Wilma veertig jaar in het onderwijs: ‘De eerste computer was een bakbeest’

OSDORP - Als kleuter wist ze het al: later word ik juf. En daar bleef ze bij. Deze maand zit Wilma Veldman veertig jaar in het vak. Op school was het feest. Met de Westerpost blikt de schooldirecteur van basisschool De Odyssee terug op vier decennia onderwijs. En uiteraard op het feest.
Je wens is uitgekomen.
“Ik wilde op mijn vierde kleuterjuf worden, omdat ik mijn juf zo aardig vond. En zo is het in een notendop ook gegaan. Ik was er zo zeker van. Niks leukers dan juf zijn. Zelfs op de middelbare school ging ik elke vrijdagmiddag op mijn oude school mijn juf helpen. Waar anderen hun lagereschooltijd op een gegeven moment achter zich laten, heb ik nog jaren geholpen met voorlezen en spelen.”
Dus: studeren en voor de klas!
“Het waren de jaren tachtig. Toen ik klaar was met mijn opleiding, was er amper werk. De eerste drie jaar was ik invalkracht en had ik ernaast een baan bij de bank. En elke keer als ik weer een andere klas had, maar hopen dat ik kon blijven.”
Heb je nog gedacht iets anders te gaan doen?
“Nee, dit was echt mijn roeping. In een moeilijke tijd, niet alleen voor het onderwijs. Tijdens het speelkwartier op de Bentinckschool in de Staatsliedenbuurt veegden we voordat de kinderen buiten gingen spelen de spuiten van de heroïnejunks in de goot.”
Wanneer kreeg je je eigen klas?
“Uiteindelijk op die school, waar ik van kleuters tot en met groep 8 heb lesgegeven. Na zeven jaar ging ik naar de Willem van Boeijenschool, wat leuk was omdat ik in die buurt, de Hoofddorppleinbuurt, ben opgegroeid. Met de tijd kreeg ik meer interesse in het nadenken hoe we de dingen nog mooier en beter kunnen maken. Ik werd na 25 jaar voor de klas adjunct-directeur.”
Hoe ben je hier terechtgekomen?
“Op een gegeven moment dacht ik als ik naar de schooldirecteur keek: ik denk dat ik het ook kan. Op De Odyssee, ook een school van AMOS, was een vacature voor schoolleider. In 2009 een jonge, groeiende school in tijdelijke huisvesting – nieuwbouw kwam twee jaar later – en waar ontwikkelingsgericht onderwijs werd gegeven. Vernieuwend, weg van het traditionele lesgegeven, dat sprak me ook aan.”
Daar zit je inmiddels 17 jaar.
“Er is veel veranderd in die tijd, in mijn hele onderwijstijd. Vroeger had je meer ruimte als leerkracht en minder administratie. Aan de andere kant was er ook geen aanbod voor leerlingen die iets extra’s nodig hadden. Iedereen kreeg dezelfde lessen. Dan ging ik op woensdagmiddag maar zelf extra werk kopiëren. De laatste jaren merk je heel erg dat de maatschappelijke veranderingen de school binnenkomen. De cultuur van ikke, ikke. Ouders die betwijfelen wat je zegt over hun kind. Ook krijgen jonge leerkrachten tegenwoordig minder tijd het vak te leren; ze moeten het meteen kunnen. Terwijl we juist zo zuinig moeten zijn op deze mensen en ze goed moeten begeleiden om zo te landen in het vak. Maar weer aan de andere kant: tegenwoordig kun je gecoacht worden. Coaching, daar hadden we veertig jaar geleden nog nooit van gehoord als leraar.”
Ik denk bij verandering ook aan de computer.
“Oh ja! Dat was enorm bijzonder, de eerste computer op school. Een bakbeest, een joekel, van IBM. Eentje op 96 leerlingen. Geen idee meer wat we ermee deden. Ik leerde tijdens een training hoe je een screensaver installeert. Op een gegeven moment kwam er een computer in het klaslokaal. Daar mochten ze om de beurt tien minuten achter zitten voor reken- of taaloefeningen. En ja, nu hebben ze met de smartphone de wereld in hun broekzak. Ze krijgen dat ding veel te jong. Lezen is belangrijk! De wereld om je heen leren begrijpen.”
Hoe was je feest?
“Ik was zo verrast! Donderdagochtend haalde een collega me op. Ik moest alle plannen voor die dag afzeggen, kreeg een button met 40 opgespeld en werd het schoolplein opgereden. Vanaf de Osdorperweg, dus ik zag niemand staan. Ik liep naar de andere kant en opeens zag ik ze: 460 kinderen, mijn collega’s en een draaiorgel met heerlijke Amsterdamse muziek. Het raakte me enorm. De kinderen hadden van alles voor me: een gedicht, een ABC’tje, een dansje, een lied. Na een lange, leuke dag, met nog een borrel en een etentje, kwam ik thuis met tien bossen bloemen en een enorm goed gevoel.”
En dan weer gewoon aan het werk.
“Gelukkig ben ik op vrijdag vrij. Maandag was het weer als normaal. Ik blijf hier nog wel even, op deze school bij dit schoolbestuur. De Odyssee heeft echt goed onderwijs. We willen hier met z’n allen zoveel mogelijk uit de kinderen halen en ze klaarmaken voor de volgende stap in hun leven.”
En wat is jouw volgende stap?
“Ik zou nog wel eens meestercoupeur willen worden. Maar ik denk niet dat ik dat nog ga doen. Ik heb echt het juiste beroep gekozen. Ik zei het nog op het feest: als ik het over zou doen, zou ik er zo weer voor kiezen.”





Meer nieuws uit Amsterdam Nieuw-West?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie