LHBTIQ+’ers in Kennemerland passen veelvuldig gedrag aan om confrontaties te voorkomen

HAARLEM - Het aantal LHBTIQ+-personen in Kennemerland dat te maken krijgt met discriminatie en vijandigheid blijft onverminderd hoog. Vier op de tien respondenten werden het afgelopen jaar de dupe van één of meer discriminatie-incidenten.
Dat blijkt uit het tweejaarlijkse onderzoek Pink Panel 2026 van Discriminatie.nl Kennemerland onder 483 respondenten. Hoewel dit cijfer en het aantal geweldsincidenten vergelijkbaar zijn met 2024, schuilt hierachter een zorgwekkende trend: LHBTIQ+’ers zijn terughoudender geworden over hun identiteit.
Het onderzoek laat grote verschillen zien in de ervaringen tussen verschillende LHBTIQ+-groepen. Zo rapporteert ruim de helft van de non-binaire personen (58%) en trans personen (55%) minstens één incident in het afgelopen jaar, tegenover 35% van de homoseksuele cis-mannen en 25% van de lesbische cis-vrouwen. Gemiddeld over de hele LHBTIQ+-doelgroep gaat het om circa 40%. Personen die visueel of qua genderidentiteit meer als LHBTIQ+ worden herkend en minder gemakkelijk ‘onopgemerkt’ over straat kunnen, krijgen aanzienlijk vaker te maken met discriminatie.
Ongewenst gedrag vooral in de openbare ruimte
De vijandigheid vindt voornamelijk plaats in de openbare ruimte (zoals op straat en in het openbaar vervoer). Het gaat in de overgrote meerderheid om beledigende opmerkingen, schelden en lastigvallen. Fysieke agressie of bedreiging komt minder vaak voor: dat vormt zo’n 1 op de 5 incidenten op straat en 1 op de 6 tijdens het uitgaan. Hoewel er geen toename is ten opzichte van 2024, blijft het totale aantal bedreigingen en geweldincidenten zorgelijk. Op de werkvloer ervaren respondenten een andere vorm van discriminatie; hier gaat het vaker om kwetsende opmerkingen, benadeling of uitsluiting door collega’s.
Voortdurend op hun hoede
Hoewel een meerderheid van de respondenten aangeeft zich in de eigen straat of wijk in de basis veilig te voelen, past een groot deel het gedrag aan. Om confrontaties te voorkomen, scant de doelgroep voortdurend de omgeving. Het aanpassingsgedrag is behoorlijk: op straat past 40% het gedrag aan, op werk 46% en tijdens het uitgaan zelfs 87%. Dat betekent bijvoorbeeld dat mensen minder snel affectie tonen, andere woorden gebruiken voor hun partner of bewuster letten op hoe ze zich kleden en gedragen.
De zichtbaarheid van de gemeenschap neemt daardoor af; het aandeel mensen dat volledig open is over diens identiteit, daalde van 54% in 2024 naar 45% in 2026. Voorafgaand aan of na het uitgaan past zelfs de helft (50%) kleding, make-up of haarstijl aan om de reis veilig te laten verlopen. Een respondent verwoordt dit treffend: “Op straat let ik wel degelijk op en ook bij gelegenheden kijk ik of ik mijn vrouw schat kan noemen. Dat is ingebakken. Ik maak niks vervelends mee omdat ik het zelf voorkom.”
Schijnveiligheid door aanpassingsgedrag
De kernboodschap van het onderzoek is helder: het uitblijven van een stijging in het aantal discriminatie-ervaringen betekent niet dat de acceptatie toeneemt. LHBTIQ+’ers beschermen zichzelf door terughoudender te zijn over hun identiteit en continu hun omgeving te scannen. Discriminatie.nl Kennemerland roept op om niet alleen te kijken naar de geweldcijfers, maar ook het dagelijks ongewenst gedrag en het ingrijpende aanpassingsgedrag serieus te nemen.






Meer nieuws uit Haarlem?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie