Een burenband voor het leven in een voormalig ‘s-Gravenzands schoolgebouw

Algemeen
V.l.n.r. Amber, Tim, Belinda, Leo, Galina, Bob H., Bob B. en Désirée.
V.l.n.r. Amber, Tim, Belinda, Leo, Galina, Bob H., Bob B. en Désirée. (Foto: Debbie van Eijk)

Jaren geleden tekenden de bewoners van een voormalig schoolgebouw in ’s-Gravenzande voor een koopappartement dat uit niet veel meer bestond dan vier muren. Een uniek project was het, maar om er iets moois van te maken, moest er flink worden geïnvesteerd. ‘Zou je dat nou wel doen?’, vroegen vrienden en familie. Die scepsis horen ze nu nooit meer. Juist de enorme verbouwing die de bewoners tegelijkertijd doormaakten, schiep een burenband voor het leven. Acht bewoners - vier stellen - geven een kijkje in de keuken.

“Iedere keer als ik m’n auto parkeer denk ik: jeetje, wat een pand is het eigenlijk,” vertelt Bob (28). Zijn vriendin Desirée (28) vult aan: “Het is ook altijd leuk als iemand vraagt waar je precies woont, en je legt het uit.”

Het is ook altijd leuk als iemand vraagt waar je precies woont

Amber (25) herkent die verwondering. Zij is sinds januari dit jaar samen met Tim (31), een van de bewoners van het eerste uur. Pas toen hij zijn adres naar haar had geappt en ze voor het eerst bij hem op visite ging, kwam ze daarachter. “Toen ik vooraf op Google Maps keek waar het precies was, zag ik al dat het niet zomaar een appartementencomplex was, maar een schoolgebouw.” 

Niet alleen aan de vrijwel intact gehouden buitenkant is de voormalige Prins Willem-Alexanderschool, die ook ooit een ULO was, nog te herkennen. Ook de centrale hal en trappen zijn in de oorspronkelijke staat teruggebracht; inclusief sfeervolle glas-in-lood-ramen. Bij binnenkomst valt al het originele plaquette op aan de muur, uit de tijd dat de school nog de bijbelse naam Eben-Haëzer droeg.

De woningen zelf zijn sterk gemoderniseerd. Mooi gestucte muren met een vier meter hoog plafond geven een aangenaam gevoel van ruimte. Sommige bewoners hebben een vide aangebracht om meer vierkante meters te creëren. In de woning van Bob en Desirée wordt die begrensd door een adembenemend mooi gietijzeren hekwerk, maar: nieuw.

Behouden elementen

Toch is in elk van deze vier appartementen, naast de raampartijen, wel iets te vinden dat aan de oorspronkelijke staat van het schoolgebouw herinnert. In het appartement van Belinda (52) en Leo (53) is dat bijvoorbeeld een klein stukje ronde muur met de originele betegeling. In het appartement van Bob en Desirée is de kruipruimte van de peuterspeelzaal verder uitgegraven, waarmee ruimte werd gecreëerd voor hun vide. Tim en Amber hebben nog een oorspronkelijke houten balk onder het dak van hun zolder. En bij Bob en Galina kun je je nog goed voorstellen dat er een klein personeelskeukentje zat in hun wc-ruimte, is ook een stukje van de oorspronkelijke muur behouden en bovendien hebben zij de originele buitendeur als tussendeur in hun woning verwerkt: als die open staat, zie je de vier kleuren die de deur in de loop van de geschiedenis heeft gehad nog aan de laklagen.


Oude liefdesbrieven

Tijdens het verbouwen kwamen er ook een hoop kleinere sporen uit het verleden naar boven. Galina vertelt: “Dit gebouw is ook tijdens de Tweede Wereldoorlog gebruikt. We hebben veel dingen gevonden die daarvan getuigen, zoals brieven en ansichtkaarten.” Haar echtgenoot Bob vult aan: “En Belinda heeft juist veel schoolspullen gevonden in haar woning. Spiekbriefjes, potloden, proefwerken.”

Even later kwam Miepje, om hetzelfde te vertellen over Arie

In juli organiseerde de VvE – waar Bob voorzitter van is – een open dag in het pand. 110 bezoekers kwamen eropaf. De vondsten uit het verleden hadden ze uitgestald ter bezichtiging. Dat bleek een schot in de roos. “We hebben ook liefdesbrieven gevonden van scholieren. Die mensen zijn stomtoevallig ook allemaal op die open dag geweest. Dat was echt hartstikke leuk,” vertelt Bob met pretogen. “Er was een briefje met een hartje erop. Bovenaan stond Arie, en daaronder Miepje. Toen kwam Arie hier, zag het en vertelde: ‘Daar ben ik niet mee getrouwd’. Even later kwam Miepje, om hetzelfde te vertellen over Arie.” 

Galina: “We hebben een kast gekocht om deze documenten in tentoon te stellen. Hij staat al klaar in de hal, we moeten hem alleen nog even inrichten.”

Zelf woont het stel in het gedeelte van de school waar de directiekamer was – naast de nooduitgang, een stukje klaslokaal en het kleine personeelskeukentje. Als directiekamer werd hun woning ook nog herkend, op de open dag. “Hier moest ik op het matje komen bij de directeur,” vertelde een bezoeker.

Emmer in de tuin

Toch is de historie van het pand voor geen van deze vier koppels de doorslaggevende reden geweest om hier te gaan wonen; het was eerder een mooie bijkomstigheid. 

Desirée is de enige die echt dierbare herinneringen heeft aan het gebouw: “Samen met waar Leo en Belinda wonen, was onze woning de peuterspeelzaal. En de wc’s zaten hier. In deze ruimte heb ik mijn eindmusical gedaan. Dus toen ik hier binnenkwam was dat wel heel leuk. De vloer beneden is nog hetzelfde, de trap omhoog en het glas-in-lood. Leuk om te zien hoe dat allemaal bewaard is gebleven.”

Alleen vrijstaand aan het water is niet gelukt

De meeste bewoners kozen voor de kavels in het voormalige schoolgebouw vanwege de - toentertijd - gunstige prijs, en omdat je er alle kanten mee op kon. Belinda somt de voordelen die zij destijds zag nog eens op: “In het centrum, gelijkvloers, op de begane grond, een tuin, én zelf alles kunnen ontwerpen. Dat tikte alle boxen aan.” Lachend: “Alleen vrijstaand aan het water is niet gelukt.” Haar man Leo grapt: “Dan zetten we wel een emmer in de tuin.”

Beter een goede buur

Alle bewoners kennen elkaar hier bij naam en Belinda en Leo hebben van meerdere buren de sleutel. Samen kozen de bewoners, verenigd in hun VvE, de huidige naam van het complex: PWA, naar de Prins Willem-Alexanderschool die hier zat. Dat werd besloten tijdens een vergadering waarvan de nasleep langer duurde dan de vergadering zelf. Dat geldt namelijk voor elke VvE-vergadering in het gebouw, vertelt Galina: “Bob maakt dan altijd van alles klaar. De vergadering zelf duurt hooguit drie kwartier, maar niemand blijft korter dan anderhalf à twee uur. Na afloop komt er wijn op tafel, nootjes en chips. Het is gezellig, prettig, gewoon goed.” Bob (senior) erkent: “We werken allemaal, maar kennen elkaar en komen elkaar tegen. Zeker voor ons, wij hebben rondom een tuin, dus wij zitten altijd buiten. Iedereen komt altijd langs lopen en heeft tijd voor een praatje.”

Belinda: “Het is hier echt fantastisch, ik kan niet anders zeggen.”

Desirée: “Wij kwamen hier pas later wonen, maar werden met open armen ontvangen. Iedereen vond het leuk om zijn bouw te laten zien.”

Hoe het komt dat de buren zo hecht met elkaar zijn geworden? “Door de verbouwingen”

Bob (junior): “Als we een verjaardag hebben, of een tuinfeestje in de zomer, stuur ik een Whatsappje naar mijn directe buren. Niet met de vraag of ze het vervelend vinden, maar eerder als uitnodiging.”

Op de vraag hoe het komt dat de buren in dit wooncomplex uiteindelijk zo hecht met elkaar zijn geworden, geven ze allemaal hetzelfde antwoord: “Door de verbouwingen.” Die waren groter en ingrijpend dan bij ‘normale’ koopwoningen. Hier moest alles vanaf nul worden opgebouwd.

Elke bewoner pakte het anders aan: Belinda en Leo lieten het meeste door een aannemer doen, Bob H. pakte een hoop zelf op, zoals het aanbrengen van brandwerende isolatie in zijn plafond en het creëren van een hok middenin het voormalige klaslokaal, waarin de slaapkamer met de badkamer is gecombineerd – maar ook hij besteedde het nodige uit. Terwijl Tim (31) vrijwel alles zelf aanpakte.

Goede start

Tim: “Het tegelijkertijd verbouwen is echt een goede start geweest.” 

Hij vertelt dat hij samen met twee buren destijds groot inkopen heeft gedaan. “Als er een stalen bint moest worden gesjouwd, of we hadden heel veel spullen met de kraan naar binnen laten takelen, dan kwam iedereen elkaar helpen.”

Amber merkt het ook op: “Je vraagt nog steeds gemakkelijk wat aan elkaar. Van de week hebben we nog een laddertje geleend.”

Bob B.: “We lopen niet de deur bij elkaar plat.” 

Désirée: “Nee, maar iedereen staat wel voor elkaar klaar. Dat uit zich ook in de groepsapp met de VvE.”

Bewoners die meer geld hadden, legden wat meer in de pot

Bob: “Als VvE hebben we daarnaast hele grote dingen moeten beslissen.” Hij doelt op het dak, waarvan een paar jaar geleden bleek dat het geheel vernieuwd moest worden. “Dat was een groot bedrag, dat in één keer op tafel moest. Dat was voor niemand leuk.” 

VvE-voorzitter Bob is er trots op hoe solidair ze dat toen met z’n allen hebben opgelost: “Bewoners die meer geld hadden, legden wat meer in de pot en kregen dat naderhand weer terug.”

De bewoners kregen al eerder tegenslag te verduren; Belinda en Leo woonden er net twee maanden toen er brand uitbrak bij een buurman. 

Brand

Belinda vertelt: “Die stond ’s nachts in z’n onderbroekie op het raam te bonken.” Snel handelen was toen van levensbelang: “We belden mensen uit bed, haalden huisdieren uit huizen, en binnen no time stond de brandweer er. Met zeventien huishoudens stonden we toe te kijken. We mochten pas om 5 uur ’s ochtends weer naar binnen. 

Toen hebben we maar ’s ochtends vroeg een biertje erbij gepakt en een zak chips

Toen zeiden wij: “Bij ons is er geen roet- of rookschade, kom maar mee, doen we een bakkie. Maar omdat alles afgesloten was, kon dat niet. Toen hebben we maar ’s ochtends vroeg een biertje erbij gepakt en een zak chips.” Die brand was een heftige ervaring, maar: “Dat zijn wel momenten geweest waardoor je weet wat je aan elkaar hebt.”

Een uitgebreidere versie van dit artikel verscheen in de woonspecial ‘Westland woont, Westland leeft’ van 27 september 2023.

Meer nieuws uit Westland?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: