Na een hartstilstand ontdekt Haarlemmer Cor Anderiesen de zin van zijn leven: ‘Niet meer de zakenman, maar mezelf’

HAARLEM - Hij verblijft momenteel in het hospice in Beverwijk en heeft het er erg naar zijn zin. Cor Anderiesen wordt er verwend. “Alles wat je vraagt, krijg je”, zegt hij. Maar hij geniet vooral van de mooie gesprekken met huisgenoten. “Die mensen staan voor de hemelpoort. Er is geen tijd voor onzin. De gesprekken gaan over alles, vooral over het leven.” De sfeer is er niet somber, zegt hij: “Er heerst zelfs veel vrolijkheid.”
Door Weert Schenk
In tegenstelling tot zijn huisgenoten verkeert Anderiesen niet in de laatste levensfase. Er zijn tenminste geen signalen dat hij binnenkort zal overlijden. Niet dat die er eerst moeten zijn. Het leven had hem al eens onverwachts enige tijd verlaten, toen hij een hartstilstand kreeg en pas na een kwartier de reanimatie begon.
Vanwege de beperkingen die hij sindsdien heeft, kan hij niet zonder zorghulp. Zijn vrouw, die zijn mantelzorger is, heeft een nieuwe heup gekregen en moet revalideren. Tot zij is hersteld, logeert Anderiesen in het hospice.
Hersenletsel
Anderiesen, 55 jaar, is een gemoedelijke man met een vriendelijk uitstraling. Door het opgelopen hersenletsel praat hij moeilijk en heeft hij tijd nodig om informatie te verwerken. Daarnaast is de motoriek niet goed meer, waardoor hij gemakkelijk valt. Zonder rollator kan hij dan ook niet lopen. Een slechte dag heeft hij echter nooit, zegt hij: “ik weet er elke dag wel iets moois van te maken.”
Zijn leven ziet er wel heel anders uit dan de tijd voor hij, zoals hij dat noemt “het ongeluk” kreeg. Anderiesen was 39 jaar, gezond en in de bloei van zijn leven. Als wijninkoper reisde hij de hele wereld over en verdiende een goed belegde boterham.
Hij was de man die Nederland aan de prosecco bracht. Op een gegeven moment kochten alle supermarkten deze mousserende wijn uit Italië via het bedrijf waar hij werkte. Het begon met honderdduizend flessen en hij maakte mee dat vier miljoen flessen werd afgenomen.
Bourgondisch bestaan
Thuis leefde hij niet luxueus- ‘mijn vrouw is spaarzaam’ - maar in het zakenleven was zijn bestaan bourgondisch. De onderhandelingen vonden meestal plaats in restaurants, waar op hoog niveau wordt gekookt en obers dure wijnen in de glazen schenken: “ik was een verwende zakenman.”
Zijn werk hield ook in dat hij veel wijnbeurzen bezocht. Dan was hij een week aangeschoten. “Als professioneel drinker spuug je de wijn na het proeven uit” zegt hij “toch blijft er altijd in je mond iets achter. Na honderd glazen merk je dat echt wel. En dan ‘s avonds bij het eten drink je ook nog wel eens een glas. Niet dat ik een alcoholist was. Na zo’n beurs kon ik gemakkelijk van de alcohol afblijven.”
Koorts
In de maanden voor ‘het ongeluk’ voelde hij zich in goede conditie. Naast zijn werk legde Anderiesen zonder veel moeite de 16 kilometer van de Dam tot Damloop af en voltooide hij een survivaltocht in de Ardennen. Maar vlak voor een reis naar Italie in december 2009 kreeg hij koorts. “Mijn vrouw raadde me aan thuis te blijven. ik was te trots om af te zeggen. In Italië viel ik flauw, dat was vreemd, maar verder niet zo erg.”
Van wat er de volgende dag en de weken erna gebeurde, zegt hij zich niets te herinneren. Hij zakte in elkaar toen hij met twee collega’s en een wijnboer stond te praten. De ambulance werd gebeld, maar niemand begon alvast te reanimeren: “ze stonden als aan de grond genageld.” De ambulancebroeders brachten het hart na acht electrische schokken van de AED weer op gang.
Anderiesen lag in Italië twee weken in coma en de verwachting was dat, als hij al zou ontwaken, niet meer dan een kasplantje zou zijn. Hij kwam bij, maar kon niet praten. Alleen zijn hoofd kon hij wat bewegen. Hij werd overgebracht naar het Spaarne Gasthuis en na een maand op de intensive care, werd hij in de toestand als van een baby verhuisd naar revalidatiecentrum Heliomare in Wijk aan Zee.
Het verbaasde vriend en vijand dat het daar stukje bij beetje beter met hem ging. Inmiddels fietst hij op zijn electrisch aangedreven driewieler zelfstandig naar zijn afspraken. “Ik stelde mezelf steeds doelen, ook al leken die onhaalbaar”, zegt Anderiesen “als ik het doel niet haalde, liet ik me niet ontmoedigen. Voor het ongeluk was ik al positief en zag ik altijd wel kansen. Dat is daarna niet veranderd. Vrienden zeggen dat die karaktertrek zelfs meer op de voorgrond is gekomen.”
Gastheer
Lange tijd dacht Anderiesen weer te kunnen terugkeren in het zakenleven. Dat bleek te hoog gegrepen. Het werk in de sociale werkplaats van Paswerk was al te zwaar. In 2012, twee jaar na de hartstilstand, ging hij aan de slag als vrijwillige gastheer bij de organisatie Stem in de Stad. Sinds acht jaar is hij in het Open Koffiehuis in Schalkwijk ook gastheer. Anderiesen zit aan de stamtafel en al dan niet vaste bezoekers komen bij hem zitten. Het zijn in veel gevallen dakloze, verslaafde of eenzame mensen. Dolende ridders, noemt hij ze. Anderiesen zegt naar hun verhalen en zorgen te luisteren zonder te oordelen. “Ik kan hun problemen niet oplossen”, zegt hij ”maar ik wil dat ze zich gehoord en gezien voelen.
Hij leeft nu veel bewuster dan voor het ongeluk. “Als zakenman moest alles snel. Ik was bezig mijn eigen wereld te bouwen. Nu gaat alles veel rustiger, maar ik ervaar het leven intenser. Ik ben niet meer de zakenman, maar mezelf, gewoon Cor. Dat is volgens mij de beste levenshouding.”
Anderiesen is een gelovig man en ervan overtuigd dat dit werk onderdeel is van het plan dat God voor zijn leven heeft. “Vroeger stond ik boven aan de sociale ladder, nu onderaan. Ik ontmoet mensen met wie ik anders nooit in aanraking was gekomen. Ik sta tussen hen in en probeer raakvlakken te vinden. Ik laat ze in hun waarde en roddel niet. Het zijn mooie mensen, heel wijs vaak. Ik leer veel van hen.”
God leidt hem, zegt hij. “Hij helpt me en zorgt voor me. Daarom kan ik mijn beperkingen accepteren. Zoals ik nu ben, kan ik meer betekenen voor mensen. Ik denk dat ik op aarde ben om andere mensen te helpen. Dát is de zin van mijn leven.”
Portretten
Nergens in Haarlem heeft een etablissement zo’n verscheidenheid aan medewerkers en clientèle als het Open koffieHuis in Schalkwijk. Hier raken mensen met heel verschillende achtergronden met elkaar aan de praat, terwijl ze elkaar op straat straal voorbij zouden lopen. Het aanloopcentrum van een andere Haarlemse organisatie, Stem in de Stad, is vooral bedoeld voor kwetsbare mensen. Haarlems Nieuwsblad portretteert frequent medewerkers en bezoekers van deze bijzondere ontmoetingsplaatsen.
Dit bericht is ook gedeeld via ons WhatsApp-kanaal van Haarlem. Ook razendsnel het laatste nieuws in je app? Volg het Rodi-kanaal nu (anoniem) via deze link.






Meer nieuws uit Haarlem?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie