hulp kan krijgen. Doras kan dat niet meer behappen en de woningbouwverenigingen uit Noord passen niet bij. “Degenen met het grote geld gaan weg waardoor degenen met de kleine portemonnee de dupe zijn.” Voor zijn kosten (auto’s, gereedschap) vroeg Flora4Life 5,50 euro per anderhalf uur, maar nu 7.50 euro per uur.
“Ik ben angstig dat die mensies (zoals hij zijn ‘doelgroep’ noemt, JJvG) het zo meteen niet meer kunnen betalen. Als iemand een keuken koopt van 30.000 euro kan hij niet verwachten dat wij die als vrijwilligers komen installeren. Maar een groot deel van de doelgroep zit onder bewind, en als je van vijf tientjes leefgeld in de week de helft moet besteden aan je tuin kun je niet meer eten. Dan breekt je hart. Maar onze vrijwilligers zijn schatten. Bij het afrekenen zeggen ze regelmatig: ‘reken mij maar niet mee, dit doen wij echt uit ons hart’.”
Spin in het netwerk
Van Bronswijk is de spin in een netwerk van burenhulp, hij en Esmeralda Jongmans zijn zo ongeveer de buurtvader en -moeder van de Bloemenbuurt. “Elke vrijdag geven we hier in de Bloemenbuurt voedselpakketten uit voor zo’n 120 gezinnen. Dat begint om twaalf uur maar om kwart voor elf staan de eersten er al: mensen die niet bij de Voedselbank terecht kunnen omdat ze een euro te veel verdienen, ongedocumenteerden, zzp’ers die het niet redden. Ze voelen zich hier anders dan bij de Voedselbank: het is gezellig, veel lachen, praatjepot met iedereen en niemand voelt zich beschaamd.”
Sinds een jaar zorgt een Floramobiel voor goedkoop vervoer in Noord, en uiteraard is van de evenementen en activiteiten het jaarlijkse Nieuwjaarsvuur het grootst, met wekenlang 60 vrijwilligers in touw. Daaronder vallen ook straatfeesten en huttenbouwen voor de jeugd op het Floraveld. “Die hutten lieten we voorafgaand aan het vuur bouwen. Maar de kinderen vragen vaak: we willen in de hut slapen, dus organiseren we het nu ook in augustus.”
Het aantal buurtinitiatieven duizelt de verslaggever: waarom doet Van Bronswijk dit allemaal? “Omdat ik er niet tegen kan, ik kan heel slecht tegen onrecht. Als je ziet wat de Nederlandse overheid allemaal weggooit aan projecten is ongelooflijk! Tegelijk liggen mensen in de knoop, gaan kinderen zonder eten naar school en wordt voor mensies in verzorgingshuizen de groente afgewogen! Ik vind het verschrikkelijk onrechtvaardig. Dan gaat mijn bloed koken.”
Je zou zeggen dat de overheid die zich overal uit het sociale domein heeft teruggetrokken blij zal zijn met initiatieven die de gaten proberen op te vullen. Als je Van Bronswijk vraagt hoe zijn relatie met het stadsdeel Noord is, zegt hij eerst diplomatiek: “Moeilijk”. Maar dan: “Ik kan niet zeggen dat ons iets wordt gegund, dat ze je helpen en meedenken. Eigen extra inkomsten waardoor wij zelf wat meer uitgaven kunnen doen worden ons nooit toegestaan. Als mijn kas niet mag groeien blijf ik afhankelijk van het stadsdeel. Ze willen controle houden. Alle regeltjes houden je klein, gebonden aan touwtjes waar zij aan trekken. Ik word er soms ziek van, ik lig er wakker van.”
Geen arbeiderswijk meer
Hoe is Floradorp tijdens zijn leven veranderd? “Vroeger kon je Ymere bellen als je kinderen de leeftijd hadden om het huis te verlaten. Kregen ze een andere woning in de buurt. Dat is allang niet meer zo. Annie en Roel bij mij aan de overkant betalen nog 320 euro huur, maar nieuwkomers betalen 1000 euro en een straat verder gaan huizen voor 5 ton de deur uit. Het is geen arbeiderswijk meer, de volkswijk transformeert. Als loodgieter kun je niet meer in Floradorp wonen. Programmeurs, advocaten, journalisten, dat volk komt er wonen.”
Kan hij daardoor moelijker vrijwilligers werven? “Nee, maar ze geven zich op voor andere aspecten. Boodschappentasjes vullen voor de voedseluitgifte vinden ze leuk, maar ze houden niet van vuile handen. Ik had in de klussendienst een hooggeleerde nieuwkomer, die hield het geen drie weken vol - hij wilde eigenlijk alleen meer bewegen.”






Meer nieuws uit Amsterdam-Noord?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie