Op de pijp met... Bart Hamelink

Algemeen
'Mijn hoofd zit vol met van alles, en ik verwerk alles wat er gebeurt in mijn tekeningen.'
'Mijn hoofd zit vol met van alles, en ik verwerk alles wat er gebeurt in mijn tekeningen.' (Foto: Ton van Zeijl)

Even pauze. Even op de pijp. Bakkie doen, praatje maken. Met en over bijzondere Westlanders. Westlanders met een verhaal. Over Westlandse waarden, en over heden, verleden en toekomst. Deze keer praten we met: Bart Hamelink. 

Tekst: Esdor van Elten / Foto’s: Ton van Zeijl

Het atelier van Bart Hamelink (47) in Kwintsheul is al net zo vol en kleurrijk als zijn hoofd. Zijn kunst is een afspiegeling van wat hij denkt en meemaakt. “Ik zou gek worden als ik dit niet meer kan doen.” Bart woont samen met zijn vriendin Saskia en heeft drie kinderen; Mats, Demi en Robin, die helaas drie jaar geleden overleed.

Waar kom je vandaan? 
Ik ben geboren in Zoetermeer als oudste in een gezin met vijf kinderen. Streng hervormd, wat nogal een stempel drukte op mijn vroege jeugd. In de pubertijd sprong ik mede daarom uit de band. Ik maakte mijn school niet af, kreeg verkeerde vrienden en nam ook niet altijd de juiste beslissingen.

Speelt het geloof nog in jouw leven? 
Ik heb niet meer zoveel met de God van de Bijbel. Maar ik ben wel spiritueel. Zo geloof ik zeker dat mijn meisje dat drie jaar geleden overleed, nog ergens is.

Dat is verdrietig. Wat is er gebeurd? 
Ze kreeg hersenvliesontsteking. Het bizarre is dat ik dat op 12-jarige leeftijd ook gehad heb, Ik kwam er wel doorheen. Maar het is geen erfelijke ziekte. Het is stom toeval. Haar overlijden heeft wel invloed gehad, want het was voor mij een stimulans om een aantal zaken in mijn leven aan te pakken. De verleiding is dan groot om te vluchten en jezelf te verdoven, maar dat verdriet, dat was liefde. En dat wil je voelen. Inmiddels ben ik op de goede weg. Als ik zie wat ik heb opgebouwd de laatste jaren ben ik heel blij.

Hoe kwam je in Westland terecht? 
Toen ik van school ging heb ik eerst een paar baantjes hier en daar gehad, voor ik terecht kwam bij een plantenkweker in Pijnacker. Daar heb ik 12 jaar gewerkt. Vervolgens heb ik een paar jaar in de bouw gezeten en bij een bedrijf in Bleiswijk. Tegenwoordig werk ik in De Lier, ook in de potplanten, waar ik onder andere verkoop en transportplanning doe. Zes jaar geleden moest ik weg uit Delft, waar ik toen woonde en via een vriend, die ook een collega is, kon ik toen dit huis in Kwintsheul kopen. Daar was ik blij mee, want de zes maanden daarvoor woonde ik letterlijk in een loods. Sinds kort heb ik ook de onderverdieping erbij gehuurd. Dat is nu mijn atelier.

Een ‘springerige’ carrière. Ben je zo wispelturig? 
Wispelturig niet, maar wel impulsief. Als ik iets in mijn hoofd heb dan moet dat er meteen uit. Dat geldt ook voor mijn schilderijen en met name tekeningen: mijn hoofd zit vol met van alles, en ik verwerk alles wat er gebeurt in mijn tekeningen. Dat werkt op een of andere manier ook helend.

Wanneer ben je met tekenen en schilderen begonnen? 
Volgens mijn moeder tekende ik vroeger al altijd op kladjes papier. Het is een tijd weg geweest, maar op een gegeven moment zei iemand: ‘daar moet je iets mee doen.’ Ik ben vervolgens twaalf jaar lang naar de Vrije Academie in Delft gegaan. Dat was vooral schilderen. Tekenen heb ik pas echt weer opgepakt na het overlijden van Robin.

Wat is het verschil? 
Schilderen is toch vooral naschilderen. Foto’s, plaatjes. Met tekenen kan ik echt vrij uiten wat er in mijn hoofd zit. Gekke figuurtjes, met hun eigen verhaal. Leuk om te maken.


Bevat dat verhaal ook een boodschap? 
Dat mensen het leven ook met een vrolijke noot zien en niet alles zo serieus nemen.

Je hebt wel een bepaalde stijl. Hoe noem je die? 
Tja, wat is het? Puppet art? Cartoon art? Illustratieve kunst? Ik kan er niet echt iets op plakken.

Het heeft wel iets weg van Herman Brood… 
Dat is dan ook één van mijn grote inspiratiebronnen. Om zijn kleurgebruik, de losheid waarmee hij schilderde, en ook wel vanwege de manier waarop hij in het leven stond, al had ook hij natuurlijk zijn fouten. Kunstenaar Rik van Iersel inspireert mij ook: Door hem ben ik echt meer gaan durven met tekenen. Ook met mijn figuren. Dat vind ik geweldig van zijn werk. Die losse manier van werken. Het los durven laten. Een andere kunstenaar die ik erg bewonder is Banksy. Het is toch geweldig dat we nog steeds niet echt weten wie hij is. Maar ook zijn werk vind ik bijzonder. Hij is eigenlijk de eerste echt bekende sjabloonartiest.

Dat doe jij ook? 
Ja. Ik werk dan van foto’s die ik grafisch bewerk. Daar komt dan een mal uit voort waarmee ik dan kan gaan werken. Ik maak veel werk met en voor bekenden van mij. Kennissen en vrienden. En daar verwerk ik dan weer dingen in die typisch zijn voor die persoon. Letters, woorden, cijfers… sowieso werk ik veel met tekst in mijn werk.

Banksy maakt ook echte straatkunst… 
Ja. Dat is iets waar ik ook erg van hou, het straatleven. Niet zozeer het trieste straatleven, maar de levendigheid van dingen die daar gebeuren. Dat is eigenlijk een eigen soort kunst. Humor ligt op straat, letterlijk. Ik hou van de kwajongens die op straat spelen en af en toe iets uithalen. Dat zie je steeds minder en dat mis ik wel. Kwintsheul is natuurlijk een stuk rustiger dan de grote stad. Anderzijds vind ik het zelf heerlijk hier, ook voor de kinderen. Mats voetbalt bij Quintus en daar geniet ik enorm van.

Verkoop je ook werk? 
Heel geregeld zelfs. Vooral sinds ik dat op veilingsites doe, heeft dat echt een vlucht genomen. Bieden gaat vanaf één euro, maar een tekening kan zomaar meer dan honderd euro opleveren. Vaak ook wel minder hoor. Het is niet te sturen. Dat moet ik ook niet proberen. Als ik te commercieel ga denken, dan wordt mijn werk juist minder en dan verkoop ik dus ook minder.. Ik moet echt de authenticiteit bewaken.


Ik zie allerlei aparte dingen in je atelier; een rugbybal, een bokshandschoen, een motor… 
Ik omring me graag met persoonlijke dingen. Ik doe aan boksen. Vind ik heerlijk. Die rugbybal, daar gooien Saskia, Mats en ik vaak mee over. En die motor staat hier ook niet voor de show. Ook die betekent iets voor me. Zo is het tussen Saskia en mij begonnen: ik kende haar van een oude vriendengroep en benaderde haar via Facebook voor een ritje op de motor.

Wat wil je nog ontwikkelen of bereiken?
Ik ga beginnen met het geven van Workshops. In november is de eerste. Aan de hand van een sjabloon van Herman Brood of Banksy ga je dan je eigen interpretatie, je eigen werkstuk maken. Ik ben ook wel eens gepolst voor kunstlessen op school. Dat lijkt me spannend, maar superleuk. Misschien dat ik zo nog iets meer kan doen met mijn kunst. Ik zou wel wat minder willen werken en meer met kunst bezig zijn. Maar dat moet natuurlijk wel kunnen.

Ik heb het gevoel dat jij voortdurend in beweging bent…
Dat is wel zo. Ik zoek zeker mijn rustmomenten, maar als ik bezig ben, dan gaat het goed in mijn hoofd. En daar hoort tekenen ook bij. Ik zou gek worden als ik dat niet meer kan doen.

Wat drijft jou uiteindelijk? 
(Nadenkend) Robin, denk ik. Zij inspireert me om het goede te blijven dien. En iets moois te maken in de wereld. Het lijkt soms alleen maar shit te zijn. Wie is er nog positief? Maar dan hou ik me vast aan een liedje als ‘What a Wonderful World’ of de woorden van Charlie Chaplin: ‘een dag niet gelachen is een verspilde dag.’

Wil jij ook Op de Pijp of ken je iemand met een mooi verhaal? Mail dan naar redactie.westland@rodi.nl.

Meer nieuws uit Westland?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: