Op de Pijp met… Koos Janssen: ‘Je vertegenwoordigd toch ook een beetje je land‘

Twaalf uur. Twaalf locaties. Een slordige 120 liedjes. Op zaterdag 25 juli gaat Koos Janssen (64), a.k.a. Koos de Zanger, weer op tour voor het goede doel. In dit geval onderzoek naar ALS. “Dat vraagt wel iets van mij, maar dat is niet meer dan terecht,want ik vraag immers iets van anderen.” Koos is getrouwd met Ine en woont in Monster. Samen hebben ze drie kinderen.
Waar kom je vandaan?
Ik ben een ras-Poelluker van de Wateringsweg. De oudste zoon in een gezin van negen, al heb ik dan nog wel twee zussen boven me. Onze speelhut achter het huis heette dan ook HiLeKoTiMaAlLiAnPe, naar al onze voornamen. Helaas is één van mijn broers al op zijn 28e aan een hersentumor overleden. Mijn vader was tuinder. Oorspronkelijk tomaten en sla en dergelijke, later, in de jaren ‘70 paprika’s en tenslotte in de jaren ‘80 aubergines. Dat was ook het gewas dat ik eerst teelde in Kwintsheul. Later werden dat potplanten in Poeldijk.
Jij werd dus ook tuinder?
Daar dacht je niet echt over na. Maar achteraf zeg ik: ik was geen echte tuinder. Mijn hart lag er niet in. Ik had misschien wel naar de toneelschool gewild, maar ja, dat leek indertijd niet echt een mogelijkheid. Na de Jozefschool ging ik naar de mavo, maar daar werd ik weggestuurd. Ik was toen niet de liefste. Uiteindelijk werd het dus de tuinbouwschool. Uiteindelijk heb ik de tuin verkocht. Nu ben ik ZZP’er.
Waar kwam die toneelliefde vandaan?
Dat zat wel een beetje in de familie. Ik heb het talent wel van mijn vader en moeder denk ik. Mijn vader speelde bij Sint Genesius in Poeldijk en ook mijn moeder speelde toneel. Bijna alle kinderen (op één na) speelden later ook. Zelf heb ik dertig jaar lang toneel gespeeld. Het theater sprak me echt aan, maar dat heb ik indertijd dus nooit uitgesproken.
Van toneel naar muziek is dan nog wel een stap…
Met een logische tussenstap: musical. Musicalschrijver Kees Balm uit Nootdorp was bezig met een musical over de druiventeelt en kwam daarvoor naar de druiventuin in Monster. Hij zocht zangers en zo rolde ik er een beetje in. Daarvoor zong ik ook al wel hoor. Bij de voorstelling Scrooge, in de |Leuninkjes, had ik al eens een paar liedjes gezongen en vlak voordat Kees kwam had ik samen met Eugene Mooiman en Wim de Smit het Poeldijks Volkslied (Poeldijk dat is een eiland – Eve) gemaakt. Uiteindelijk heb ik met Kees ruim acht jaar samengewerkt in verschillende musicals. Dat beviel me heel goed. Er kwam ook een CD uit voort en naar aanleiding daarvan kreeg ik mijn eerste optredens. En zo is het begonnen.
En nog steeds…
Ik werk ‘s ochtends bij de Gebroeders van Velden en de middagen zijn er voor andere zaken zoals de muziek. Ik vertolk het Hollandse lied. Daar voel ik me lekker bij.
Een volkszanger…
Zo noemen ze me. En dat vind ik prima passend. Je vertegenwoordigd toch ook een beetje je land. Met een lach en met een traan. De snik in je stem soms. Je stem hoeft in dit genre echt niet perfect te zijn, maar je moet wel passie hebben. Gevoel kunnen overbrengen. Blijkbaar lukt dat aardig want ik krijg veel positieve berichten over hoe ik mij uit. En ik pas me ook zeker aan aan het publiek. Natuurlijk plan ik een programma, maar eenmaal op locatie pas ik dat heel vaak aan. Het gaat toch om de sfeer, om de mensen die naar je komen luisteren.
Het levenslied, zijn dat smartlappen?
Ik vind dat er verschil in is. Smartlappen hebben toch iets carnavalesk. Is ‘De Vlieger’ een smartlap? Zeg jij het maar. Het levenslied gaat voor mijn gevoel precies over waar de naam naar verwijst: het leven in al zijn facetten. Vreugde, verdriet, emotie. Het zijn herkenbare nummers. Niet zo heel moeilijk; voorspelbaar, gemakkelijk aan te leren en mee te zingen. En daarmee creëer je de sfeer.
Wordt het genre serieus genomen?
Er wordt door sommigen op neergekeken. Maar heel veel mensen genieten ervan. Kijk eens naar de grote piratenfeesten in het zuiden en oosten van het land. Daar komen duizenden mensen. Maar ook op de feestweken hier zien we steeds meer grote en kleinere Nederlandse artiesten optreden.
Zing je alleen covers?
Veel covers, maar niet alleen maar. Mijn repertoire gaat van André Hazes tot Robbie Williams van Doe Maar tot Tom Jones en van de Doors tot aan mijn eigen nummers zoals ‘Effe naar m’n duifies’. Engels, Nederlands, van alles. En natuurlijk willen mensen graag de bekende hedendaagse nummers horen zoals Engelbewaarder of Bossie Rooie rozen. Alles bij elkaar ken ik misschien wel duizend liedjes. Maar zo’n 150 á 200 daarvan ken ik echt uit mijn hoofd. De eigen nummers zijn overigens meestal voor mij geschreven door anderen, al maak ik zelf ook nog wel eens wat, soms samen met Ine.
Hoe vaak treed je op?
Hangt er van af , maar ik heb lekker wat te doen. Vaak in verzorgings- en verpleeghuizen. Maar ook op de feestweken of een paar jaar gelden bij de huldiging van Sarina Wiegman in Naaldwijk. Mijn publiek gaat van 18 tot 81 wat dat betreft. Een van de hoogtepunten was toen ik tijdens het honderdjarige bestaan van de bloemenveiling op mocht treden met een aantal ‘collega’s’ onder het motto ‘The Voice of FloraHolland. Daar stonden we voor wel achtduizend man. Maar eerlijk? De grootte maakt me niet eens zoveel uit. Ik moet gewoon m’n ding doen.
En één van ‘jouw dingen’ is een twaalf uur-twaalf locaties tour voor het goede doel…
Dit jaar, op 25 juli, ga ik dat voor de vierde keer doen. Dit keer onder de titel ‘ALS je zingt.’ En net als de eerste keer doe ik álle kernen van Westland aan. In volgorde: Poeldijk (Verburch-Onings tennispark), Maasdijk (Concordia), Monster (De Opmaat), ‘s-Gravenzande (De Kreek), Heenweg (Cafetaria ‘Trefpunt), Honselersdijk (Family Treffers) in de middag en Wateringen (De Bonte Haas), Naaldwijk Café Enjoy), Kwintsheul (De jachthaven), De Lier (De Witte en Café Delierious) (twee keer) en Ter Heijde (De Viskeet) in de avond. Voor het avondprogramma zijn tickets verkrijgbaar om met de tourbus mee te gaan. Die kosten honderd euro en daarvoor krijg je eten, zes drankjes en heel veel gezelligheid.
En voor het goede doel…
Daar zet ik me dan ook graag voor in. Ik heb vier keer de tour gedaan. Twee keer om geld op te halen voor onderzoek naar taaislijmziekte. De zoon van bakker Arjan Roodenrijs overleed hieraan en dat was voor mij een reden om die tour te gaan doen. Voor Team Westland heb ik ook het nodige gedaan. Ik ben onder andere mee geweest naar de Tourmalet. Twee jaar geleden schreef ik samen met Richard Vroom ‘Zwem Lekker Mee’ voor ALS. De tekst verwijst uiteraard naar de actie A Local Swim, (dit jaar op 15 augustus). “Zwem lekker mee, plons in de Lee”. Maar zelf had ik nog niet echt met de ziekte te maken gehad. Maar dit jaar is een neef van mij aan ALS overleden en we hebben ook al afscheid moeten nemen van de geweldige Jeanette van Holsteijn van ALS Westland, dus dat motiveert wel extra. In 2024 haalden we zo’n 15.0000 euro op en dat hopen we nu weer te doen.
Best wel een inspanning?
Zeker, het vraagt ook wel iets van mij. Qua stem. Maar dat is niet meer dan terecht,want ik vraag immers iets van anderen. Maar mijn ervaringen tot nu toe zijn altijd goed geweest. Dus ik heb er alle vertrouwen in . Ik ga me ook niet extra voorbereiden of zo. Wel heb ik een optreden op de vrijdag daarvoor voor de zekerheid maar afgezegd. Kaarten zijn te bestellen via feldes67@kpnmail.nl en kdezanger@gmail.com.







Meer nieuws uit Westland?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie