Burgerinitiatief wil wisseltentoonstellingsruimte onder tuin van Westfries Museum in Hoorn

HOORN - Een tentoonstellingsruimte die niemand bovengronds kan zien. Dat is de kern van een burgerinitiatief dat dinsdagmiddag 22 september in het Hoornse stadhuis werd aangeboden aan wethouder Dennis Boutkan.
Door Wally Ooms
Hotel-restaurant Ysbrantsz en Stichting De Betrokken Poorter hebben gezamenlijk een plan ontwikkeld voor een ondergrondse wisseltentoonstellingsruimte bij het Westfries Museum. Daarmee kan het bovengrondse massieve gebouw van de baan.
Het plan werd namens Ysbrantsz toegelicht door Marco Wohlken en namens De Betrokken Poorter door Fred Veerman. Zij overhandigden de wethouder tekeningen en beeldimpressies van de voorgestelde ondergrondse ruimte. Het idee sluit aan bij een variant die eerder al onderdeel was van de plannen voor de ingrijpende verbouwing van het Westfries Museum, maar die enkele jaren geleden om financiële redenen werd geschrapt. Voor Wohlken is de kwestie niet nieuw. Hij en zijn vrouw Laura Luca zijn inmiddels zes jaar met hun hotel-restaurant buren van het museum. De restauratie van de monumentale panden geeft al vier jaar veel overlast, maar kan volgens Wohlken op begrip rekenen, maar tegen de voorgenomen bouw van een massief gebouw in de museumtuin maakte hij eerder bezwaar. In januari vorig jaar sprak hij daarover in tijdens een vergadering van de gemeenteraad. Zijn verhaal maakte indruk op Fred Veerman van De Betrokken Poorter. “Mijn toespraak raakte hem en daarna bood hij mij zijn hulp aan”, vertelde Wohlken tijdens de bijeenkomst. “Zo is mijn innige relatie met Fred gestart.”
Constructief
Samen gingen zij aan de slag met een alternatief. Veerman bracht daarbij zijn ervaring uit de bouwwereld in, terwijl ook anderen hun kennis beschikbaar stelden. Onder anderen Rinus Haring en Gerrit Knol leverden praktische input. Delfts emeritus hoogleraar André Thomson en Karl Schuitenmaker van Stichting Stadsherstel dachten mee over de onderbouwing. Architectenbureau TPAHG werkte de plannen en beeldimpressies verder uit. Het resultaat is een plan voor een tentoonstellingskelder onder de tuin. “Alles wat niet in de omgeving past, stoppen wij bij voorkeur onder de grond”, aldus Veerman. Daarmee blijft de bestaande tuin behouden en wordt voorkomen dat een nieuw gebouw het historische karakter van de omgeving beïnvloedt. Volgens Veerman verlopen de gesprekken met het Westfries Museum en de gemeente inmiddels in een open en constructieve sfeer. Hij noemde daarbij met name Amanda Vollenweider van het museum en Michel Bakelaar, projectleider van de gemeente Hoorn.
Onzichtbaar
Een ondergrondse ruimte heeft echter één merkwaardig probleem: je kunt hem niet laten zien. “Hoe bied je nou iets aan dat in feite onzichtbaar is?”, vroeg Veerman zich dan ook retorisch af. Daar werd tijdens de bijeenkomst een creatieve oplossing voor gevonden. Veerman overhandigde Boutkan niet alleen de tekeningen van de ondergrondse plannen, maar ook een foto van het Havenlicht op het Visserseiland. Hij pleitte ervoor om tegelijk de trapopgang van het Havenlicht en het bijbehorende huisje in ere te herstellen. Het Havenlicht werd in de vorige eeuw door Veerman gerealiseerd. “We hopen dat Stadsherstel dit, in samenspraak met de gemeente, wil oppakken. We bieden u dus iets aan van ons hopelijk volgende project.” Een ludieke toevoeging aan de overdracht, maar met een serieuze onderliggende boodschap: als er bovengronds niets hoeft te worden toegevoegd, ontstaat er juist ruimte om de bestaande omgeving te herstellen en te verbeteren.
Museumtuin intact
Wethouder Boutkan bleek goed op de hoogte van de ontwikkelingen rond het Westfries Museum. Hij dankte de initiatiefnemers voor hun plan en gaf vervolgens een toelichting op de stand van zaken rond de omvangrijke verbouwing van het museum, die naar verwachting tot 2028 duurt. Boutkan toonde zich onder de indruk van de gepresenteerde plannen. Vooral het gegeven dat een ondergrondse oplossing de museumtuin volledig intact laat, spreekt aan.
Haalbaar plan
De initiatiefnemers zijn er van overtuigd dat hun plan haalbaar is. “Het is belangrijk dat die ruimte er komt”, aldus Wohlken. Volgens hem gaat het niet alleen om het museum zelf, maar ook om de aantrekkelijkheid van de binnenstad. Wisseltentoonstellingen kunnen bezoekers een reden geven om opnieuw naar Hoorn te komen en daarmee ook de lokale economie ondersteunen. Bovendien past een ondergrondse oplossing bij de verdere vergroening van de binnenstad: de museumtuin blijft immers volledig beschikbaar als tuin.
150 jaar
Het plan is om met de wisseltentoonstellingsruimte in 2028 te beginnen. Dat jaar krijgt daarmee nog een bijzondere betekenis. Het Westfries Museum bestaat dan 150 jaar. Ook de oorsprong van het museum is immers verbonden met een burgerinitiatief. In 1876 zetten inwoners van Hoorn zich in voor het behoud van kunstwerken in de stad. Twee jaar later was voldoende geld bijeengebracht om het initiatief daadwerkelijk uit te voeren. Het vormde de basis voor het huidige Westfries Museum.
Anderhalve eeuw later dient zich opnieuw een burgerinitiatief aan. Ditmaal niet om een museum op te richten, maar om ervoor te zorgen dat een belangrijk onderdeel ervan letterlijk onder de grond wordt gerealiseerd, waardoor de historische museumtuin behouden kan blijven.






Meer nieuws uit Hoorn?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie