Binnenkijken bij Huber en Tineke Tubbing en Herman en Elly Gaarman: Gedeelde keuken, gedeelde gezelligheid

Huis
V.l.n.r: Huber, Tineke, Elly en Herman.
V.l.n.r: Huber, Tineke, Elly en Herman. (Foto: MO)

Met twee gezinnen wonen onder één dak: twintig jaar geleden gingen Huber en Tineke Tubbing en Herman en Elly Gaarman dit avontuur met elkaar aan. Ze kochten een voormalige kleuterschool in Maassluis-Oost en toverden deze om tot een ruim en sfeervol familiehuis.

door Marleen Opschoor

De eeneiige tweelingzussen Tineke en Elly trouwden kort na elkaar. Tineke en Huber gingen wonen aan het Elzendal en Elly en Herman aan het Sparrendal. Ondanks dat ze dicht bij elkaar woonden, vonden de zussen het maar niets om gescheiden te zijn. Toen ze de kans kregen om aan de Wipmolen naast elkaar een nieuwbouwhuis te kopen, grepen ze die meteen aan. Ook de mannen hadden een goede klik. Hun kinderen groeiden daar met elkaar op. Ze liepen over en weer door de gezamenlijke tuin, zonder schutting. Ook hadden ze een kruislingse babyfoonverbinding aangelegd. “Soms vroegen mijn kinderen aan Elly wat ze gingen eten en als hen dat meer aanstond, aten ze bij haar”, lacht Tineke. Elly vult aan: “De kinderen zeggen altijd dat ze twee vaders en moeders hebben. Ze zien elkaar echt als broer en zus.”

Gezamenlijk wonen

Langzamerhand ontstond het idee voor een gezamenlijk huis. “Maar in deze omgeving was dat lastig te vinden”, vertelt Herman. “We hebben onder andere gekeken naar een boerderij in het buitengebied en een groot pand aan de Haven, maar niets leek geschikt. En buiten Maassluis was voor onze hier geboren en getogen vrouwen geen optie.” Toen hoorden ze dat voormalige kleuterschool ‘Rommeldam’ te koop kwam, nog deels gehuurd door een kerkgenootschap en daarvoor ook een tijd door het Rode Kruis. Dit gebouw, met een oppervlakte van vierhonderdvijftig vierkante meter, zou volledig aangepast moeten worden om er naar hun wensen twee woonhuizen met een gedeelde keuken van te maken. Herman, als civiel ingenieur en Huber, als interieurontwerper, durfden deze uitdaging wel aan.

Het pand werd gekocht, het kerkgenootschap vond al snel een andere plek, maar het omzetten naar een woonbestemming liet langer op zich wachten. Uiteindelijk kwam er groen licht. Grote, ingrijpende klussen werden uitbesteed, maar veel deden ze zelf, zoals het afwerken van wanden, plafonds en vloeren. “Even voor de beeldvorming”, vertelt Huber lachend, “Elly en ik hebben alles behangen en er is duizend meter glasvezelbehang door onze handen gegaan.” Er werd ook nagedacht over duurzaamheid, wat in die tijd best vooruitstrevend was. De slaapvertrekken op het oosten kregen kleine ramen en de grote raampartijen op het westen werden behouden. Om de hele buitenkant van het pand is een ‘schil’ van isolatiemateriaal en aluminiumplaten aangebracht, wat het pand een moderne uitstraling geeft.

Levensloopbestendig

Elk gezin heeft zijn eigen voordeur, woongedeelte en tuin, met een gedeeld stuk tuin dat grenst aan de keuken. “Het huis moest altijd weer gesplitst kunnen worden, voor eventuele verkoop, maar ook als het samenwonen niet zou bevallen”, aldus Herman. Ook in de gedeelde keuken hebben ze daar rekening mee gehouden, maar die scheidingswand hoefde er nooit te komen. Het gezamenlijk wonen heeft wat hen betreft alleen maar voordelen. Allereerst de gezelligheid. De keuken is zo ingericht dat er aan twee kanten gekookt kan worden. “Dan staan Elly en ik tegenover elkaar”, vertelt Tineke. “Gezellig met een wijntje erbij.” De zussen overleggen wat ze willen eten en halen samen boodschappen. Ook nu hun kinderen de deur uit zijn, eet het viertal nog steeds met elkaar aan de grote tafel. Wat opvalt in de keuken, is een lange wand gevuld met gekleurde vissen. Na elke vakantie nemen ze als souvenir een vis mee. Onderin hangen ook wat vissen die de kleinkinderen hebben gemaakt. Het huis biedt genoeg ruimte voor feestjes. Herman heeft een keer zijn hele koor uitgenodigd. Ook worden verjaardagen van kinderen en kleinkinderen nog steeds bij hen gevierd. “Voorwaarde is wel dat ze zelf voor alles zorgen en weer opruimen”, lacht Elly. Een ander voordeel is dat ze voor elkaar kunnen zorgen, zoals toen zowel Tineke als Herman een tijd ernstig ziek waren. Al in het ontwerp hebben ze nagedacht over hun oude dag. Er zijn geen drempels en de badkamers zijn ruim genoeg voor een rollator of rolstoel. En als één van hen komt te overlijden hoeft de partner zich nooit alleen te voelen. “Ons huis is levensloopbestendig. We zijn er verticaal ingekomen en gaan er horizontaal weer uit”, aldus Herman. Maar zover is het gelukkig nog niet.

Eigen haard is goud waard

Hoewel de zussen in alles veel op elkaar lijken, hebben ze toch een eigen woonsmaak. Elly houdt van modern klassiek en varieert graag met kleur. De rode wanden in de woonkamer, haar favoriete plek, zijn pas groen geverfd. Herman zit het liefst achter zijn vleugel in de hoek met de boekenkast. Het interieur van Tineke en Huber is modern en tijdloos, met veel glas en een opvallende kleur blauw. Huber zit graag achter zijn computer en maakt nog altijd interieurtekeningen. Tineke geniet het meest van hun open haard, die totaal anders is als die van Elly en Herman. Hierin laat het verschil van smaak zich goed zien. Samen zijn ze trots op wat ze met dit huis hebben bereikt en realiseren zich dat dit heel uniek is. Voor Huber is het echt zijn thuis. “We kwamen pas terug van vakantie en toen we de straat inreden, dacht ik ‘Fijn, we zijn er weer.’” Twintig jaar geleden gingen ze dit woonavontuur met elkaar aan en ze hebben er nog geen dag spijt van gehad. “Het is nog steeds gezellig”, roepen de zussen in koor.

De open haarden van de familie Gaarman (l.) en familie Tubbing.
Na elke vakantie nemen ze als souvenir een vis mee.

Ook interessant voor jou:

Meer nieuws uit Maassluis?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: