Vogelaars komen van ver voor zeldzame pijlstormvogel bij Rozenburg

Zelfs uit Groningen kwamen vogelspotters een week geleden naar Rozenburg om er de zeer zeldzame grote pijlstormvogel te fotograferen. De vogel leek volgens de Rozenburgse kenner Marcel de Visser een beetje ziek.
Door Kor Kegel
Tientallen vogelaars wilden met eigen ogen de grote pijlstormvogel zien. De vogel broedt normaal op eilanden in de Atlantische Oceaan beneden de evenaar. In de Noordzee komt de vogel uitzonderlijk voor. Vogelaars houden hun waarnemingen nauwkeurig bij en de zeevogel is hier tussen 1915 en 1921 slechts 19 keer waargenomen, en dus voor het eerst weer op donderdag 1 oktober 2026. De vogel werd eerst gespot ter hoogte van Vlaardingen, waar de Oude Maas op de Nieuwe Maas uitkomt en Het Scheur begint, en vandaar zwemmend langs Rozenburg, tot een laatste waarneming op de oever van de Landtong nabij de Ruitervereniging Rozenburg. Er stonden veel auto’s geparkeerd bij de rioolwaterzuivering, waar de Landtong Rozenburg begint.
Verrekijkers en telelenzen
“Het was een drukte van jewelste,” zegt Marcel de Visser. De Rozenburgse natuurfotograaf zag vogelaars met verrekijkers en telelenzen uit alle windstreken naar Rozenburg komen en vond het zelf wel een luxe op gewoon op de fiets te stappen om de bijzondere vogel te zien. Maar hij had er geen goed gevoel bij. “Het was bijzonder, maar ook zorgelijk. “De vogel hoort hier totaal niet thuis. Het is niet zijn habitat. De vogel was niet in orde, ik vermoed ziek, want hij dobberde wat rond op vrije korte afstand van de rivierkant.. Grote pijlstormvogels duiken liefst druk in zee en dit gedrag was ongewoon.”
De laatste waarneming van de grote pijlstormvogel werd geregistreerd op donderdag 1 oktober om 19.56 uur.
Nóg een zeldzame vogel
Daarmee was het plezier voor Marcel de Visser niet voorbij. Op zaterdagochtend toog hij naar de Maasvlakte voor het fotograferen van de draaihals. Dat is met zijn bruine camouflagekleuren een heel ander soort specht dan de bekende grote bonte specht. De draaihals is in Nederland vooral als zeldzame doortrekker te zien. Hij nestelt in boomholten, vooral in berken. Alleen tijdens de broedperiode zitten draaihalzen zoals andere spechten tegen een boomstam; de rest van het jaar vooral op de grond. Ze foerageren in schrale pioniersvegetaties op zandgrond en leven van mieren. Ze overwinteren in Afrika ten zuiden van de Sahara.
Draaihalzen zijn onopvallende, maar onmiskenbare vogels. Hun bruine verenpak biedt een uitstekende camouflage in de oude loofbomen waarin ze broeden, dan te herkennen aan een schelle en klaaglijke baltsroep. De draaihals dankt zijn naam aan de flexibele hals, die in vreemde kronkels gedraaid kan worden.






Meer nieuws uit Rozenburg?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie