Ad en Ans Woestenberg, na vijfenzestig jaar nog altijd dol op elkaar

OOSTZAAN/PURMEREND - Sommige echtparen zijn uit pure liefde zó aan elkaar gehecht dat je hun band zelfs met een kabelschaar nog niet kunt breken, ook al woont één van de twee noodgedwongen in een verpleeghuis. Zoals Ad en Ans Woestenberg uit Oostzaan, al vijfenzestig jaar gelukkig getrouwd. Reden genoeg voor burgemeester Marvin Polak om ze met een bezoekje te vereren. En voor deze krant om ze aan een interview te onderwerpen.
Door Marcel van Stigt
Dat interview vindt plaats in het sfeervolle parkje bij Verpleeghuis Novawhere in Purmerend. Ad Woestenberg (92) verblijft daar omdat hij wat zorg nodig heeft. Zes maanden zit hij daar nu, en in dat tijdsbestek heeft hij zichzelf al behoorlijk populair gemaakt. Hij is de beste maatjes met een Volendamse medebewoner en is graag gezien bij het verplegend personeel. “Hoi, lieve Ad", klinkt het hartelijk als een jonge verpleegster hem passeert.
“Ja, ik heb hier allemaal vriendinnen”, verklaart hij. “Van jong tot oud, ik vind ze allemaal even lief.”
Een volgende verpleegster nadert met een mand aan haar arm en dat ontlokt hem tot de vraag: “Wat heb je voor lekkers meegenomen?”
Dat is Ad Woestenberg ten voeten uit. Nog altijd. Scherp, alert, spitsvondig, en hij bedenkt het allemaal ter plekke en binnen een halve seconde - ‘Ad Rem’ als bijnaam zou hem niet misstaan.
Een wandeling door de stad
Hij maakt er veel vrienden mee en naar alle waarschijnlijkheid heeft hij daar ooit ook Ans mee verleid. Ze hebben elkaar in 1960 voor het eerst ontmoet op de Amsterdamse Stadhouderskade, waar Ad woonde en Ans op een baby paste. Ze kregen direct een meer dan gemiddelde belangstelling voor elkaar en dat leidde al snel tot een eerste ‘date’. Een wandeling door de stad.
Met de woorden van haar moeder in het achterhoofd - “Zolang je wandelt, gebeurt er niks” - doorkruiste Ans met Ad zo’n beetje heel Amsterdam. En Ad liet het na afloop niet aankomen op een “Nou, het was leuk, tot de volgende keer". Hij vroeg rechtstreeks: “Willen we verkering of niet?” Van nature is hij geen type dat onnodig lang om zaken heen draait.
‘Ik heb het bonnetje nog’
Ans antwoordde bevestigend en er volgde de beoogde verkering. En op 25 april 1961 werd in het stadhuis van Amsterdam hun wettelijke huwelijk gesmeed. Ans: “Met vijf paren tegelijk, voor zeven gulden en vijftig cent. Ik heb het bonnetje nog."
Ad: “Mijn vader was die dag jarig en we gingen naar hem toe. ‘Zou je ons niet even feliciteren?’, riep ik op een gegeven moment. Maar nee. ‘Dit huwelijk telt niet’, zei hij. Hij was koster van de kathedraal in Oisterwijk en daar zijn we op 13 mei getrouwd. Er was een rode loper voor ons uitgelegd en er waren héél veel mensen.”
Het jonge paar vestigde zich eerst in een woning aan de Vegastraat in Tuindorp Oostzaan en kocht later een huis aan de Burgemeester Bratstraat in Oostzaan. Een erg gelukkige keuze was het niet, want de fundering bleek kapot en die moest eruit. En dan heerste er ook nog eens een strenge winter. Maar net als nu waren woningen ook toen, aan het begin van de jaren zestig, schaars. Ze waren blij dat ze toch een woning hebben kunnen vinden.
Vertegenwoordiger Bolsius-kaarsen
Inmiddels was zoon Jack geboren en daarna volgde dochter Mariska. Ad werkte als vertegenwoordiger van Bolsius-kaarsen en bezocht met een koffertje in de hand overal klanten, Ans werkte als serveerster in de Purmerendse horeca. Het geheim van een goed huwelijk hadden ze toen al onder de knie. Ad: “Rust en tevredenheid. We hadden wel eens woorden, maar hebben nooit gedacht te gaan scheiden; we konden overal over praten. En we lieten elkaar vrij.”
Die vrijheid vulden ze op een soortgelijke manier in: vrijwilligerswerk in Oostzaan. Ad Woestenberg heeft zich onder meer ingezet om de sporthal van de grond te krijgen; hieraan herinnert een zwarte tegel in de muur van het pand met daarin zijn naam. Hij is voorzitter van DEV geweest en heeft zich dertig jaar lang verdienstelijk gemaakt voor de Lishof. “Ik wilde bezig zijn”, verklaart hij zijn gedrevenheid, “me daar inzetten waar wat te regelen valt.”
Cliëntenraad Lishof
Ans liet zich niet onbetuigd. Zij heeft eenendertig onbetaalde jaren bij de Lishof op haar naam staan en zit sinds acht jaren in de cliëntenraad. “Héérlijk om op vrijwillige basis dienstbaar te zijn.” Beiden zijn gewaardeerd met een Gouden Greep en dat is een mooie bekroning van hun actieve leven als vrijwilliger.
Ze hebben nu een respectabele leeftijd bereikt en zijn na vijfenzestig jaar nog altijd heel gelukkig met elkaar. Ans heeft Ad naar Volendam gereden om samen hun trouwdag te vieren. Lekker eten in Hotel Spaander. En er volgde nog een etentje in het restaurant van Novawhere met het eigen gezin, inclusief drie kleinkinderen en vijf achterkleinkinderen.
Opmerkelijk charmant en energiek
Ans woont aan de Slaperstraat en doet alles nog zelf; ze gaat regelmatig aquazwemmen en maakt deel uit van een wandelgroep. Met haar zevenentachtig jaren oogt ze opmerkelijk charmant en energiek. Ze rijdt vaak naar Purmerend om Ad te bezoeken en dan omringt ze hem met alle liefde en zorg.
Zo ook nu, op de dag van het interview. In het restaurant van Novawhere begeleidt ze Ad na afloop naar een tafel aan het raam. Aan de bar bestelt ze voor hem warme chocomel met slagroom, want daar is hij dol op, en voor zichzelf een cappuccino en een slagroomgebakje - de slagroom is grotendeels voor hem.
Ad houdt nog net zo veel van haar als na die eerste ontmoeting op de Stadhouderskade, vindt haar nog net zo mooi. Hij redt zich uitstekend in Novawhere. “Maar als ik Ans niet had, zou ik het niet kunnen.”






Meer nieuws uit Oostzaan?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie