Een nieuwe stadsdichter, een nieuw geluid

Naomi Jansen (31) is de nieuwe stadsdichter van Maassluis. De komende twee jaar mag zij woorden geven aan alles wat haar opvalt, verbaast en verwondert in de stad. Woorden die herkenning oproepen en soms gewoon even laten stilstaan.
Marleen Opschoor
De oplettende lezer zag ze misschien al voorbijkomen in deze krant: gedichten van de nieuwe stadsdichter Naomi Jansen. De verkiezing vond plaats op 24 september in Buurtcentrum De Hooftzaak. De Maassluise wist met haar gedichten en motivatie de jury het meest te overtuigen en ze nam het stokje over van Cedric Muchall. “Ik was tevreden over wat ik had geschreven, maar voordragen had ik nog nooit gedaan. Dus ik was blij verrast toen ik mijn naam hoorde.” Als docent Kunst op een vmbo is Naomi gewend om voor ‘publiek’ te staan, dus het voordragen zelf vond ze niet spannend. Wél om wat binnen in haar leeft voor het eerst in woorden naar buiten te brengen. Dat voelde heel kwetsbaar. Naast docent is Naomi beeldend kunstenaar. Hierdoor kijkt ze met een andere blik. Zonder directe aanleiding begon ze tien jaar geleden met dichten. “Het werd een extra uitingsvorm. Kunst maken begint altijd met een idee, wat ik nu ook in woorden kan uitdrukken.” Als stadsdichter wil ze het stoffige imago van poëzie wat meer doorbreken. Niet alleen vóór, maar ook mét de stad schrijven en vooral jongeren daarbij betrekken. “Gedichten hoeven niet altijd te gaan over mooie dingen. Wat ‘lelijk’ is, verdient misschien wel meer aandacht. Een gedicht mag best schuren.” Haar gedicht ‘Feniks’, dat ze voordroeg tijdens de verkiezing, was daarvan een voorproefje. In dit gedicht kroop ze in de huid van het gebouw ‘de Oude Vliet’, dat werd gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw.
Eigenheid
Het creatieve zat er al vroeg in. Als stil en introvert meisje knutselde ze graag met haar moeder en was ze veel in de natuur te vinden. Als enig kind kon ze zich prima alleen vermaken. Tijdens vakanties in Zeeland filmde ze het windsurfen van haar vader. Naomi ontmoette Jutta, een Duitse vrouw die haar stimuleerde daar iets mee te gaan doen. “We hebben nog steeds contact. Soms is aanmoediging van buitenaf nodig.” Ook Naomi’s vader zag haar talent. Ze ging studeren aan het grafisch lyceum en daarna aan de kunstacademie. Eerst in Den Haag, maar na een jaar zich daar niet thuis voelen maakte ze de switch naar de Willem de Kooning Academie in Rotterdam. Door haar hoogsensitiviteit leerde ze steeds meer om dicht bij zichzelf te blijven. Die eigenheid wil ze ook graag meenemen in haar stadsdichterschap. “Niet iedereen hoeft mijn poëzie mooi te vinden, als mensen er maar iets in herkennen.” Haar studies waren voornamelijk in het Engels. Naomi herontdekte de Nederlandse taal in de trein. “In de spitskrant ‘Metro’ las ik altijd ‘Versjes van Lars.’ Die inspireerden mij. Ik vind het leuk om te spelen met woorden en poëzie hoeft voor mij ook niet te rijmen. Het is mooi als woorden kunnen ontroeren.” Zoals de gedichten die ze schreef voor haar moeder, die een tijd ernstig ziek was.
Moestuin
Concrete plannen voor het stadsdichterschap heeft ze nog niet. Ze laat het op zich afkomen. Inspiratie haalt Naomi uit het dagelijks leven. “Dat kan een boek zijn, een museumbezoek, maar ook de natuur en dan vooral mijn moestuin. Daar kom ik tot rust.” De opkomst van AI vindt ze lastig. Het doodt volgens haar de originaliteit en soms is in kunst het onderscheid tussen echt en AI al bijna niet zichtbaar meer. Toch is ze ervan overtuigd dat er altijd een bepaalde emotie of zeggingskracht nodig zal blijven om kunst echt te laten spreken. De kersverse stadsdichter kijkt uit naar nieuwe ontmoetingen in Maassluis en hoopt dat dit deuren gaat openen. Maar bovenal hoopt ze Maassluis woorden te geven die tot de verbeelding gaan spreken.





Meer nieuws uit Maassluis?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie