Zeeredder Jacob Been: een der grootste ridders van de Nederlandse kust

Door: Marinus Vermooten
DEN HELDER - Jacob Been, een der grootste ridders van de Nederlandse kust, stierf op 21 april 1937 in een woning aan de Artilleriestraat, waar hij op 12 mei 1846 het levenslicht aanschouwde. Met hem ging een mens van groot formaat heen die honderden schipbreukelingen uit de kokende golven haalde.
Met Dorus Rijkers en Janus Kuiper vormde hij een heldentrio, waarover nog door slechts enkele hoogbejaarde jutters wordt gesproken. Hij was geen persoon die zijn daden aan de grote klok hing of zoals hij het in de ‘kraaietaal’ uitdrukte, "Van hunne drokte heb ik tabak". Het overlijdensbericht verspreidde zich als een lopend vuurtje door de ouwe Helder, want hoewel hij al sedert verscheidene jaren niet op straat was gesignaleerd, bleef de jutter in deze buurt van patriarchen en zeeridders een geziene persoonlijkheid.
Decorum
Jacob (of Jaap) Been was een decorum van het oude Nieuwediep, iemand met een stoer lichaam en wollig gepluisd kinbaardje. Vierhonderd mensen uit de golven gehaald! Een getal van eerbiedwaardige grootte. Enkele van deze reddingen staan geboekstaafd in de analen der geschiedenis en laten we beknopt de revue passeren.
Roemloos ten onder
In november 1873 haalde Jaap bij paal 2 van het in nood verkerende Duitse stoomschip Koning Wilhelm I twintig opvarenden van boord. In januari 1874 betrof dat de Equipage van de Zweedse brik ‘Sven’, in februari 1876 waren het twaalf man uit de zinkende Joannis en op 23 november 1877 zeventien man van de Engelse stoomboot Strathmore. Op 17 augustus 1881 verzeilde de Russische bark Torsten op de Noorderhaaks en ging daarna roemloos ten onder. De bemanning van de reddingboot, bestaande uit C. de Roover, V. de Wal, Jaap Been, C. Bethlehem, D. Rijkers, D. Kuiper, H. v.d. Broek, W. Bakker (Gorsel), H. Bennink, G. Huisman, J. Koningstein en C. Pronk waren op tijd ter plaatse om de schepelingen in veiligheid te brengen.
Spectaculair
Op 10 november 1895 strandde nabij de Groote Keeten het Britse fregatschip Lady Rithven. Bij deze hulpverlening werden 32 mensen gered. Spectaculair was ook de redding van het stoomschip Harrow. Deze Engelsman verging bij de Zuidergronden. Schipper Been toog met zestien man in de vIet en vertrok in de helse stormnacht, dwars door de branding die haast niet door te komen was. Ondanks het barre noodweer kende de schipper geen terug, bereikte het in problemen geraakte vaartuig en haalde negentien mensen van boord. Twee schepelingen werden overgenomen door de reddingboot waarin Dorus Rijkers aan het roer stond. Jaap Been verrichtte het grootste deel van zijn werk met een eigen vIet.
Blauwe Trui
Wel was hij al eerder met de Huisduiner schipper Klaas Duit erop uit geweest, maar dat waren uitzonderingen. De redder stond vaak op de dijk in een blauwe trui (zoals de meeste zeelui), terwijl de Marsdiepbries met zijn blonde ringbaardje stoeide te turen, uren lang. Er waren slechts enkele ogenblikken nodig om de vIet te bemannen. Zo ging het de loeiende noordwester in, pal met de kop in de brekers een hachelijk spel van leven en dood. Het waren kerels die geen vrees kenden, niet maalden of achter iedere grondzee de dood op de loer lag. Zij kenden slechts een doel: de mensen die daar aan het worstelen waren met de golven op een ondergaand schip veilig aan wal brengen.
Zes zonen
Rijkdom heeft het redden van schipbreukelingen niet gebracht. Op hoge leeftijd moest Jacob rondkomen van negen gulden per week die het Nationaal Zeemansfonds en het Broederschap in de Orde van de Nederlandse Leeuw gaven. Voorts was er een geringe financiële tegemoetkoming van het Dorus Rijkersfonds. Schipper Been liet zes zonen na die allen opgroeiden tot zwaar gebouwde kerels, met heldere ogen in de stoere koppen. Zij vertelden ooit over hun vader die als twaalfjarige knaap naar zee ging en hele dagen weg bleef, hoe hij altijd als eerste klaarstond bij de vIet op de keien van de Nieuwediepse zeedijk, over het zwoegen om voor het gezin te zorgen. Soms als visser, dan weer als losser van kolenschuiten en een andere keer als zeeredder, maar altijd op en nabij het water. (Marinus Vermooten, 1982)






Meer nieuws uit Den Helder?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie