Van heksenvervolging tot hashtag-hysterie; over de nieuwe brandstapels van deze tijd

Er was een tijd dat een vrouw al verdacht was als ze te oud was, te wijs of te alleen. Als haar kruidenthee iets te krachtig werkte of haar blik gewoonweg te lang bleef hangen. Ze had geen advocaat, geen weerwoord, geen kans. Haar veroordeling begon vaak met geruchten, fluisterend uitgesproken bij de waterput of op het dorpsplein.
De gemeenschap trok een conclusie en het recht volgde. Of liever: het recht ging in rook op. Soms letterlijk. Heksenvervolging was bij uitstek een publiek spektakel. Een daad van collectieve zuivering. Niet gebaseerd op bewijs, maar op macht, het verlangen naar controle. Een trial by fire, maar nog vaker: een trial by fear.
Hooivork wordt hashtag
Zes eeuwen later lijken we het inmiddels beter te weten. Noemen we onszelf een rechtsstaat. We leven in een tijd van rechtsbescherming, van het vermoeden van onschuld, van grondrechten, van hoor en wederhoor. Maar wie beter en vooral scherper kijkt, ziet dat het heksenproces zijn vorm slechts heeft aangepast aan het scherm, de gedaante slechts heeft veranderd. De brandstapel is vervangen door social media, de hooivork door de hashtag en de beul door de publieke opinie.
Framing is veroordeling
Trial by media, het klinkt modern, maar het is in wezen eeuwenoud. Het is het moderne equivalent van het schavot. Een publieke veroordeling op basis van verdachtmakingen, vóórdat enig onderzoek is gedaan, laat staan dat een oordeel is geveld door een rechter. Het is het tegenovergestelde van wat wij als juristen verdedigen; het recht op verdediging, op context, op nuance. Het verschil met vroeger? Toen schreef de dorpskoster het pamflet, nu schrijft de twitteraar ‘het draadje’. Toen sprak de beul het vonnis uit, nu doet de timeline dat, framing is veroordeling. En opnieuw zijn het opvallend vaak vrouwen die onderwerp zijn van collectieve woede. Te uitgesproken. Te seksueel. Te eigenzinnig. De moderne heks is influencer, politica, activist. En net als vroeger: de zondebok.
Historisch onrecht
Dat maakt het pleidooi voor een Nationaal Heksenmonument, zoals onlangs onder meer door schrijfster Susan Smit verwoord, meer dan symbolisch. Het is een erkenning van een historisch onrecht dat nog altijd doorwerkt, het onrecht dat vrouwen eeuwenlang is aangedaan zonder behoorlijke rechtsgang.
Geuzennaam
Tegelijkertijd is het woord ‘heks’ de laatste jaren aan een opmars bezig, niet langer als beschuldiging, maar als geuzennaam. Duizenden vrouwen (en ook mannen) omarmen tegenwoordig het woord ‘heks’ als symbool van kracht, intuïtie en verbinding met de natuur. In spirituele kringen wordt de heks gevierd als genezer, als wijze, als ziener. Ze kent de ritmes van de maan, de cyclus van het lichaam en het belang van het onzegbare. Ze staat voor een levenshouding die zich niets aantrekt van conventies, maar vertrouwt op de onderstroom. Vrouwelijke wijsheid buiten de kaders van het systeem.
Diepere laag
De hernieuwde appreciatie van het ‘heks-zijn’ is deels een reactie op eeuwenlange onderdrukking, deels ook een culturele trend: spiritualiteit is in, mystiek is aantrekkelijk. Netflix, Instagram en boekhandels staan vol met astrologie, kruidenleer, tarot, rituelen en maanstanden. Voor sommigen is het een stijl, voor anderen een levenshouding. Maar onder de oppervlakte ligt een diepere laag: het recht om weer meester te zijn over je eigen verhaal, je eigen lijf, je eigen kracht. Het is een vorm van herstel.
Oude patronen in nieuwe jassen
En toch, wie zich profileert als ‘moderne heks’, wordt nog vaak meewarig aangekeken. Die herwaardering stuit namelijk ook op weerstand, ‘hedendaagse heksen’ worden nog steeds weggezet als zweverig of gevaarlijk. We zijn cultureel misschien een paar stappen verder, maar maatschappelijk nog lang niet vrij van het oude wantrouwen. De beschuldiging van hekserij is vervangen door spot, framing, of de vernietigende snelheid van het online oordeel. Wie afwijkt, moet worden teruggebracht tot het gemiddelde. De vraag is dus: zijn we écht verder gekomen, of steken we oude patronen in nieuwe jassen?
Eerst luisteren, dan oordelen
Misschien is dát wat het monument vooral zou moeten doen: ons herinneren aan het gevaar van snelle oordelen en groepsgericht geweten. En dat het recht niet vanzelfsprekend is, dat de rechtsstaat pas écht werkt als we ook in de publieke sfeer - offline en online - de beginselen van zorgvuldigheid, hoor en wederhoor durven verdedigen. Want of het nu gaat om een vrouw in de 17e eeuw die kamillethee maakte of om een vrouw die zich vandaag de dag uitspreekt over seksisme, macht of intuïtie; het ‘échte’ proces begint vaak buiten de rechtszaal. En het eindigt pas als we leren om eerst te luisteren, dan pas te oordelen. Zoals het een moderne rechtsstaat betaamt.
Want alleen dan dooft de brandstapel. Voorgoed.
PS: op de - prijswinnende - foto bij deze column staat mijn vrouw Graciela afgebeeld, met in haar hand het HX Magazine, hét blad voor de ‘moderne’ heks.
Dit artikel is geschreven door Evert Hoekstra, advocaat bij CKH Advocaten. Heeft u vragen over de rechtsbescherming van individuen en bedrijven? Neem gerust contact op via hoekstra@ckh-advocaten.nl, 06-25037083 of kijk op www.ckh-advocaten.nl.






Meer nieuws uit Rozenburg?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie