Op de pijp met... Annette de Wilde

Iedereen kan zingen? “Technisch wel. Welluidend misschien niet iedereen”, is de ervaring van zanglerares Annette de Wilde (www.zangschoolannette.nl). Maar zangles kan helpen, en niet alleen om beter te zingen. Annette is single, heeft twee kinderen en woont in Ter Heijde.
Tekst: Esdor van Elten / Foto’s: Ton van Zeijl
Waar kom je vandaan?
Ik ben geboren en getogen in Monster, samen met mijn oudere zus. Mijn vader had een transportbedrijf. Zelf droomde ik ervan om later op een boerderij te wonen. Met honden. De boerderij is er nog niet gekomen. De honden wel.. En ik woon inmiddels alweer 20 jaar heel gelukkig in Ter Heijde.
Wat heb jij met honden?
Ik heb altijd al een hond gewild, maar mocht er geen een van mijn ouders. Toen ik op mezelf ging wonen kwam er meteen een in huis. Door de jaren heen heb ik verschillende honden gehad. Ik vind ze gewoon leuk. Er is altijd iemand die je blij begroet als je thuiskomt. Je moet geregeld de deur uit, want ze moeten uit. Ik ben een ochtendmens en kom ‘s ochtends vroeg graag op het strand. Dat is een beetje mijn kroeg. Ik ken iedereen die ik tegenkom. De laatste tien, vijftien jaar heb ik altijd honden geadopteerd uit het buitenland. Wat de zangles betreft: In coronatijd was zingen een ding. Daardoor kon ik veel minder lesgeven en had ik dus veel minder inkomen. Ik ben toen een hondenuitlaatservice ernaast begonnen. Dat doe ik nog steeds maar in mindere mate omdat het fysiek veel vergt en ik nu weer volop bezig kan zijn met mijn zangschool.
![]()
Dus geen transportcarrière voor jou…
Nee. Ik wilde altijd iets met muziek. Als kind luisterde ik al veel muziek. Met mijn beste vriendin zong ik tweestemmig op weg naar school. Maar hoe kon je daar nou je beroep van maken? Na de Willemsschool en het Zandevelt College vond mijn moeder dat ik maar Schoevers moest doen. ‘Want dan vind je altijd een baan’. Ze had gelijk. Toen ik van de opleiding kwam ben ik eerst zeven maanden au pair geweest in Israël. Dat was heel leerzaam. Ik was in die tijd nog wel een beetje verwend. Ik kon nog geen aardappel koken. Maar je wordt snel volwassen daar en je leert om zelfredzaam te zijn. Terug in Nederland ging ik samenwonen en daarna trouwen, kreeg kinderen en heb ik bij verschillende bedrijven gewerkt.
Wanneer kwam de muziek weer bovendrijven?
Na mijn scheiding wilde ik graag met iets nieuws beginnen. Ik deed auditie bij het conservatorium in Rotterdam en ik werd aangenomen! Zang als hoofdvak, piano als bijvak, maar logistiek was het allemaal moeilijk: met twee kinderen weer een leven opbouwen was al druk genoeg dus ik heb het uiteindelijk niet af kunnen maken.
Dus ook geen zangcarrière…
Dat was ook niet mijn eerste doel hoor. Overigens stond ik in het verleden al vaak genoeg op een podium. Ik zong in allerlei bands. Bruiloften, feesten. Dat was een tijdlang leuk, maar het was toch niet vol te houden. Om vier uur ‘s nachts thuiskomen van een optreden, en dan gewoon om 7.00 uur weer wakker…
Hoe ben je zanglerares geworden?
Ik was dat eigenlijk niet van plan, maar ik werd gevraagd. Laat ik het dan maar eens proberen, dacht ik. Ik ben in 2001 voorzichtig begonnen naast mijn werk als secretaresse, zonder reclame, zonder website. Ik had zelfs geen visitekaartjes. Maar binnen no-time zat ik vol en had ik zelfs een wachtlijst. In 2008 heb ik het toen officieel gemaakt door me bij de Kamer van Koophandel in te schrijven als zangschool.
Waar komt die populariteit vandaan?
Ik denk dat zingen populairder is geworden door alle talentenshows op televisie. Ik heb ook wel eens een zangleerling begeleid bij The Voice Kids en zo een kijkje achter de schermen gekregen. Zo’n traject duurt veel langer dan je denkt trouwens. Je staat echt niet zomaar op dat podium. Je moet geduld hebben. Het is een vak. Maar áls je daar dan staat, dan moet je ook wel een beetje je ziel verkopen hoor.
Vroeger kon je via z’n show echt een carrière maken. Tegenwoordig is dat veel minder makkelijk
Echt alles wórdt voor je bepaald. Los van de schandalen die later boven tafel kwamen. Je moet je afvragen wat je ermee wilt bereiken. Vroeger kon je via z’n show echt een carrière maken. Tegenwoordig is dat veel minder makkelijk. Vaak is het succes niet blijvend. Maar het goede van die shows is dat ze zingen weer op de kaart hebben gezet. Vroeger had het een oubollig imago, maar dat is nu echt heel anders. Toen ik begon waren het vooral ook vrouwen die zangles namen, maar tegenwoordig is het fifty-fifty.
![]()
En iedereen kan zingen?
(aarzelend) In principe, ja. Technisch in ieder geval. Welluidend zingen, dat is dan weer een ander verhaal. Dat betekent dan niet dat het niet leuk is om te doen. En wat is goed zingen? Ik heb leerlingen gehad die fantastisch konden zingen, maar heel onzeker waren. Ik ben soms meer bezig met het overtuigen dat mensen het kunnen, dan het ze aanleren.
Waar komt die onzekerheid vandaan?
Zingen is spannend. Het is een beetje of je in je nakie staat. Je bent kwetsbaar. Je laat mensen iets van jezelf zien. Zang is iets waar ook emotie bij komt kijken. Als je het goed doet tenminste. Ik kende iemand die een lied prima zong, maar toch miste ik iets. Ik vroeg hem er meer gevoel in te leggen. Hij zong het nog eens en ineens stond het kippenvel op m’n armen. Na het lied legde hij uit dat hij aan zijn overleden vader dacht op dat moment. Zo verschillend kan het dus zijn. Je gedachten werken door in je stem. Het is subtiel. Andersom kan ook, dat je iets soms voelt maar het niet kunt overbrengen. Als je gevoel is geblokkeerd.
Dat klinkt psychologisch…
Mijn werk heeft daar heel veel mee te maken. Ik heb niet alleen leerlingen die willen zingen, ik krijg ook mensen doorverwezen met burn-out. Ik heb leerlingen met een stemblokkade. Dan moet je eerst een blik oud zeer opentrekken voor je met zingen kunt beginnen. Het psychische blokkeert soms letterlijk het fysieke. Ik ben natuurlijk geen psycholoog, dus ik ben voorzichtig, maar ik heb wel een coachingcursus gedaan om hier beter mee om te kunnen gaan.
Zangles heeft meer aspecten dus…
Zeker. Het gaat niet alleen om zingen, maar ook om stemgebruik. Leren (jezelf) presenteren, durven staan voor een groep… En om je grenzen leren kennen.
Grenzen?
Iedereen kan zingen, maar niet iedereen kan alles zingen. Er zijn nu eenmaal genres of liedjes die niet bij iemands stem passen. Ik ben sopraan. Als ik probeer een liedje van Marco Borsato te zingen, dan klinkt dat nergens naar. Techniek of niet. Want het past gewoon niet bij mijn stem. Toen ik nog in een coverband zat was dat wel eens lastig.
Maak je ook zelf liedjes?
Nee. Ik schrijf zelf geen muziek. Waarom zou ik? Er is al zoveel!
Heb je nog plek?
Zeker. Het is altijd een beetje komen en gaan. Sommige leerlingen volgen tien lessen en verdwijnen dan weer. Die hebben dan gevonden wat ze nodig hadden. Anderen blijven jarenlang, omdat ze ambitie hebben om hiermee wat te bereiken of omdat ze het gewoon leuk vinden. Ik heb ook leerlingen die vooral komen om hun hoofd leeg te maken. Die gaan helemaal ontspannen weer de deur uit. Ach, de één gaat boksen, de ander zingen. Leuk toch?
Wil jij ook Op de Pijp of ken je iemand met een mooi verhaal? Mail dan naar redactie.hhw@uitgeverijwestmedia.nl.






Meer nieuws uit Westland?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie