
ASSENDELFT - Wie denkt dat je voor een kijkje in bijzondere monumenten altijd een speciale uitnodiging nodig hebt, had tijdens de Open Monumentendagen op zaterdag 12 en zondag 13 september geluk. In Assendelft gingen verschillende deuren open en kon je plekken bekijken waar je normaal gesproken zomaar aan voorbijloopt. Al ging dat bij de Zuiderschool niet helemaal volgens plan…
Door Katina Gruijs
Open Monumentendag bestond dit jaar precies veertig jaar. Een mooie aanleiding om eens op monumentenjacht te gaan. Maar waar begin je eigenlijk? Er is geen officiële start en ook geen vaste route. Op de website van Open Monumentendag stond een overzicht met de deelnemende monumenten, adressen en openingstijden. Even downloaden, route bepalen en gaan. Althans… dat was het idee.
Een dichte deur als startpunt
De eerste stop was de Zuiderschool aan de Dorpsstraat 116A. Een prachtig oud schoolgebouw uit 1875, dat tot 1920 als school werd gebruikt. Alleen stond er bij aankomst geen rij bezoekers voor de deur. Sterker nog: de deur zat potdicht.
Even de lijst op de telefoon erbij. Oeps. De Zuiderschool was dit weekend pas op zondag te bezoeken. Goed opletten dus, want niet ieder monument was op beide dagen geopend.
Gelukkig bleek een vriendelijke bewoner toch bereid wat over het gebouw te vertellen. En daarmee ging de monumentenjacht alsnog van start.
De neoclassicistische uitstraling van de voormalige school is nog goed zichtbaar. Donkere deuren, stucwerk dat natuursteen lijkt en de bogen rond de ramen, de zogenoemde boogtrommels, geven het gebouw zijn statige uiterlijk. Maar schijn bedriegt: onder het stucwerk zitten gewoon bakstenen. Nederland is tenslotte een echt baksteenland.
Deur op het noorden
Ook de plek van de oorspronkelijke ingang vertelt een verhaal. Die zat aan de zijkant van het gebouw en was bewust op het noorden geplaatst, zodat de zon er maar kort op stond. De school staat bovendien wat verder naar achteren dan de woning ernaast. Daar was vroeger het schoolplein, achter een hek.
Op oude foto’s zijn de kinderen daar keurig opgesteld te zien. Met zo’n honderd leerlingen was het destijds een behoorlijk volle school. De leerkrachten woonden naast de school. Een soort vroegere werkgeversregeling avant la lettre.
Toen de leerplicht werd ingevoerd en steeds meer kinderen daadwerkelijk naar school moesten, bleek de Zuiderschool uiteindelijk te klein.
En streng? Dat straalt het gebouw nog steeds een beetje uit. Op de oude foto’s kijken de kinderen en volwassenen opvallend serieus de camera in. Kleding strak in de plooi, gezichten strak en weinig ruimte voor een spontane glimlach. Het gebouw paste blijkbaar uitstekend bij de tijd.
De klok
De volgende stop was het Cultuurplein aan de Dorpsstraat 364, de voormalige hervormde kerk van Assendelft. Stichting Cultuurplein werd begin 2025 opgericht met als doel het gezichtsbepalende gebouw als cultuurhistorisch monument te behouden en te beheren.
Tijdens de monumentendagen liepen de bezoekers er de hele zaterdag af en aan. Mooi verspreid, zodat iedereen rustig een rondleiding kon krijgen.
Een van de zes bestuursleden vertelde enthousiast over de plannen. En daarbij kwam natuurlijk ook de klok ter sprake. Want die mag absoluut niet verdwijnen.
Met een knipoog: stel je voor dat Assendelvers straks niet meer kunnen zien hoe laat het is!
Restauraties
De grap is luchtig, maar de plannen zijn serieus. Het monument moet zowel van binnen als van buiten worden gerestaureerd. De afgelopen twee jaar is vooral onderzocht wat er allemaal moet gebeuren. In het najaar staan dakreparaties gepland. Ook is inmiddels een nooduitgang aangebracht, iets wat eerder ontbrak maar uiteraard noodzakelijk is.
Boven bevindt zich een lichte ruimte met een groot orgel tegen de wand. Daar werd kort voor de monumentendagen nog een eerste huwelijk voltrokken. In de zaal passen ongeveer honderd mensen.
Alleen die trap hè… Die maakt het gebouw voor sommige bezoekers lastig bereikbaar. Daarom wordt gehoopt in de toekomst een lift te kunnen realiseren. Ook moet de warmte beter binnengehouden worden. De vloeren moeten nog worden geïsoleerd en het glas in de ramen, dat nu uit drie verschillende soorten bestaat, staat eveneens op de lijst.
Uiteindelijk moet het Cultuurplein een plek worden voor eigen programmering én verhuur. Een werkgroep moet daarbij helpen. Wie wil bijdragen aan het nieuw leven inblazen van het monumentale pand, is welkom. Want één ding is duidelijk: zo’n gebouw laat je liever niet verloren gaan.
Steile klim voor het uitzicht
En dan stond er nog een bijzondere ervaring op het programma: de klokkentoren. Via een paar bijzonder smalle trappetjes ging de route steeds verder omhoog. Niet bepaald een trap waar je met twee personen gezellig naast elkaar naar boven wandelt. Maar eenmaal boven is het de klim meer dan waard.
De grote klok werd in 1949 geschonken in opdracht van het gemeentebestuur van Assendelft. De namen van vier betrokkenen staan op de klok. De voorganger van deze klok was tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitsers weggehaald om er kogels van te maken.
Nog een smalle trap hoger werd het mechanisme van de wijzers zichtbaar. Verder omhoog kon de spil van de klok worden bekeken. En wie even door een raam naar buiten keek, kreeg als bonus een prachtig uitzicht over Assendelft.
Een kijkje dat je niet iedere dag krijgt. In totaal beklommen tijdens de zaterdag zo’n zestig bezoekers de klokkentoren.
Vragenlijst
Voor het laatste monument werd het Raadhuis van Assendelft aan de Dorpsstraat aangedaan. Daar waren het Historisch Genootschap Assendelft en de werkgroep Monumenten en Educatie actief.
Bezoekers konden dit jaar opnieuw hun monumentenkennis testen met een vragenlijst. Deelnemers die tijdens hun fietstocht de hoogste score behaalden, maakten kans op een kleine attentie.
En natuurlijk waren niet alle antwoorden zomaar online te vinden. Een paar vragen waren speciaal bedoeld om de echte monumentenkenners eruit te pikken.
Er waren vijftig vragenlijsten uitgezet. Omdat de meeste mensen met z’n tweeën of drieën op pad gingen, waren er op zaterdag naar schatting zeker honderd fietsende deelnemers. Het Historisch Genootschap doet al sinds 2008 mee met de Open Monumentendagen.
Nog even het raadhuis in
Nu je toch binnen bent, is een kleine rondleiding natuurlijk moeilijk te weerstaan. Ook in het raadhuis bleek de geschiedenis overal om je heen zichtbaar.
Zo is de raadzaal nog altijd beschikbaar voor huwelijken. Ook is de statige kamer van de laatste burgemeester van Assendelft, Jan de Boer, te bewonderen. Hij bleef burgemeester tot 1971 en was de derde generatie burgemeester binnen zijn familie: na zijn vader en grootvader.
Het gemeentehuis zelf werd in 1898 gebouwd. Een grappig detail zit in de trap. De architect tekende die pas later in het ontwerp, waardoor de trap behoorlijk laag uitvalt. Lange bezoekers doen er goed aan om onderweg even op hun hoofd te letten. Vooral in de bocht naar boven is bukken geen overbodige luxe.
Volgend jaar weer
Er waren nog meer monumenten te bezoeken, maar de klok tikte ondertussen richting 16.00 uur. Tijd om de monumentenjacht voor dit jaar te beëindigen.
Van een voormalige school en een kerk tot een klokkentoren en een oud raadhuis: Assendelft bleek tijdens deze veertigste Open Monumentendag genoeg verhalen achter de deuren te hebben.
En voor wie na dit weekend nog niet alles heeft gezien? Geen paniek. De monumenten lopen gelukkig niet weg.
Volgend jaar is er gewoon weer een nieuwe kans.






Meer nieuws uit Zaanstad?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie