Hoedenmuseum Andijk bestaat 25 jaar: ‘Een hoed verandert niet alleen je uiterlijk, maar ook wie je even bent’

Nieuws
Het Hoedenmuseum in Andijk bestaat 23 augustus 25 jaar.
Het Hoedenmuseum in Andijk bestaat 23 augustus 25 jaar. (Foto: Bente Schonewille)
Bente Schonewille

ANDIJK – Een verkleedkist van de kinderen. Meer was er eigenlijk niet nodig om een hobby te laten uitgroeien tot een museum dat inmiddels al een kwart eeuw bezoekers trekt. Op zondag 23 augustus viert Wil Gorter het 25-jarig bestaan van het Hoedenmuseum in Andijk. Een mijlpaal waar ze nooit bewust naartoe werkte. "Ik ben er stap voor stap ingerold. En ineens zijn er 25 jaar voorbij."

Haast achter iedere hoed schuilt een verhaal. Het begon allemaal veel eerder, in 1992. In een verkleedkist van haar kinderen vond Wil een paar oude hoeden terug, daar vond ze het zonde van dat ze verkreukelden. Ze gebruikte ze tijdens optredens en kocht er af en toe eentje bij op een rommelmarkt. Voor verjaardagen en Sinterklaas vroeg ze steevast een hoed cadeau. Zonder groot plan groeide de verzameling langzaam uit. "Ik dacht helemaal niet: ik ga een museum beginnen. Ik vond hoeden gewoon mooi en bijzonder."

Die verzameling kreeg een onverwachte wending in 1998 toen iemand haar vroeg om in een verzorgingshuis iets over haar hoeden te vertellen. Die ene lezing smaakte naar meer. In de jaren daarna reed Wil met haar collectie het hele land door. Van Winschoten tot Landgraaf en van Rotterdam tot kleine dorpen tussendoor verzorgde ze lezingen voor zeer uiteenlopende gezelschappen: basisschoolleerlingen, Rotaryclubs, kloosters en ouderenverenigingen. In haar drukste jaar stonden zelfs 109 momenten op de planning, dat deed Wil tot en met juni 2023. Toen is ze met lezingen op locatie gestopt, nadat ze dat 25 jaar deed.

Optreden

Maar Wil deed veel meer dan alleen vertellen. Ze volgde cursussen vertelkunst, theater, stemgebruik, zang en zelfs clownerie. Alles om haar presentatie levendiger te maken. "Ik wil mensen boeien. Iedere groep is anders."

Dat optreden zit er al van jongs af aan in. Als kind bedacht ze thuis al toneelstukjes en speelde ze na wat ze op televisie zag. Dat gevoel is nooit verdwenen. "Een hoed doet ook iets met iemand. Zet een andere hoed op en je bent meteen een ander persoon."

Het museum

In 2001 opende ze vervolgens het Hoedenmuseum. Eerst bestond het museum uit de garage en een stuk van de bijkeuken. Door de jaren heen groeide het steeds verder uit tot de uitgebreide collectie van nu, met honderden hoeden, petten, helmen, mutsen en accessoires uit alle windstreken. Van streekdracht tot sport, van religieuze hoofddeksels tot militaire helmen en van feesthoeden tot modecreaties.

De collectie bleef groeien dankzij schenkingen van bezoekers en verzamelaars. Achter veel objecten schuilt bovendien een persoonlijk verhaal. Zo kreeg Wil verzamelingen van voormalige hoedenwinkels en verzamelaars die wilden dat hun levenswerk een goede bestemming kreeg.

Piet Paulusma

Haar collectie breidde zich ook uit door de cadeaus van verschillende mensen. Zo gaf weerman Piet Paulusma ooit een hoedje/vissershoedje aan Wil.

Tijdens een nieuwjaarsreceptie van de Andijker Ondernemersvereniging vroeg Wil hem gekscherend of hij een van zijn beroemde ‘Oant moarn’-hoedjes voor haar had. Paulusma beloofde eraan te denken. Wil ging ervan uit dat hij dat allang vergeten was, maar bijna een jaar later belde hij onverwacht op. Maar op dat moment gaf Wil aan dat het echt niet uitkwam. Later belde hij nog eens en toen kon het wel. Nu heeft ze er een met handtekening.

Nieuwsgierig

Zelf blijft ze ondertussen nieuwsgierig. Tijdens vakanties zoekt ze steevast hoedenmusea, tentoonstellingen en hoedenmakers op. Ze bezoekt musea in onder meer Portugal, Zweden, Duitsland en Engeland en rijdt soms honderden kilometers om een bijzondere collectie te bekijken. Ook volgt ze nog altijd af en toe lessen bij professionele hoedenmakers. Niet om zelf een winkel te beginnen, maar om de techniek achter de hoed beter te begrijpen.

"Als je weet hoe een hoed gemaakt is, kijk je er ook heel anders naar."

Juist dat enthousiasme maakt een bezoek aan het museum anders dan veel bezoekers verwachten. Wie binnenkomt, ziet niet alleen vitrines met voorwerpen. Bezoekers mogen veel hoeden zelf passen, horen de verhalen erachter en ontdekken waarom mensen vroeger aan iemands hoofddeksel direct konden zien welk beroep iemand had of uit welk land hij kwam, enzovoort.

Kinderen

Dat persoonlijke contact levert regelmatig bijzondere momenten op. Kinderen verrassen Wil vaak met originele antwoorden op haar vragen. Zo dacht een jongen dat de kurken aan een Australische hoed bedoeld waren ‘zodat je blijft drijven’, terwijl deze eraan zitten tegen insecten. “Ik vertelde dat als je een zwarte bolhoed op had, dat dan het paard en wagen van een ander was en met een grijze het paard en wagen van jezelf.” Een kind vroeg zich serieus af welke kleur hoed je moest dragen als de wagen van jezelf was, maar het paard van iemand anders. "Kinderen kijken heel anders. Dat vind ik prachtig."

Wens

Wil laat zich niet leiden door vele wensen, maar er staat wel één ding nog op haar lijstje. Ze wil ooit nog een modeshow organiseren. Niet alleen met hoeden, maar ook de tientallen jurken, jassen, tassen en accessoires die ze in de loop der jaren verzamelde, wil ze laten schitteren. “Het lijkt mij leuk om bij de verschillende modellen te kijken wat het beste zou passen en daar de outfits met hoeden op af te stemmen.”

Viering

Het 25-jarig jubileum viert Wil op de jubileumdag met familie, vrienden, buren en mensen die haar helpen.

Meer nieuws uit Medemblik?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: