Celstraf na voorbereiden brandstichting in pand Israëlische ambassade Den Haag

112-nieuws
Celstraf na voorbereiden brandstichting in pand Israëlische ambassade Den Haag
Celstraf na voorbereiden brandstichting in pand Israëlische ambassade Den Haag (Foto: Archief RWM)

De rechtbank Den Haag heeft een 55-jarige man veroordeeld voor vernieling en het voorbereiden van brandstichting in het pand waarin de Israëlische ambassade is gevestigd. Dit gebeurde op 19 september 2025. De verdachte is met meerdere flessen benzine en ontstekers vanuit zijn woonplaats Dieren naar het betreffende pand in Den Haag gefietst en probeerde het pand binnen te dringen. De politie kon dit verhinderen. De verdachte krijgt een celstraf opgelegd van 26 maanden waarvan 10 maanden voorwaardelijk.

De feiten

De verdachte heeft lang - meer dan twee maanden én een fietstocht van 140 kilometer van Dieren naar Den Haag - over het plegen van de feiten nagedacht. Op de bewuste dag vernielde hij met de meegebrachte gereedschappen de toegangsdeur en de ramen van het gebouw met de bedoeling het gebouw binnen te komen en daarin brand te stichten.

De politie kon de verdachte aanhouden toen hij nog bezig was met het vernielen van de ruiten. Hij was het gebouw nog niet binnengedrongen. De flessen met benzine zaten nog dicht in zijn tas en zijn aansteker en lucifers zaten nog in zijn broekzak en jaszak. De verdachte heeft later zelf verklaard dat hij direct na binnenkomst in het pand al brand wilde stichten. Op deze manier wilde hij een boodschap overbrengen aan de Nederlandse regering, de Nederlandse samenleving en Israël. Hij heeft verklaard dat hij zijn daad gerechtvaardigd vindt vanwege de houding van de Nederlandse regering in het Israël-Gazaconflict, dat hij een morele verplichting en verantwoordelijkheid voelde om iets te doen en dat hij geen spijt heeft.

Oordeel rechtbank

De rechtbank oordeelt dat de verdachte zich niet schuldig heeft gemaakt aan poging brandstichting omdat zijn handelingen op het moment van zijn aanhouding waren gericht op het binnendringen van het pand en niet op brandstichting. Wel is de verdachte schuldig aan vernieling en voorbereiding van brandstichting in het pand waarin zich de Israëlische ambassade bevindt. De verdachte was zich ervan bewust dat er mensen in het pand aanwezig hadden kunnen zijn, maar dit heeft hem niet van zijn voornemen weerhouden. De rechtbank rekent dit de verdachte zwaar aan.

Uit onderzoek van de reclassering blijkt dat bij de verdachte geen sprake lijkt te zijn van een links-extremistische ideologie of antisemitisch gedachtengoed. Wel is er sprake van zogenoemd singel-issue extremisme, waarbij hij geweld is gaan zien als de enige oplossing om de politieke besluitvorming omtrent de situatie in Gaza te beïnvloeden. De reclassering schat de kans op herhaling hoog in omdat de verdachte geen afstand neemt van zijn handelen, zijn actie zorgvuldig heeft uitgedacht en de situatie in Gaza tot op heden onveranderd is.

De rechtbank vindt een celstraf van 26 maanden passend en geboden, waarvan 10 maanden voorwaardelijk. Aan het voorwaardelijke deel verbindt de rechtbank diverse bijzondere voorwaarden die hem ervan moeten weerhouden opnieuw de fout in te gaan. Zo mag hij niet in de buurt van de Israëlische ambassade komen, moet hij zorgen voor een zinvolle dagbesteding en moet hij meewerken aan gesprekken met een deskundige over ideologie.


Meer nieuws uit Den Haag?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: